Sterke amateuracteurs van 9 tot 76

Regisseur Lotte van den Berg maakt in Dordrecht de voorstelling ‘Het verdwalen in kaart’. Met 72 amateurs die elkaar nog niet kenden.

Scène uit 'Het verdwalen in kaart' (Foto Johannes van Assem) foto Johannes van Assem 01-07-2009, dordrecht dordrechtenaren spelen mee in een toneelstuk geregisseerd door Lotte van den Berg. Assem, Johannes van

„Maak je geen zorgen. Als je de scène ziet, weet je weer wat je moet doen”, zegt regisseur Lotte van den Berg vlak voor de voorstelling tegen één van de spelers. Ze staat aan het hoofd van een tafel met kinderen, vrouwen en mannen. Flexibiliteit en geduld zijn cruciaal in het werken met 72 amateurs. Voor vanavond heeft Van den Berg vijftig mensen om de voorstelling Het verdwalen in kaart op te voeren.

Het gezelschap OMSK staat voor het eerst in eigen huis, het Energiehuis in Dordrecht. Van den Berg is de drijvende kracht achter OMSK, uitvalsbasis voor een diverse groep kunstenaars. Die ging de afgelopen maanden op verkenning in Dordrecht en maakte een voorstelling, foto’s, installaties en tekeningen over de eerste ontmoeting met een nieuwe stad.

De acteurs voor de voorstelling, veelal amateurs, komen uit Dordrecht. Van den Berg benaderde ze op straat of via advertenties. „In het stuk gaat het over de eerste ontmoeting. Daarom vond ik het belangrijk dat iedereen hier alleen kwam.” Wat is een gemeenschap? Wat betekent het omringd te worden door vreemden? Naar de antwoorden op die vragen gingen Van den Berg en spelers op zoek.

Actrice Hildegard de Graaf legt uit hoe de spelers elkaar leerden kennen in de speltraining die Van den Berg zeven weken lang gaf. „Lotte liet ons elkaar ‘ontmoeten’ door scènes uit ons eigen leven te spelen.” Zo moesten de acteurs laten zien hoe ze op een trein wachten, of hoe ze naast een vreemde op een bankje zitten. Maken ze contact, en zo ja: op welke manier? De Graaf: „Hierdoor ben ik me bewust geworden van het snelle oordeel dat ik heb over mensen en mijn gedrag tegenover anderen.”

Eenmaal op het toneel verschijnen de acteurs in kostuums. Pippi Langkous, een holbewoner, de leeuwenkoning. Er wordt niet gesproken maar gewerkt met sterke beelden, die Van den Berg ontwikkelde tijdens de repetities met de spelers. Zo ziet het publiek de spelers die om de beurt gaan liggen en door de anderen worden ingepakt in plastic, alsof het lijken zijn. Tot er nog één iemand over is en naar de ingepakte lichamen staart.

De scènes worden van bovenaf opgenomen en op twee beeldschermen vertoond. De spelers hoeven niet te ‘acteren’ maar moeten handelingen uitvoeren. Van den Berg: „Je kunt tegen iemand zeggen dat hij ‘verdrietig’ moet spelen, je kunt ook zeggen „buig je hoofd en loop langzamer.”

De jongste acteur is negen, de oudste 76. Hij „geniet van het contact met mensen met wie hij normaal niet snel zou omgaan”. Ook vreemden vormen een gemeenschap, zegt Van den Berg. „Je bent altijd ergens met bepaalde mensen. De eerste ontmoeting vindt constant plaats en is bepalend voor het contact met de ander.”

T/m 12/7 in Energiehuis Dordrecht, Noordendijk 148. Kaarten via schouwburg Kunstmin.