De laatste reiniging

In: Rouwcentrum Waldeck in Den Haag

Dienst: Hindoeïstisch laatste afscheid voor crematie, de Antiem

Sanskaar

Ritueel kaalgeschoren zoons nemen met een Vedisch ritueel in Den Haag afscheid van hun overleden vader. (Foto Luciana Caputo) achterpagina rubriek hemel&aarde dinsdag 7 juli artikel: Anil Ramdas foto: we zijn in Rouwcentrum Waldeck in Den Haag. De meeste hindoes bengen kort na het overlijden de dode meestal over naar een uitvaartcentrum, waar men de faciliteiten heeft om rituelen uit te voeren, zodat er volgens de religieuze gebruiken vuuroffers gebracht kunnen worden. Bij de traditionele hindoes scheert de pandit bij de man het hoofdhaar op een klein plukje op de kruin na.ook draagt iedereen witte kleding, ook is tijdens de dienst de kist open. Foto: Luciana Caputo Caputo, Luciana

Men kent misschien het verhaal van de Indiër in Engeland die onlangs naar de rechter stapte, omdat hij een crematie in openlucht wilde, wat daar verboden is. Zijn theorie was dat zijn ziel, de ‘Atman’, het lichaam pas tijdens de verbranding verlaat om één te worden met God – en dat dit onmogelijk is als dat in een oven gebeurt.

In India denken veel mensen er ook zo over. Daar gaan ze zelfs een stap verder: het lichaam dient verbrand te worden op een zeer speciale plaats, namelijk in Varanasi, het vroegere Benares in Centraal-India, langs de oever van de heilige Ganges. Op die plek is de verbinding met God het kortst, vandaar.

Lang geleden heb ik Varanasi bezocht, een ervaring die je niet licht vergeet. Van heinde en verre worden de lijken aangevoerd, op open baren, gedragen door de mannelijke leden van de familie (vrouwen mogen niet aanwezig zijn bij de crematie). De lichamen zijn bedekt met oranjekleurig papier en bloemen, en onder het scanderen van „Ram naam Satya hai” (God Rama is de waarheid) naar de stenen verhogingen langs de oever gebracht, de zogeheten ‘Ghats’. Dat gaat oneindig zo door, dag en nacht, de dorpelingen hebben soms honderden kilometers te voet afgelegd.

Het is indrukwekkend, maar niet per se plechtig. Want bij aankomst worden de baren op de grond gelegd en gaan de dragers onderhandelen met de beheerders van de Ghats over de prijs van hout.

Er zijn drie categorieën: mooie rechte latten, wild uitziende takken, en verkoolde stukken die zijn overgebleven van een vorige verbranding. Na de onderhandeling gaan de mannen bij elkaar zitten om de muntjes die ze bij zich hebben te verzamelen. Als er zelfs voor de laagste categorie niet genoeg is, wordt gekozen voor de goedkoopste oplossing: de nabij gelegen elektrische oven. Met groot schuldgevoel, want de Atman zal gevangen blijven in de oven en de as die men meekrijgt ter verstrooiing in de Ganges kan van iedereen zijn.

In Suriname vindt de crematie ook plaats in de openlucht, op een plek die zeer poëtisch ‘Weg naar Zee’ wordt genoemd. Ik maakte er een keer vier verbrandingen tegelijk mee, maar het was net iets plechtiger. Het waren kisten, de brandstapels werden droog gehouden onder tenten, en alles gebeurde synchroon: vier priesters die helemaal op elkaar waren ingespeeld, op hetzelfde moment met hetzelfde gebed begonnen, dezelfde handelingen verrichtten, en op hetzelfde moment het vuur lieten aansteken. Vier zielen gingen tegelijkertijd naar God.

Maar het is een misverstand, legde een priester mij eens uit, de gedachte dat de Atman het lichaam pas bij de verbranding zelf verlaat.

Dat is al eerder gebeurd, tijdens het laatste vuuroffer, het allerlaatste gebed, het laatste afscheid, de zogeheten ‘Antiem Sanskaar’, wat letterlijk de laatste reiniging betekent.

In Nederland vindt dat plaats op een andere plek dan het crematorium, en wel in een rouwcentrum, zoals hier in rouwcentrum Waldeck in Den Haag. Een mooie, koele ruimte met in de grote zaal de kist met een oranje doek eroverheen, en een verhoging die doet denken aan een Ghat langs de Ganges, maar dan stijlvoller. De overledene is een voorname man, in leven gynaecoloog van beroep, van brahmaanse afkomst, de hoogste kaste in het hindoeïsme. Zijn zonen, van wie twee volgens traditie kaal geschoren, nemen plaats op de verhoging, de priester tegenover hen, maar ik zit wat ongunstig in het publiek en kan daarom niet zien wat er precies gebeurt. Maar ik kan het raden. Heel veel spullen worden uitgepakt, de zonen moeten ingewikkelde handelingen verrichten, op nauwkeurige aanwijzingen van de priester. Het is een wonderlijk gezicht, zelfs als je de details niet kunt zien: een oud Vedisch ritueel, dat al duizenden jaren wordt verricht, en hier in Den Haag opduikt, haast onveranderd, maar zoveel beschaafder en plechtiger dan waar het ooit begon. De diaspora heeft de Indiërs geen kwaad gedaan, zoveel is wel duidelijk.

Anil Ramdas bezoekt tweewekelijks een geloofsgemeenschap. Reacties en suggesties: ramdas@nrc.nl