Levendige stad met zuidelijke mentaliteit

Deze zomer overnacht nrc.next wekelijks in een plaats die je op weg naar je vakantie alleen maar passeert.

De tussenstop wordt eindstation. Deze week: Luik.

Aan de Maasoever in Luik, afgelopen zaterdag, 15.40 uur. Foto Anke van Iersel Iersel, Anke van

Na Luik begon vroeger de vakantie. Bedompte wegen, grauwe viaducten, en een dikke file langs de Maas. Pas als de stad verdween in de achteruitkijkspiegel waren we onderweg. In 2001 werd een nieuwe ringweg geopend. Dwars door Luik rijden hoeft niet meer. Maar hoe ziet die stad er nu eigenlijk uit? Wie wonen daar? En moeten we er naartoe?

13.09 uur

Op het station van Maastricht kijken ze in ieder geval op van mijn reisbestemming. Een kleine boekhandel heeft boeken over China, Griekenland, Cuba en Maastricht. Luik, daar vraagt niemand om.

Een keer in het uur vertrekt hier de stoptrein richting Brussel. Je boemelt via Visé naar Bressoux om na dertig minuten te stoppen op station Liège-Guillemins. Het glooit er. Langs het spoor staan vakwerkhuisjes. Franse rap dreunt uit auto’s.

14.02 uur

Vanaf het station neem je bus 1 of 4 richting het centrum. De beste plaats om uit te stappen is Place Saint Lambert. Midden op het plein stond vroeger een kathedraal, nu cirkelen bussen onafgebroken rond een kleine fontein. De straten zijn zwart, het stinkt en het is er smerig warm. Dit is het hart van de stad. De belangrijkste bezienswaardigheden bereik je vanaf hier te voet.

14.30 uur

Een stuk over Luik zou natuurlijk kunnen gaan over de mannen die er slapen op straat, over de Rue de la Cathédrale, waar etalages zijn afgetimmerd en auto’s zonder nummerbord rondcrossen. Over Luik als ‘Palermo aan de Maas’, in 2005 benoemd tot crimineelste stad van Europa. Over een opstootje in Rue Florimont waarbij een van de mannen zijn broekriem op de rug van een ander laat kletsen.

Maar dat zou niet eerlijk zijn. Want al slingerend door de winkelstraten rondom de Place Saint Lambert zie je óók een heel ander Luik. Een stad waar mannen elkaar met een zoen begroeten, geluncht wordt met een glas wijn, en het stikt van de praatgrage mensen.

16.00 uur

Omdat ik maar een etmaal de tijd heb vraag ik Lieve Loyens (49) om hulp. Lieve komt uit Vlaanderen, maar woont al drie jaar in Luik. Vrienden en familie begrepen niets van haar verhuizing. „Een Vlaamse in Wallonië, dat is zeer ongebruikelijk.” Bovendien hebben die vrienden dezelfde vooroordelen als ik.

Omdat Lieve zich thuis voelt in deze „levendige stad”, met „Zuiderse mentaliteit”, besloot ze de sceptici te overtuigen met haar persoonlijke weblog over Luik. „Mensen zijn hier anders dan in Vlaanderen, spraakzamer, ze houden van een glaasje, bourgondisch noem ik het.” Omdat we elkaar niet kunnen treffen vandaag stuurt Lieve me tips per mail (een internetcafé zit op de Rue Saint-Gilles).

Voor de juiste eerste indruk stuurt ze me naar La Brasserie op Place de la Cathédrale. Goede salades, hartje centrum.

17.30 uur

Ten oosten van het centrum liggen volgens Lieve enkele bijzondere ‘impasses’, oftewel doodlopende straten. In de Rue Hors-Château, direct naast huisnummer 35 vind ik een smalle doorgang. Via een tunneltje kom je achter de eerste huizenrij terecht. Het is er muisstil. Lieve Loyens: „In de impasses woonden vroeger vooral arbeiders van de mijnbouw- en staalindustrie. Destijds was het er unheimisch heb ik me laten vertellen, geen mens die er ’s nachts rond wilde lopen.”

Inmiddels zijn het gewilde plekken om te wonen. De slingerende steeg met aan weerszijden kleine huisjes, komt uit op een gedeelde binnenplaats. Bloemen, een kleine vitrine met Mariabeeld, een boomhut, en een vuurplaats. Hier is Luik pittoresk, autovrij en knus. Vijftig meter verderop ligt de volgende impasse.

19.15 uur

Terug in het centrum. Op de Boulevard de la Sauvenière staat een kleine man – ruitjesblouse, trui losjes om de schouders. Hij wacht op een collega. Ondertussen wil hij graag iets vertellen over Luik. Vier dingen zegt hij: Metaal. Studenten. Wafels en Peket. Om kennis te maken met het echte Luik drink je de Luikse jenever in La Maison du Peket. „Meer dan honderd soorten.” En ga daarna eten in Café Lequet. Luikse ballen, met friet.

20.00 uur

In dat oudste restaurant van Luik zijn de dames in de bediening nors. Je schuift er aan lange tafels, en kiest voor de specialiteit: boulets met frites (6,30 euro voor één bal, 8,30 euro voor twee). De beroemde Luikse gehaktballen met lichtzoete saus worden gebakken door een kok die al sinds zijn twaalfde in de keuken staat. Ze zijn goed, vet en staan snel op tafel.

21.30 uur

Rond half tien is het afgeladen in de wijk Le Carré. Dit is het autovrije uitgaanscentrum van Luik. Buiten slibben de steegjes dicht, het einde van het studiejaar wordt uitbundig gevierd. Binnen in Les Trois Rivières staat het blauw van de rook. Praten lukt er niet zo goed, rond de draaitafels van een enthousiaste dj wordt voorzichtig gedanst.

22.10 uur

Even verderop in de Rue Tête de Boeuf is de stemming uitbundiger. Bar La Guimbarde heeft karaoke-avond. En dat trekt publiek. Brullend grijpen twintigers elkaar bij de schouders. Hier geen Abba. Zelfs geen Michael Jackson. Luikse jongeren zingen het liefst gewoon Frans.

1.25 uur

Echt gedanst wordt er pas later op de avond, in café Le Cuba’r. Op een verhoogde dansvloer achterin de zaak worden wekelijks cursussen salsa gegeven, en dat zie je. Hier zijn de cursisten ook in hun vrije tijd te vinden. Erg de moeite waard.

2.30 uur

Kebab voor het slapen gaan – op de hoek van de Rue des Célestines en de Rue du Pot-d’Or.

10.00 uur

Met nog maar een paar uur Luik te gaan, besluit ik de musea links te laten liggen. Via de winkelstraat Rue de la Cathédrale, waar radio nostalgie door de boxen schalt te voet oostwaards. Opvallend hoeveel mooie panden er in Luik staan, hoe snel lelijke hoekjes er worden afgewisseld met knusse steegjes. De stad van de tegenstellingen, noemt de gemeente het zelf. En terwijl ik goedkeurend voor zo’n stadspand sta te dralen, tikt een man me op de schouder. Doorlopen, gebaart hij. Hier kruis ik de Luikse tippelzone.

12.15 uur

Een goede plek voor ontbijt, lunch, of een laatste kop koffie in Luik is het bakkertje op de Rue du Palais: Le temps des cerises. De koffie wordt er met liefde en chocoladesnippers bereid.