De dode beesten terug in de stad

Een varken op een balkon, dat brokjes kant- en klaar mensenvlees krijgt gevoerd.

Kunstcentrum Stroom in Den Haag toont kunst die ‘de visie op voedsel verrijkt’.

Foodprint is gericht op verschillende domeinen waarin voedsel een rol kan spelen, zoals religie, politiek, symboliek. Foodmaster van Atelier Van Lieshout. tentoonstelling ‘Foodprint’ . Kunstcentrum Stroom in Den Haag toont kunst die ‘de visie op voedsel verrijkt’.

Nederlanders eten jaarlijks 676,5 miljoen kilo vlees. Dat betekent dat iedere Nederlander elk jaar zo rond de 40 kilo dier naar binnen werkt.

Toch weten de meeste stedelingen weinig af van de in glimmend plastic verpakte plakjes boterhamworst die ze bij de kassa afrekenen, denkt kunst- en architectuurcentrum Stroom Den Haag. Het proces van vetmesten, slachten, verwerken, verpakken, en distribueren speelt zich buiten de stadswereld af. Daar wil Stroom verandering in brengen. Zij openden deze week de tentoonstelling Foodprint: het begin van een twee-jarig programma over de invloed van voedsel op de stad.

De vraag is echter waarom deze bewustwording zo belangrijk is. Waarom kunnen boeren niet gewoon boeren blijven, en Big Mac-eters Big Mac-eters? „Omdat je met je voedselkeuze ook maatschappelijke beslissingen neemt”, zegt Arno van Roosmalen, directeur van Stroom Den Haag. „Als jij kiest voor de kiloknaller, een abstract stukje roze vlees in een cellofaantje, kies je ook voor de slechte leefomstandigheden van het varken. We willen niet preken voor veganisme, maar we willen mensen bewust maken van het feit dat voedsel meer is dan eten en drinken.”

Van Roosmalen haalt het voorbeeld aan van de Britse stad Middlesbrough. Die dreigde een aantal jaar terug een food desert te worden, waar geen vers voedsel meer te krijgen was. „Dat was een extreem voorbeeld van wat er gebeurt als mensen niets over de herkomst van voedsel weten”, legt Van Roosmalen uit. „Het was zo erg dat de levensverwachting van de inwoners daalde. Toen besloot een groep kunstenaars via hun werk aandacht te vragen voor voedselproductie, zodat de mensen in Middlesbrough zich bewust werden van wat ze aten. Dat werkte zo goed dat de overheid het overnam.”

Foodprint probeert hetzelfde nu in Nederland. De tentoonstelling is ingericht in een kale lange ruimte. Het doet haast denken aan – hoe toepasselijk – een slachthal.

Helemaal achteraan lijken inderdaad kadavers te hangen. Aan de voeten gebonden bungelen ze aan ijzeren stellages. Opengespleten, met de ingewanden eruit hangend. Van dichtbij bekeken blijken het echter geen varkens te zijn. En ook geen koeien. Het zijn mensen. De ‘lijken’ worden ingevoerd in een grote machine, gemalen, ontdaan van lichaamssappen, gesteriliseerd en komen er als kant-en-klare brokken varkensvoer uit. In deze lugubere installatie van Atelier Van Lieshout wordt de mens onderdeel van de geïndustrialiseerde voedselketen die hij zelf heeft bedacht.

In een nis van de hal staat de installatie Melting Pots van Raul Ortega Ayala. De bezoeker loopt door een wit doolhof. Plaatjes van de ineenstortende Twin Towers hangen aan de muren. Om de hoek wordt een video getoond van een metaalsmeltoven. Wat heeft dit met eten te maken?

In de volgende ruimte staat een afgekloven buffet vol glimmende potten, pannen en schalen. In de laatste gang valt het kwartje: de kunstenaar vertelt het verhaal van het metaal van de ingestorte Twin Towers. Kranten vertelden destijds dat het zou zijn omgesmolten tot eetgerij.

En dan om de hoek in een aparte ruimte, een witte tegelvloer. Gemaakt van suiker. Monument of Sugar werd bedacht door Lonnie van Brummelen en Siebren de Haan. De kunstenaars kwamen erachter dat de Europese Unie suikeroverschotten uitvoert naar andere landen, zoals Nigeria. Daar kunnen de suikerboeren onmogelijk concurreren met de goedkope, gesubsidieerde Europese suiker. Als reactie besloten Van Brummelen en De Haan de Europese suiker op te kopen en terug te schepen naar Nederland. Om de Europese handelsbarrières te omzeilen voerden ze de suiker in als ‘monument’. Hun werk toont dus, samen met een film over hun reis, de verborgen oneerlijkheden van de internationale voedselhandel.

De tentoonstelling laat niet alleen kunst, maar ook concrete plannen zien. Zoals het ontwerp van architect Winy Maas voor een varkensboerderij in hartje Den Haag. Tot de Tweede Wereldoorlog was het heel gewoon om in de stad een eigen huisvarken te hebben, maar sindsdien zijn stad en platteland volgens Foodprint steeds meer uit elkaar gegroeid. Maas ontwierp verschillende opties voor een stadsboerderij, waar zo’n 200 zeugen zouden moeten leven. Met een pig balcony tower bijvoorbeeld, waar de varkens mooi uitzicht zouden hebben. Of een pig bridge, waar de Hagenezen op zouden kunnen recreëren terwijl de varkens achter glas worden gehouden. Alle ontwerpen leveren energie aan een deel van de woonwijk door mest te vergisten.

Met de uiteenlopende kunstwerken pakt Foodprint een heel breed onderwerp aan. Daardoor is het soms lastig om de samenhang te zien. Van Roosmalen zegt daarover: „De tentoonstelling is opgezet vanuit zeven thema’s: domeinen waarin voedsel een rol kan spelen, zoals religie, politiek, symboliek. Maar in de tentoonstelling hebben we dit niet heel prominent teruggebracht. Iedereen is vrij om ervan te maken wat hij of zij wil. Zolang je visie op voedsel maar verrijkt wordt.”

    • Maite Vermeulen