Met heel ons hart en heel ons kunnen de kerk in

Veel minder mensen dan vroeger willen nog priester worden. De jonge broers Kessels zijn wel priester geworden. Maar van een roeping als bliksemflits was geen sprake.

De wijding van Marc Kessels eerder dit jaar. De wijding van Guido Kessels in 2008. Hij ligt links Foto Peter van Loenen De wijding van Guido Kessels in 2008. Hij ligt links (Foto Peter van Loenen)
En de wijding van Marc Kessels in 2009. Hij ligt eveneens links op de foto. (Foto Peter van Loenen) Hierbij de heden gemaakte opname van de wijdelingen Wison Varela en Marc Kessels, gewijd in de kathedrale kerk te Roermond door Mgr. Wiertz op 6 juni 2009 om 11.30u. Marc Kessels ligt links op de opname. Peter van Loenen. Copyright Fotostudio Pan Roermond.
Loenen, Peter van

Zeven jaar was Marc Kessels (29) toen hij op een ochtend op de rand van het bed van zijn ouders kwam zitten. „Mam”, zei hij, „eigenlijk kom jij pas op de derde plaats. Eerst Jezus, dan Maria, dan jij.” Moeder Kessels was erg verbaasd, weet hij nog. Het gezin uit Stramproy ging weliswaar elke zondag naar de kerk, maar dit soort teksten „werd niet met de boterhammen meegegeven”.

Maar Marc Kessels wist het zeker. In groep acht van de basisschool vulde hij een keer een vriendenboekje van een klasgenoot in. Wat wil je later worden? was een van de vragen. „Dierenarts of priester”, luidde het antwoord. Op de middelbare school was hij minder open. „Toen was het zaak om zo min mogelijk op te vallen.” Maar de wens bleef. Na de havo koos hij voor het seminarie.

Marc Kessels ontvangt met koffie en koek in de pastorie van de Annakerk in Maastricht, zijn dienstwoning. In een stoel zit zijn tweelingbroer Guido, óók priester. Guido Kessels woont en werkt in en rond het veertig kilometer noordelijker gelegen Linne. Beide 29-jarigen dragen het van een witte kraag voorziene zwarte ‘uniform van de Heer’.

Tot roeping gebeden, suggereren sommigen – maar de broers bestrijden dat. „Mijn ouders hebben ons nooit een bepaalde kant opgeduwd”, zegt Marc Kessels. „Ze wilden dat we gelukkig zouden zijn. Ze boden wel een luisterend oor. Maar altijd nadrukkelijk met de toevoeging: het is jouw keuze, jouw leven en jouw verantwoordelijkheid.”

Guido Kessels is tien minuten ouder dan Marc. Van een vroege roeping zoals bij zijn broer was bij hem geen sprake. Marcs liefde lag bij de natuur, Guido hield van techniek. Pas tegen de tijd dat hij zijn mts werktuigbouwkunde afrondde, stelde hij zich de vraag: is dit wat ik echt wil? Guido Kessels: „Ik heb altijd de stelregel aangehangen dat als je voor iets kiest, dat voor 100 procent moet zijn. En daar twijfelde ik over, zeker na enkele stages bij bedrijven.”

Terwijl Marc in die tijd al op het seminarie zat, was het priesterschap bij Guido „nog niet in beeld”. Dat idee begon pas te rijpen na een bezoek aan de Wereldjongerendagen in Rome in 2000. „Wat ik daar zag, was een enorm levende kerk: meer dan twee miljoen jongeren bij elkaar. De busreis terug viel me zwaar, er spookte van alles door mijn hoofd. Ik ben nog naar de introductiedagen van de hts geweest, maar aan het einde van die dagen had ik ontzettende hoofdpijn. Ik wist: ik zit hier verkeerd.”

Een ‘omweg’ als die van Guido Kessels is tegenwoordig min of meer gebruikelijk. Tieners die direct na hun eindexamen een toekomst als priester voor zich zien, zijn er bijna niet meer. Roeping, zegt Guido Kessels, is bijna altijd een geleidelijk proces. „Er is geen hallelujamoment of bliksemflits die uit de hemel op je neerdaalt.”

