In het rusthuis kussen de stapelbedden elkaar

In Watou hebben de befaamde Poëziezomers een andere wending genomen. Met Verzamelde Verhalen kiest de nieuwe organisatie voor een algemeen kunstenfestival.

Installatie van Elmgreen & Dragset Waal, Koen de

Tientallen witte ballonnen zweven door de zwarte kelder van een brouwerij in het West-Vlaamse dorp Watou. Ze raken het plafond. Op elke ballon staat een gedicht. Aan een zilverkleurig lint kan de bezoeker een ballon omlaag trekken, het gedicht lezen en weer terug de hoogte in sturen.

Deze lichtzinnige presentatie van poëzie is nieuw in het dorp Watou op de grens van België en Frankrijk. Bijna dertig jaar vond daar elke zomer een kunstmanifestatie plaats, gedreven door dichter Gwy Mandelinck. Hij bracht woord en beeld samen op onverwachte plekken, zoals de kerk, een leegstaand huis, boerenschuren. Hoewel zijn Poëziezomer niet altijd de gewenste financiële ondersteuning van de locale overheden ontving, werd Watou zijn levenswerk, en het belangrijkste kunstdorp van België. In december opent Mandelinck in Brugge een festival met poëzie en beeldende kunst dat hij plaatst in de historische context van de stad. Het concept van „zijn” Watou vertrekt hiermee naar Brugge.

Intendant Jan Moeyaert, die de kunsttriënnale Beaufort aan de Belgische kust organiseert, heeft nu de leiding in Watou. Hij werkt samen met curatoren als Joost Declercq van Museum Dhondt-Dhaenens, Willy Tibergien van Poëziecentrum Gent en theaterschrijver Peter Verhelst. Tibergien benadrukt dat Watou 2009. Verzamelde Verhalen #1 met „respect voor het verleden zal gaan leiden tot een algemeen kunstenfestival, met muziek en theater”.

Mandelinck koos altijd voor een dwingend thema, waardoor het dorp bezield raakte van zijn visie. De noemer ‘verzamelde verhalen’ betekent dat de huidige bezoeker zelf een lijn moet aanbrengen in de kunstwerken en gedichten. Zo ontbreekt op een locatie als het Rusthuis de poëzie. De hedendaagse kunstwerken uit de collectie van Mark Vanmoerkerke worden geëxposeerd in zalen die geheel rood, blauw of geel zijn geverfd. Curator Joost Declercq liet zich inspireren door Barnett Newmans beroemde schilderij Who’s Afraid of Red, Yellow and Blue? Het is een vondst in dit voormalige rusthuis het werk Powerless Structure van Boy Scout te zien. Van een keurig opgemaakt stapelbed is het bovenste omgekeerd. Het is net of de twee kussens elkaar aankijken.

Passend in het nieuwe idee van Watou is de installatie Licht in het Blauwhuis. Dichter Peter Verhelst brengt hier poëzie, beeldende kunst en dans samen, waardoor bijna een theatervoorstelling ontstaat. Verhelst leest regels voor, zoals: „Iets wat je nooit zou kunnen benoemen/ Omdat het zo wit is en zo licht”. Danser Brody Neuenschwander geeft, op een videoscherm, een performance waarin hij met ganzenveer letters in de lucht kalligrafeert. En in glanzend leisteen heeft beeldhouwster Maud Bekaert sierlijke, fantasierijke letters gebeiteld.

Ook in de schuur op het Grensland komen meerdere kunsten samen. In een performance vervangt zanger Bas Schevers in bekende liefdesliedjes het woord ‘love’ door ‘art’. Zo wordt Ian Dury’s bekende song Wake Up And Make Love een lied over kunst. Vroeger werd deze locatie, op een enkel kunstwerk en gedicht na, geheel leeggelaten waardoor een soort obsessieve concentratie ontstond, nu is Grensland tot barstens toe gevuld met schilderijen, audiovisuele installaties, een stapel lege dozen en op straat gevonden voorwerpen.

Maar al mist Watou 2009 de indrukwekkende signatuur van een samensteller, toch bieden de geheime schuren en kamers van het dorp veel verrassingen. De poëzie krijgt een sterk visuele presentatie: in een container kan de bezoeker zappen langs voordrachten van wereldberoemde dichters. Daar zien en horen we de befaamde Johnny the Selfkicker. Hij raast voort met zijn gedicht, totdat een dame hem een boeket bloemen aanreikt. Geen verstilling, wel veel poëtische passie.

Watou 2009. Verzamelde Verhalen #1. T/m 6 sept. Catalogus € 20,00. Inl: www.watou2009.be