De verzamelde werken van de 12-jarige T.S. Spivet

De verzamelde werken van T.S. Spivet (uitgeverij Ailantus, € 22,50) van de jonge Amerikaan Reif Larsen (1980). NRC Handelsblad

Nerdachtige jongetjes die de wereld ontdekken en categoriseren, is dat niet een mooie basis voor een verkoopsucces? Neem Extreem luid en ongelooflijk dichtbij van Jonathan Safran Foer of Het wonderbaarlijke voorval met de hond in de nacht van Mark Haddon: populaire boeken en je zou verwachten dat dezelfde lezers kunnen vallen voor De verzamelde werken van T.S. Spivet (uitgeverij Ailantus, € 22,50) van de jonge Amerikaan Reif Larsen (1980).

In de VS werd het debuut van Larsen met veel bombarie gelanceerd. De Amerikaanse rechten werden voor 1 miljoen dollar aan de uitgever verkocht en de vertaalrechten werden vervolgens aan 21 landen verkocht, waaronder aan Nederland. En hier dus ook de nodige bombarie rondom het boek: dure folders met de slogan: De verzamelde werken van T.S. Spivet of hoe de 28-jarige debutant Reif Larsen de wereld veroverde met zijn fenomenale manuscript’, posters, ansichten, een aanbeveling van Willem Nijholt (die ongetwijfeld het boek zal voordragen als er een luisterboek van wordt gemaakt), stickers voor de boekhandels met goedbedoelde maar knullige teksten als ‘T.S. Spivet: een ander vaderdagboek’ of ‘T.S. Spivet: spannend, leuk met plaatjes’ of ‘T.S. Spivet: met Darwin en toch fictie’ en voorpublicaties die aantoonden dat er geen moeite was gespaard om het boek aantrekkelijk uit te geven. Tekst en tekeningen wisselen elkaar af, waarbij je dus roman en notitieboeken ineen krijgt.

Toch slaat het boek hier nog niet aan. En eigenlijk is dat niet zo gek. Het is namelijk geen eenduidig verhaal, maar het hangt ergens tussen spannend jongensboek, Teylers-museumcatalogus, nerd- cowboy en indianenboek in. Het idee is duidelijk – twee werelden van uitersten die samengebracht worden: schuldgevoel tegenover succes; het Wilde Westen tegenover de wetenschap aan de oostkust; ruwe bolster, wetenschappelijke pit – maar wat Larsen nu precies wil bereiken is onduidelijk. De stijl waarin het boek geschreven is, toont dat al meteen aan: de verteller is een weliswaar hoogbegaafde twaalfjarige, maar hij heeft de stijl van een universitair docent halverwege zijn pensioen. Maar los daarvan. Stel de opzet was: literair Darwinisme meets een crossover tussen fictie en non-fictie, dan had dat nog kunnen werken als selling point (dan had het accent wel meer moeten liggen op de non fictie en had er meer persoonlijke Darwin-tragiek in gemoeten).

Ondertussen wil Larsen echter ook de clichés over Amerika en het Wilde Westen ter sprake brengen, er snufjes Nabokov, Lewis Caroll, Dickens, de cartograaf Alexander von Humboldt, de onvolmaaktheid van de wereld, kunst en menselijke verhoudingen in kwijt. Dat is lovenswaardig, maar heeft natuurlijk ook iets gemakzuchtigs. Wie zoveel onderwerpen ter sprake wil brengen, is bevreesd daadwerkelijk iets te willen zeggen. En dat hebben Foer en Haddon dan ook voor op Larsen. Zij waaierden minder breed uit – en gingen dieper.

Tegelijkertijd: Foer en Haddon waren geen snelle verkoopsuccessen zoals we die kennen van Carlos Ruiz etc. of Khaled Hosseini. Goed: Foer heeft nog wel een tijdje in de top-100 gestaan, maar moest het eerder hebben van de auteursnaam dan van de hoofdpersoon. Haddons boek heeft nooit hoog in de bestsellerslijsten gestaan – maar het ligt zo lang op de tafels dat het toch de air van een succes heeft gekregen. Misschien gokt de uitgever van Reif Larsen daarop: eerst de air van succes, dán een bestseller op de lange termijn. Voorlopig lijkt het niet gelukt, zelfs de uitstraling van succes biedt er geen garantie op.

    • Toef Jaeger