Hij werd uiteindelijk eerder gewijd dan zijn tweelingbroer: vorig jaar. Marc Kessels had de pech dat hij na zijn opleiding filosofie en theologie op het seminarie als diaken terechtkwam in een drukke parochie, zonder veel begeleiding. „Terwijl dat nodig is. Na een normale beroepsopleiding begin je ook niet met de allermoeilijkste klussen en krijg je tijd om rond te kijken. Door die situatie ging ik twijfelen tussen een leven in een priestergemeenschap of in een parochie.”

Hij koos het laatste. Begin vorige maand werd na negen dagen retraite (bezinning) ook Marc Kessels gewijd, in de kathedraal van Roermond. Zijn eerste mis diende Marc Kessels op in Stramproy. Onder begeleiding van de plaatselijke harmonie werd hij van het ouderlijk huis naar de kerk gebracht.

De Roermondse bisschop Frans Wiertz koos voor Marc Kessels’ wijding een passage uit het evangelie waarin joodse schriftgeleerden zich gedragen als verhevenen boven de massa. Nieuwe priesters mogen zich niks verbeelden, onderstreepte de bisschop in zijn preek. Ze moeten zich bewust zijn van hun voorbeeldrol. Dat betekent een sober leven, van niet bezwijken voor materiële en seksuele verleidingen.

„Ik ben natuurlijk niet blind”, zegt Marc Kessels. „Met een priesterwijding krijg je niet een aureooltje boven het hoofd. Beproevingen zijn er elke dag. Maar een huwelijk heeft ook zijn moeilijke momenten. Met de kerk als bruid is dat niet anders. Moeder Teresa zei: heb lief totdat het pijn doet.” Guido Kessels: „Priesters zijn ook mensen. Ze kunnen vallen. Maar het is net als met vallen als je fietst: je moet zorgen dat je weer snel in het zadel zit.”

Nederigheid is ook verweven in de rituelen tijdens de wijding: Marc Kessels lag minutenlang op de koude vloer van de kathedraal. Met alles wordt de wijdeling duidelijk gemaakt dat hij slechts een radertje is in een eeuwenoude wereldkerk. Hij dient absolute gehoorzaamheid te beloven aan het instituut. De bisschop sprak over „de orde van het priesterschap”. Als een soort ridderslag legde hij zijn handen op het hoofd van de nieuwe geestelijke. Dat gebaar werd daarna herhaald door een reeks van andere priesters.

De huidige tijd dwingt ook tot nederigheid. Vroeger behoorde een priester met de dokter en de notaris tot de notabelen. Tegenwoordig moet respect worden verdiend. „Een uitdaging”, vindt Guido Kessels. „Het betekent dat je met heel je hart en heel je kunnen priester moet zijn.” Niet boven, maar tussen de mensen staan. „Voor veel mensen ben ik niet meneer kapelaan, maar Marc”, zegt zijn tweelingbroer.

Er is meer veranderd. Het aantal gelovigen neemt zienderogen af, het aantal priesters zo mogelijk nog harder. Guido Kessels verricht zijn pastorale taken niet alleen in Linne, maar ook in Brachterbeek, Maasbracht en Stevensweert. Marc werkt in de binnenstadsparochie van de Sint Servaas en een grote parochie in Maastricht-West. Het zorgt voor overvolle agenda’s.

„Het gevaar bestaat dat je jezelf en de gelovigen voorbij holt”, weet Marc Kessels. Hij vindt dat de kerk geen sterfhuis mag zijn. „De belangrijkste taak voor de komende jaren is dat er een toekomstvisie komt. Anders werken we als veredelde begrafenisondernemers.”

De broers hebben wel ideeën. Maar daarover actief meedenken op het niveau van het bisdom of hoger, zien ze zichzelf niet doen. Marc Kessels: „Dat is echt iets voor de mensen aan de bestuurlijke kant.” Guido Kessels: „Wij kunnen wel zaken ergens neerleggen, maar tegelijkertijd hebben we gehoorzaamheid beloofd. Al te zeer meepraten betekent misschien ook dat je je invloed gaat overschatten – en later teleurgesteld raakt.”

Dezelfde gehoorzaamheid houdt de twee in Limburg. De missie trekt, maar de bisschop vindt dat hun taak hier ligt. Daar kunnen ze zich uiteindelijk in vinden. De wereld intrekken doen ze toch wel: een gezamenlijke vakantie lonkt. Ze gaan naar Italië.

    • Paul van der Steen