Een ongemakkelijke waarheid

Hij heeft Al Gores film over klimaatverandering, An Inconvenient Truth (Een ongemakkelijke waarheid), geproduceerd. Dankzij zijn inspanningen werd die documentaire – niet meer dan een veredelde lezingencyclus van een weinig fotogenieke politicus op zijn retour – een megahit. Al Gore won er mede de Nobelprijs mee. Als er een Nobelprijs bestond voor publiciteit, dan zou hij deze moeten krijgen: de man achter de filmmaatschappij Participant Media, Jeff Skoll, tevens oprichter van eBay.

Nu maakt hij zich op voor een tweede wereldsucces: de lancering van Food, Inc. Deze film over voedselproductie, onder regie van Robert Kenner, is vorige maand grootschalig in de bioscopen in de VS uitgekomen (al eerder is hij op enkele festivals vertoond). Bij de intensieve mediacampagne hoort een gids over ‘Hoe industrieel voedsel ons zieker, dikker en armer maakt’. Die titel is veelzeggend, de reacties zijn tot nu toe bijna allemaal zeer lovend. Zo schrijft de invloedrijke columnist Nicholas Kristof in The New York Times (21 juni) dat de documentaire „terrific” en „powerful” is, en voegt hij toe: „Wees gewaarschuwd dat je daarna een week lang misschien niet meer wilt eten.” De industrie heeft er voornamelijk het zwijgen toegedaan.

Food, Inc. is gebaseerd op de boeken van Eric Schlosser en Michael Pollan. Beiden schreven uitgebreid en uiterst kritisch over de moderne landbouw- en voedingsindustrie en zij treden zelf op in de film. Hun methode komt erop neer dat zij hun oprechte zorgen over de voedselindustrie en hun eigen observaties (in slachthuizen, restaurants enzovoorts) verpakken in een stamppot van overdrijving en onzorgvuldigheid, met meer dan een vleugje demagogie.

Een voorbeeld. Aan het begin van Food, Inc. stelt Michael Pollan dat de manier waarop we eten in de laatste vijftig jaar meer veranderd is dan in de voorafgaande tienduizend jaar. Dat klinkt overtuigend, zeker als voice-over bij indrukwekkende beelden van overvolle supermarkten en onafzienbare maisvelden. Maar is het waar? Zelfs als we daar geen ingewikkelde berekeningen op loslaten, dan springen ogenblikkelijk enorme historische veranderingen in het oog die veel ouder zijn dan vijftig jaar. Aardappels, rijst, tarwe, om nog maar te zwijgen van koffie, koeien of fruit: er is bijna geen product in de wereld dat geen deel heeft uitgemaakt van een of meerdere golven van mondialisering, vanaf het Tweestromenland en de Zijderoute via de ontdekking van de Nieuwe Wereld tot de koloniale tijd. Om nog maar te zwijgen van de geleidelijke uitvinding van de landbouw zelf en de ontwikkeling van voedselproductie- en verwerking, van brood tot bier en van pekelvlees tot kunstvlees. Afrika is grotendeels afhankelijk van voedsel dat zijn oorsprong niet op dat continent heeft (cassave, tarwe, mais, rijst) en dat de afgelopen eeuwen daarheen is gebracht. Wel kunnen we constateren dat de snelheid van de veranderingen in de laatste vijftig jaar geweldig is toegenomen, maar dat is wel een andere constatering. Zo blijkt een prikkelende bewering te berusten op drijfzand en geen enkele verheldering te geven.

Hetzelfde recept gold ook voor Al Gore. An Inconvenient Truth bevat talloze fouten. Zo suggereerde Gore ten onrechte dat de zeespiegel op korte termijn met zes meter zou stijgen en dat de bewoners van atollen in de Stille Zuidzee nu al voor het water zijn gevlucht. Een Britse rechter verbood zelfs de vertoning op scholen wegens het misleidende karakter van de film. Toch heeft dit alles niets aan het commerciële en politieke succes van de film afgedaan.

Het geval Al Gore vormt in mijn ogen een waterscheiding. Blijkbaar loont het om onzorgvuldig te zijn als je maar kunt bogen op zuivere intenties. Als de boodschap meer effect heeft dankzij demagogische middelen, dan heiligt het doel de middelen. Het zou me niet verbazen als er bij Food, Inc. sprake is van een vergelijkbare bewuste afweging. Men kan immers nog achteraf rectificeren. En trouwens, de industrie liegt nog veel erger, zo wordt in de documentaire gesuggereerd: „De industrie wil niet dat u de waarheid weet, want als u het wist, dan zou u [het] niet meer eten.”

Dit fenomeen doet zich niet alleen voor bij voedsel en klimaat, maar ook bij energie, gezondheid en ontwikkelingshulp. Deze maatschappelijke kwesties hebben gemeen dat ze zeer ingewikkeld zijn en geplaagd worden door wetenschappelijke onzekerheden. Die zitten deels in het feit dat de causale mechanismen nog onvoldoende begrepen zijn, maar vooral in de omstreden politieke consequenties die getrokken zouden moeten worden. Moeten we bijvoorbeeld nu wel of niet CO2 opslaan en genetisch gemodificeerde organismen verbieden? Is wereldhandel nu slecht of goed? De publieke mening wordt daarbij maar al te vaak gemanipuleerd door een eenzijdige voorstelling van zaken, halve waarheden en suggestief taalgebruik.

Uit deze manier van werken spreekt niet alleen een minachting voor het publiek. Er wordt zo ook een glijdende schaal geïntroduceerd waarbij de waarheid in dienst staat van een hoger doel. Felle kritiek leveren is een bewijs van ethisch handelen geworden, ongeacht de kwaliteit van de argumenten.

De ongemakkelijke waarheid is dat daarmee de waarheid zelf wordt opgeofferd. Zeer weinig intellectuelen en journalisten blijken bereid de kritiek zelf aan kritiek te onderwerpen. Want als je een geweten hebt, dan mag je niet de nodige nuance aanbrengen en zeggen dat modernisering en technologie niet per definitie fout zijn en juist ook veel goeds gebracht hebben. Dan zwijg je, om niet de verdenking op je te laden dat je geen hart hebt. Zo is een nieuwe tirannie ontstaan, die van de onweersproken kritische klasse. En dat is de meest ongemakkelijke waarheid.

Wilt u reageren? Dat kan op nrc.nl/fresco