Zakenbanken tonen veerkracht

Er wordt gezegd dat kakkerlakken misschien de enige diersoort zijn die een wereldwijde kernoorlog zouden kunnen overleven. Wall Street is het afgelopen jaar even goed bestand gebleken tegen wat velen zagen als het Armageddon van de financiële sector.

Ondanks de teloorgang van de zakenbanken Bear Stearns en Lehman Brothers, de problemen van megabanken als Citigroup en Bank of America, en het vrijwel opdrogen van de kredietmarkten, weigeren zakenbanken capaciteit in te leveren.

Het saneren van schuldposities kan leiden tot de inkrimping van de gezamenlijke bezittingen van de sector – voor een tijdje. Maar voor iedere firma die kopje-onder is gegaan, is een nieuwe concurrent op het toneel verschenen, gelokt door de aantrekkelijke vergoedingen die gepaard gaan met het adviseren over fusies, de handel in effecten en het waarborgen van emissies. De plaats van Lehman is zelfs ingenomen door maar liefst twee nieuwkomers, en de ondergang van Bear Stearns heeft een aantal divisies van redder JPMorgan geen windeieren gelegd.

Net als in de autosector, waar de fabrieken ondanks de sanering van General Motors en Chrysler nog steeds te veel auto’s produceren, kan de overcapaciteit in de banksector de kiem leggen voor toekomstige financiële problemen. Ambitieuze nieuwkomers zorgen er van oudsher voor dat de salarissen over de hele linie omhoog worden geboden, en ze ondermijnen dikwijls de bestaande prijsstructuur om opdrachten naar zich toe te kunnen trekken.

Wells Fargo is de jongste debutant. De in San Francisco gevestigde bank was er trots op bij de leest te zijn gebleven, door via haar filialen spaarproducten te verkopen, conservatief te lenen aan lokale bedrijven en hypotheken te herfinancieren. Ooit verklaarde de bank dat alles aan de overzijde van de Mississippi net zo goed in China zou kunnen liggen.

Nu heeft de bank plannen bekendgemaakt om de tweederangs Wall Street-activiteiten, die zij naar zich toetrok door Wachovia van de ondergang te redden, uit te bouwen. Topman John Stumpf pochte begin deze week: „We hebben een enorme kans om een van de grote, op de klanten gerichte zakenbanken van het land te worden…”

Het optuigen van Wells Fargo Securities zal kostbaar zijn. Hoewel zij nooit tot het topechelon heeft behoord, is de divisie van Wachovia een jaar geleden van de 12de naar de 15de plaats geduikeld op de door Dealogic bijgehouden ranglijst van mondiale zakenbanken, en haar marktaandeel is met een kwart gedaald naar een magere 1,4 procent.

Om de uitgebreide klantenbasis producten met een hogere marge als adviezen over fusies en het waarborgen van aandelenuitgiftes te kunnen bieden, moet de bank in de sector investeren en bankiers gaan inhuren. Het probleem is dat hoewel er door de crisis meer talent beschikbaar is, Wells Fargo niet de enige is die naar de gunsten van deze bankiers zal dingen.

Er zijn maar liefst twee kandidaten voor de overname van het terrein dat door het faillissement van Lehman braak is komen te liggen, en zij zijn bereid om daarvoor flink in de buidel te tasten. Barclays Capital heeft de Amerikaanse divisie van Lehman Brothers gekocht en Nomura de Europese en Aziatische activiteiten.

Maar om hun klanten mondiale oplossingen te kunnen bieden, moeten beide hun armslag vergroten. Voor BarCap betekent dat dure bankiers in Londen en Hongkong inhuren, en voor Nomura het vullen van gaten in New York.

Net als kakkerlakken kunnen Wall Street-namen komen en gaan, maar sterven ze zelden helemaal uit.

Rob Cox