Meegevoerd in een orkaan van bloed en verminking

Evelio Rosero: De vertrapten. Vert. Jos den Bekker. De Geus, 159 blz. € 17,90 NRC Handelsblad

Evelio Rosero: De vertrapten. Vert. Jos den Bekker. De Geus, 159 blz. € 17,90

* * * *

Sinds de voormalige presidentskandidate Ingrid Betancourt bevrijd werd uit handen van de FARC, wordt er weinig meer bericht over de gijzelaars die door deze Colombiaanse rebellenbeweging worden vastgehouden. Toch moeten het er volgens de voormalige Colombiaanse senator Luís Eladio Pérez, zelf zeven jaar vastgehouden, duizenden zijn.

Wat de staat van permanente burgeroorlog in sommige delen van Colombia werkelijk zou kunnen betekenen, wordt indringend beschreven in de kleine roman De vertrapten van de Colombiaanse auteur Evelio Rosero. Het stadje San José waarin hij het verhaal laat spelen (op werkelijke gebeurtenissen geïnspireerd) lijkt aanvankelijk nauwelijks door de alomtegenwoordige dreiging geraakt. Het leven kabbelt er voort, terwijl de bejaarde onderwijzer Ismaël, door wiens mond het verhaal verteld wordt, zich overgeeft aan de onschuldigst denkbare ondeugd: het min of meer openlijk bespieden van zijn mooie buurvrouw, over de tuinheg.

Toch is het onheil permanent onderhuids aanwezig. Deze of gene is ‘verdwenen’, een ander ‘ontvoerd’, een derde zoekt wanhopig losgeld voor zijn zwangere vrouw die ergens in het oerwoud wordt vastgehouden en die – omdat het twee personen betreft – volgens een perverse casuïstiek dus een extra hoge som moet opbrengen. Geruchten over een naderende aanval doen de ronde en hier en daar vindt men gruwelijk verminkte slachtoffers van een vijand die nooit helemaal zichtbaar wordt.

In De vertrapten komt het geweld als een natuurramp over de bevolking heen. Wie precies verantwoordelijk is voor welke gruweldaad, wie wie precies bevecht: dat alles blijft vaag in de wervelstorm van bloed en verminking die ten slotte het stadje verwoest. De oorspronkelijke titel van het boek, De legers, maakt duidelijk dat dit er ook niet zoveel toe doet. Elke strijder is even wreed, ieder leven is even betekenisloos in de orgie van onmenselijkheid die geen steen op de andere laat.

Ismaël, die in de strijd zijn echtgenote verliest en het lijk van zijn mooie buurvrouw onteerd ziet worden, raakt er ten slotte het verstand bij kwijt. Mooi en te midden van zoveel geweld opmerkelijk ingehouden, laat Rosero de ontwrichting van de werkelijkheid en die van de geest van zijn hoofdpersoon gelijk op gaan. Juist in de afstandelijke en bijna laconieke toon waarmee hij Ismaël zijn verhaal laat vertellen, heeft deze korte maar indrukwekkende roman zijn grootste kracht en weet hij een maar al te alledaagse verschrikking een gezicht te geven dat men niet gemakkelijk vergeet.

Ger Groot