Nog steeds oogt hij alsde sterkste renner in de Tour

Teruggekeerde Lance Armstrong trekt meeste aandacht bij start van Tour.

En drie uur voor de proloog ontvangt hij Eddy Merckx.

Met beenspieren als staalkabels vertrekt Lance Armstrong voor de eerste etappe van de Tour – een tijdrit (geen proloog, die is maximaal 8 kilometer lang) over 15,5 kilometer. Foto AFP Seven-time Tour de France winner and Kazakh cycling team Astana (AST)'s rider Lance Armstrong of the United States starts competing on July 4, 2009 in the 15-km individual time-trial and first stage of the 2009 Tour de France cycling race run around Monaco. Armstrong clocked in 00:20:12. AFP PHOTO LIONEL BONAVENTURE AFP

Zaterdagmiddag vijf voor half vier. Alle hoofden draaien naar links op de Quai Antoine 1er in Monaco, waar de ploegbussen staan opgesteld voor de openingstijdrit van de Tour. Omzwermd door een horde cameraploegen, fotografen en supporters fietst Lance Armstrong naar de bus van Astana. The Boss is na vier jaar terug in de Tour, die hij tussen 1999 en 2005 zeven keer won.

Tien minuten later stapt hij, nog steeds gehuld in het geel-zwart van zijn eigen stichting Livestrong, naar buiten. Zijn speciale geel-zwarte tijdritfiets staat op de rollen klaar voor de opwarmsessie, blauw handdoekje over het stuur. Pers en publiek verdringen zich achter de afzetting van plastic linten. Dit is een unieke gelegenheid om in de tv-sport wielrennen een van de grootste helden minutenlang van dichtbij in actie te zien.

Wat een imponerende atleet, is de eerste indruk. Nog altijd ziet geen renner er sterker uit dan de 37-jarige Amerikaan. Benen als staalkabels, ingevet en bruin, precies in de juiste proporties. Bollende bovenbenen, toelopend naar de smalle knieën en dan weer boller in de gespierde kuiten. Zeer smalle enkels, nog smaller dan toen hij begin mei in de Ronde van Italië startte. Volledig afgetraind, ook armen en bovenlichaam. De aderen liggen er als slangetjes bovenop. iPod op, twee klappen in de handen en draaien maar. Al snel gutst het zweet van zijn gezicht.

Jarenlang was het een attractie voor de liefhebber om van dichtbij te zien hoe Armstrong zich minutieus voorbereidde op een tijdrit, die hij in bijna alle gevallen won. Zijn eigen kinderen konden langslopen, niets bracht hem uit zijn concentratie. Van minuut tot minuut lagen alle handelingen vast, van hemzelf en het personeel. Gelachen werd er zelden. Met die instelling hield hij de Tour de France zeven jaar in zijn greep.

Maar wat gebeurt daar, waagt zich een journalist binnen de afzetting? Vroeger ondenkbaar. Nu kijkt Armstrong op en lacht. Frankie Andreu, zijn oud-ploeggenoot met wie hij ooit ruziede over doping, mag best een paar vragen stellen voor de Amerikaanse tv-zender Versus. „Sure mate.” Er staat Livestrong op zijn microfoon, vandaar. Alles kan, alles mag. Drie uur voor de start ontmoette Armstrong nog in alle rust zijn vriend Eddy Merckx op zijn hotelkamer. Met een filmpje op Twitter als bewijs.

Ook ploegleider Bruyneel oogt ontspannen. De Belg komt nog even het parcours doornemen met zijn toprenner, vriend en zakenpartner. „A bit up and than left”, klinkt het met expressieve handgebaren. Het is toneel, leuk voor de tientallen camera’s. Of zou Armstrong het parcours al niet tot in de puntjes kennen? Hij blijft lachen, terwijl ploeggenoot Andreas Klöden zich anoniem door de menigte naar de bus worstelt. Klapje op de kont. „Klödi!”

Om hem heen is het een rommeltje. Zijn vaste mecanicien Chris van Roosbroeck verschijnt even binnen de afzetting, in een vaal shirt van Mellow Johnny’s Bikeshop, Armstrongs fietsenzaak in Austin. De Belg haalt nog even snel een bidonhouder van de fiets, dat scheelt gewicht. Oude truc. De Nederlandse oud-renner Rini Wagtmans houdt met de armen over elkaar toezicht namens de Kazachstaanse sponsors van de ploeg. „Livestrong mag als sponsoruiting, over de rest hebben we discussie.”

De Spaanse mecaniciens vormen een wereld op zich. In de Franse sportkrant L’Equipe klapt de Spaanse Astanarenner Benjamin Noval, afgevallen voor de Tourploeg, uit de school. „De sfeer is slecht sinds Armstrong bij de ploeg is gekomen. Er zijn clans binnen de ploeg. Het is de schuld van Bruyneel. Hij respecteert Contador niet.”

Armstrong ligt nergens wakker van. Hij baant zich een weg naar de start, onopvallende bodyguard en pr-man aan zijn zijde. De kilometerteller op nul, bij de start nog even een praatje met de Spaanse Formule 1-coureur Fernando Alonso. „Vier jaar geleden sprak ik Lance al eens”, zegt de tweevoudig wereldkampioen. „Een groot sportman, ik heb veel respect voor hem. Al ben ik natuurlijk ook voor m’n landgenoot Contador.”

Armstrong rijdt de snelste tijd tot dan toe, en oogt daarna in alle hectiek weer relaxed. Is Contador uiteindelijk 22 seconden sneller? Moet hij zijn ploeggenoten Klöden (4de) en Leipheimer (6de) laten voorgaan? Eindigt hijzelf als tiende? Niets krijgt hem uit zijn goede humeur. Armstrong 2009: wel topvorm, geen stress.

    • Maarten Scholten