Hoe het Russische ministerie van Binnenlandse Zaken mijn bedrijf heeft leeggeroofd

President Obama wil, aan de vooravond van zijn eerste bezoek aan Moskou, de verhouding met Rusland graag normaliseren. Pas op voor goedgelovigheid, stelt William Browder. De Russische regering is de afgelopen jaren totaal verknoopt geraakt met criminaliteit.

Gevangeniscel in St. Petersburg. Foto HH. Beeldbewerkingen Fotodienst NRC. St Petersburg, a prison in the Peter and Paul fortress Wijnands, Jochem

Toen ik halverwege de jaren negentig in Rusland met Hermitage Capital Management begon, vroegen mijn klanten me naar de Russische horrorverhalen over aandeelhouders die plotseling uit de registers verdwenen, bestuurders die zich bedrijfsbezittingen toeëigenden of corrupte overheidsfunctionarissen die op steekpenningen uit waren. Ik gaf destijds als antwoord dat het ondernemingsbestuur weliswaar verschrikkelijk was, maar dat de bedrijven goedkoop waren en beleggers dus geld zouden verdienen naarmate Rusland zich zou ontwikkelen van ‘verschrikkelijk’ naar ‘gewoon slecht’.

Vandaag sta ik voor u om u te vertellen dat Rusland de omgekeerde richting is ingeslagen. De horrorverhalen van beleggers, die in de jaren negentig grotendeels op fantasie berustten, zijn nu gemeengoed geworden. De toestand in Rusland ontwikkelt zich van ‘slecht’ naar ‘verschrikkelijk’ – en niet alleen beleggers zullen hier aan het kortste eind trekken.

Als er één beeld is, dat ik u vandaag wil voorleggen, is het dit. In de meeste landen overlappen de werelden van bedrijfsmanagers, overheidsfunctionarissen en criminelen elkaar doorgaans niet. In Rusland is het onmogelijk geworden die drie groepen van elkaar te onderscheiden. In het hedendaagse Rusland komt het te vaak voor dat iemand tegelijkertijd manager, overheidsfunctionaris en crimineel kopstuk is.

Ik heb Hermitage in 1996 opgericht om westerse beleggers de mogelijkheid te geven te investeren in de Russische aandelenmartkt. De firma ontwikkelde zich uiteindelijk tot het grootste buitenlandse beleggingsfonds in Rusland, met zo’n 4 miljard dollar onder beheer in 2006. Eén van de redenen voor het succes van de firma was onze strategie om te beleggen in de aandelen van bedrijven die uit de gratie waren wegens slecht bestuur, corruptie, schending van aandeelhoudersrechten of openlijke diefstal. We deden ons best om het bestuur te wijzigen, de fraude aan te pakken en de belangen van de minderheidsaandeelhouders te verdedigen door middel van aandeelhoudersactivisme. Als we erin zouden slagen het ondernemingsbestuur te verbeteren, zou de markt dat uiteindelijk erkennen. Wanneer een bedrijf zo weer in de gratie kwam, zouden de beurskoersen stijgen, onze beleggers profiteren en de Russische economie beter af zijn. Een aantal jaren was dit een win-winsituatie voor alle betrokkenen, behalve voor corrupte bedrijfsbestuurders en hun handlangers bij de overheid.

De meeste bedrijven die we wilden hervormen, werden gecontroleerd door de Russische overheid, en in de loop van onze anti-corruptiecampagne is Hermitage op veel hooggeplaatste tenen gaan staan. In november 2005 werd mij plotseling de toegang geweigerd tot de Moskouse luchthaven Sjeremetjevo. Mijn visum is sindsdien niet meer hernieuwd.

Begin 2007 ontving een collega een telefoontje van een luitenant-kolonel van het Russische ministerie van Binnenlandse Zaken, Artjom Koeznetsov. Hij opperde dat zij elkaar informeel zouden ontmoeten. Koeznetsov legde uit dat het lot van mijn visumaanvraag zou afhangen van ‘hoe we ons gedroegen en wat we boden.’ Deze eis kwam op ons over als een regelrechte poging tot afpersing en we hebben die afspraak nooit gemaakt.

Kort daarna, op 4 juni 2007, leidde luitenant-kolonel Koeznetsov een inval van 25 functionarissen van het ministerie van Binnenlandse Zaken op ons kantoor in Moskou. Zij namen al onze computers, servers en documenten in beslag. Tegelijkertijd vond een inval plaats bij het kantoor van Firestone Duncan, een Amerikaanse advocatenfirma in Moskou, die Hermitage adviseerde over Russische juridische en boekhoudkundige regels en voorschriften. Hier ontvreemdde het ministerie alle officiële documenten die betrekking hadden op de Russische bedrijven waarin ons fonds belegde. Toen een van onze advocaten protesteerde bij het ministerie van Binnenlandse Zaken, werd hij meegenomen naar een zaaltje, in elkaar geslagen en gearresteerd. Na twee weken ziekenhuis, moest hij een boete van 15.000 roebel betalen.

