Ook als je geen Tour fietst moet je de brug over kunnen

In het plan moeten fietsers van negen meter boven water afdalen naar straatniveau.

Veel bewoners noemen het voorstel ‘idioot’ en ‘bezopen’.

Het is een oude wens van de Utrechtse politiek om een fietsbrug te bouwen tussen het nieuwe stadsdeel Leidsche Rijn en de huidige stad. „We bouwen een wijk ter grootte van Leeuwarden. Maar die is van de rest van de stad gescheiden door een rijksweg en een kanaal. Een fietsbrug kan de barrière slechten”, zegt Aad Keyzer, ‘programmamanager bereikbaarheid’ van de gemeente.

Onlangs zijn voorlopige ontwerpen gemaakt voor de brug over het Amsterdam-Rijnkanaal. In de directe omgeving zijn al wel twee bruggen waarover gefietst kan worden. Die liggen twee kilometer uit elkaar en dat noopt veel Leidsche Rijners tot een omweg. Het aantal fietsers over die bruggen is de afgelopen drie jaar al wel fiks gestegen, maar de gemeente denkt dat een nieuwe brug nog meer mensen kan verleiden.

Er zijn tekeningen gemaakt van hoe de fietsbrug in de wijk Oog in Al zou kunnen aanlanden. Ter hoogte van het Victor Hugoplantsoen en twee basisscholen. Geen sinecure, want de fietsers moeten van negen meter boven het kanaalwater afdalen naar straatniveau. Een steile helling is geen optie. Aad Keyzer: „Je moet geen Tour de France-renner zijn om van de brug gebruik te kunnen maken.”

Er zijn voorzichtige berekeningen gemaakt. Met een als normaal beschouwde helling van 3 tot 4 procent zou de brug ruim tweehonderd meter de wijk insteken. Dat is te ver. Moeten de basisscholen worden gesloopt? Dat willen burgemeester en wethouders niet. Zou de hellingbaan op pylonen „als een wokkel” ter hoogte van de schoolpleinen kunnen worden gebouwd waarbij een gymzaal wordt gesloopt?

Het zijn maar ideeën. Net zoals de ‘houtskoolschets’ van een hellingbaan die „meanderend” door het plantsoen naast de scholen sleept, een ontwerp waarbij je wellicht ook dit plantsoen zou kunnen „opwaarderen”.

Burgemeester en wethouders hebben nog geen besluit genomen. Voor de overzijde, aan de kant van Leidsche Rijn, is het bestemmingsplan gewijzigd om de bouw van een brug mogelijk te maken. „Maar dat betekent niet dat de brug er ook komt”, zegt wethouder Ingrid de Bondt (VVD). Ze spreekt in een schoollokaal dat uitpuilt met bezorgde omwonenden.

De Bondt: „We hebben een voorstel om een brug hier aan te landen. Maar als u het en masse geen goed idee vindt, dan zouden we knettergek zijn om daar niet naar te luisteren.”

Gelukkig, denken de meesten van de ruim honderd aanwezigen. Onderling noemen velen het plan „idioot”, „waanzinnig” of „bezopen”. Arjenne Heins is lid van de ouderraad van Montessorischool, waar de fietsers straks langs scheren. Ze zegt: „De meeste mensen maken zich zorgen om de veiligheid, als hier straks elke dag 3.500 fietsers naar beneden suizen en samen komen met 250 kinderen en hun ouders. We maken ons ook zorgen over het park, waar zo veel gebruik van wordt gemaakt. Waarom moet je daar doorheen meanderen?”

Een constructie op palen trekt bovendien hangjongeren aan en nodigt uit tot criminaliteit. Waarom, vinden bewoners, zou een gemeente in deze moeilijke economische tijden ruim 20 miljoen euro uitgeven aan een fietsroute?

De bezoekers van de informatieavond willen nut en noodzaak nog weleens onderzocht zien. Voorzitter Jaap Bolhuis van de actiegroep Ronduit Weg: „Het zou zonde zijn om niet te onderzoeken hoeveel mensen er straks op die eenzame brug fietsen. We zijn graag bereid om het bedrag voor de fietsbrug te schenken aan de gemeente om bijvoorbeeld het muziekcentrum te redden.”

Mocht uit onderzoek onverhoopt blijken dat de brug er toch echt moet komen, stelt bewoner Jan Erik Grunveld, „dan moeten we als de wiedeweerga op zoek naar een andere plek waar hij aanlandt”. De brug kan wat hem hem betreft honderdvijftig meter noordelijker aanlanden, bij Sportpark Marco van Basten, waar fietsers hun route „veel logischer” naar het centrum van de stad kunnen vervolgen. Of laat een pontje varen. „Dat kan op zonne-energie werken. Daar kan de gemeente goede sier mee maken.”

Wethouder Ingrid de Bondt bezweert dat ze rekening houdt met alle bezwaren. „Is het nuttig om hier je geld aan uit te geven? Dat moeten we onderzoeken. En is dit dan de meest logische plek? Dat is nog steeds de vraag. Zorgvuldigheid staat voorop.”