Wielertechniek benadert Formule 1

In Monaco waren de rollen omgedraaid. Waar één keer per jaar Formule 1-auto’s racen, keek F1-kampioen Fernando Alonso bij de Tour zijn ogen uit.

Met een geïnteresseerde blik houdt de Spaanse F1-coureur Fernando Alonso tussen de auto’s van de Astanaploeg op de kade in Monaco een ultramodern fietswiel met acht dubbele spaken omhoog. „Het wielrennen begint steeds meer op Formule 1 te lijken”, zegt de man die in 2005 en 2006 wereldkampioen werd. „Net als bij een racewagen moet alles aan de fiets steeds lichter en aerodynamischer.”

Spaanssprekende onderhoudsmonteurs van Astana presenteren tijdens de openingstijdrit van de Tour de France vol trots de laatste technische snufjes aan hun beroemde landgenoot. De dichte wielen met zwart-geel motief van Lance Armstrong. De hoekige in plaats van ronde buizen van het frame. De derailleur van Sram, het merk waarin ‘The Boss’ zelf dit jaar miljoenen investeerde. En kijk, hier nog een wiel met zes spaken. „Nog lichter, maar niet sterk genoeg om vandaag op te racen.” Alonso fluit bewonderend tussen de tanden.

Zo streng als vooruitgang op medisch gebied wordt verboden, zo liefdevol omarmt de wielersport de technologische vernieuwingen. Sommige ploegen doen wat geheimzinnig over hun laatste ontdekkingen, anderen kiezen voor de commerciële waarde van publiciteit. Met een tijdrit in de Tour als prachtig podium. Geen tijdritfiets is hetzelfde. Kijk naar de gele trappers op de Cervélo-fiets van de vorige Tourwinnaar, Carlos Sastre. „Exclusief”, promoot fabrikant Rotor, afkomstig uit de MotoGP.

„Hier staat voor miljoenen euro’s aan fietsen”, zegt Berteld Dekker, sinds tweeënhalf jaar monteur bij de Nederlandse debutant Skil-Shimano. Niet voor niets kijkt hij tijdens het afstellen van de fietsen spiedend om zich heen. „Alle ploegen zijn als de dood dat materiaal wordt gestolen. Voor de ploegentijdrit [morgen in Montpellier] heeft iedereen nog meer fietsen mee dan anders. Wij hebben vijftien tijdritfietsen, achttien gewone fietsen en vijf losse frames. Zo’n fiets kost tegen de 10.000 euro.”

Laatste snufjes? „Wij hebben op alle fietsen een elektronisch schakelsysteem. Je schakelt met twee knopjes op de remgreep of het verlengde tijdritstuur. Zo hoeft de renner niet van positie te wisselen.” Via een batterij op het frame wordt de ketting automatisch op een ander tandwiel gelegd.

Zie de renners op hun exclusieve racekarretjes uit de van de Formule 1 bekende tunnel de haven in flitsen naar de finish. Hoor hoe de dichte achterwielen de lucht doorklieven. „Mooi om mee te maken”, zeg Alonso, in 2007 winnaar in Monaco. „Maar meer dan één keer moeten ze de Tourstart hier niet houden. Monaco is en blijft Formule 1.”