Kort na de inval probeerde Koeznetsov erachter te komen waar het Hermitage Fonds zijn Russische bezittingen had ondergebracht. Hij bezocht de Moskouse kantoren van Citibank, Crédit Suisse, HSBC en ING met een lijst van Hermitage-bedrijven, zowel buitenlandse als Russische, en eiste alle gegevens over ons op.

Tegelijkertijd werden drie Russische beleggingsmaatschappijen van het Hermitage Fonds op frauduleuze wijze overgedragen van de Britse bank HSBC, de vertrouwenspartner van het Hermitage Fonds, aan het onbekende bedrijf Pluton, dat was gevestigd in de Russische republiek Tatarstan. De eigenaar van Pluton was een man genaamd Viktor Markelov, een misdadiger die wegens doodslag een tijdje in een Russische gevangenis had gezeten.

Zo ontvouwde zich onder het law and order-bewind van Vladimir Poetin een scenario zoals dit zich tijdens de ‘wetteloze chaos’ en ‘het Wilde Oosten’ van de Jeltsin-jaren nooit had voorgedaan.

Om een Russisch bedrijf van eigenaar te laten veranderen heb je een aantal officiële papieren nodig. Al deze documenten waren tijdens de inval door het Moskouse ministerie van Binnenlandse Zaken in beslag genomen.

De nieuwe ‘eigenaren’ van de Hermitage-bedrijven stelden diverse valse en geantidateerde contracten op met een Russische dekmantel, het bedrijf LogosPlus, waarvan we nog nooit hadden gehoord. LogosPlus beweerde dat de Hermitage-bedrijven voor honderden miljoenen dollars in het krijt stonden en daagde onze bedrijven voor het Hof van Arbitrage in St. Petersburg, om hoge schadevergoedingen te eisen. Noch wij noch HSBC werden van die eisen op de hoogte gesteld. In St. Petersburg verscheen een team advocaten ten tonele, dat pretendeerde de (voormalige) Hermitage-bedrijven te vertegenwoordigen. Deze advocaten bekenden schuld en stemden in met de uitspraak van het Hof dat de Hermitage-bedrijven 380 miljoen dollar aan schadevergoedingen moesten betalen.

Aanvankelijk leek het plan om valse gerechtelijke uitspraken te verkrijgen om vervolgens beslag te kunnen leggen op eventueel gevonden bezittingen. Helaas voor de daders hadden wij na het intrekken van mijn Russische visum al onze tegoeden al uit Rusland overgeboekt naar veilige en betrouwbare rekeningen, zodat de daders bot vingen.

Eind maart vorig jaar ontdekten we dat er twee nieuwe zaken aanhangig waren gemaakt tegen onze Russische bedrijven in Moskou en Kazan. Ze leken als twee druppels water op die in St. Petersburg. Opnieuw traden onbekende advocaten ‘namens ons’ in de rechtszaal op die de volledige verantwoordelijkheid aanvaardden voor ons onbekende claims, voortvloeiend uit contracten die we nooit hadden getekend met bedrijven waarvan we nog nooit hadden gehoord. In totaal werden de bedrijven van Hermitage veroordeeld tot boetes van 973 miljoen dollar.

In juni 2008 kwamen we erachter dat de daders in december 2007 nieuwe Russische bankrekeningen hadden geopend voor de drie gestolen bedrijven.

De omvang van de deposito’s van ieder van onze gestolen bedrijven kwam precies overeen met het bedrag aan belasting dat in 2006 door ons was afgedragen.

Het hele verhaal viel nu op zijn plaats. Nadat de inbeslagname van de bezittingen was mislukt, trachtten de daders de Russische inkomstenbelastingen te ‘stelen’ die het Hermitage Fonds in 2006 had betaald. Ze gebruikten hiervoor de hierboven genoemde gerechtelijke uitspraken, waarvan de boetes exact overeenkwamen met de winst die de Hermitage-bedrijven over 2006 hadden geboekt. Onze drie bedrijven boekten dat jaar een gezamenlijke winst van 973 miljoen dollar, en de valse gerechtelijke uitspraken uit Moskou, Kazan en St. Petersburg kwamen eveneens neer op 973 miljoen dollar. Door onze bedrijven met deze nieuwe ‘claims’ te belasten, konden de daders belastingteruggave aanvragen omdat de extra ‘verliezen’ de winst van de bedrijven tot nul hadden gereduceerd. Zo konden ze de door het Hermitage Fonds in 2006 betaalde inkomstenbelasting van 230 miljoen dollar terugvragen. De belastingdienst keurde de teruggave nog diezelfde dag goed en keerde het bedrag in de recordtijd van twee dagen uit via de zojuist geopende rekeningen bij die twee kleine Russische banken. Het geld werd daarna naar het buitenland gesluisd via corresponderende dollarrekeningen bij Amerikaanse banken. Een van de twee banken – USB – is sindsdien opgeheven.

Begin december 2007, een aantal weken vóórdat de belastingfraude plaatsvond, hadden wij zes 255 pagina’s tellende klachten ingediend bij de Russische autoriteiten. Ze hebben niets ondernomen om de fraude tegen te houden. We stuurden klachten naar de Russische Openbaar Aanklager, de Staatsonderzoekscommissie en het ministerie van Binnenlandse Zaken. Er was genoeg informatie om de fraude te verhinderen, als de Russische regering tijdig had opgetreden.

Twee van onze klachten werden onmiddellijk terzijde geschoven; twee kwamen terecht bij precies die functionarissen van het ministerie van Binnenlandse Zaken die we hadden aangeklaagd, en één werd afgewezen wegens het ‘ontbreken van een delict’. Slechts één klacht werd begin februari 2008 in behandeling genomen door de Staatsonderzoekscommissie, maar ook deze zaak werd in oktober 2008 gesloten wegens ‘het ontbreken van een delict’.

De reacties van andere ‘betrokken’ afdelingen van de Russische regering waren even verbluffend. Functionarissen van de belastingdienst in Moskou, die hun goedkeuring hadden gehecht aan de frauduleuze teruggave van 230 miljoen dollar, verklaarden dat zij waren misleid en ondanks onze eerdere klachten pas in februari 2009 van de fraude op de hoogte werden gesteld.

We schreven een brief over het bedrog aan de Russische Algemene Rekenkamer (die verantwoordelijk is voor het toezicht op de overheidsfinanciën), maar kregen te horen dat dit buiten hun bevoegdheden viel. We alarmeerden alle negentien leden van president Medvedevs anti-corruptiecommissie, maar ontvingen geen enkele reactie. We schreven brieven aan het Openbaar Ministerie, de Staatsonderzoekscommissie, de minister van Financiën, de minister van Binnenlandse Zaken, het hoofd van de federale belastingdienst, het hoofd van de federale veiligheidsdienst FSB en het kantoor van de president in het Kremlin, en ontvingen opnieuw geen enkele reactie, Het bleek dat geen enkele Russische functionaris belangstelling had voor de vraag hoe 230 miljoen dollar zomaar uit de Russische schatkist heeft kunnen verdwijnen.

Ongelooflijk genoeg was het enige serieuze antwoord van de Russische autoriteiten een aanval op Hermitage-functionarissen en Russische advocaten die ons verdedigen. De slachtoffers krijgen de schuld voor de fraude in de schoenen geschoven.

Toen HSBC en Hermitage klachten begonnen in te dienen, reisden vertegenwoordigers van het Moskouse ministerie van Binnenlandse Zaken naar Kalmukkië in Zuid-Rusland, waar het Hermitage Fonds in 2001 in bedrijven had belegd, en waar ik als directeur had gediend. Op 27 februari 2008 werden twee zaken wegens belastingontduiking geopend, en werd mijn naam toegevoegd aan het nationaal opsporingsregister.

De aanvallen waren ook gericht tegen de Russische advocaten die optraden namens het Hermitage Fonds. In de nacht van 20 augustus 2008 vonden invallen plaats bij de kantoren in Moskou van vier advocatenfirma’s, die HSBC en het Hermitage Fonds vertegenwoordigden.

Twee van onze Russische advocaten, Sergej Magnitski en Eduard Chairetdinov, worden vervolgd. Kort nadat Magnitski getuigde over de rol van het ministerie van Binnenlandse Zaken bij de inval, werd hij gearresteerd. Kort nadat Chairetdinov klachten had ingediend namens HSBC en het Hermitage Fonds, werd een strafzaak tegen hem geopend.

Sergei Magnitski heeft de informatie over de diefstal van de bedrijven van het Hermitage Fonds en de frauduleuze belastingteruggave boven water gehaald. Magnitski heeft drie getuigenissen afgelegd ten overstaan van de Russische autoriteiten, waarin hij in detail uiteenzette hoe de fraude in elkaar stak en waarin hij aantoonde hoe dat alleen maar had kunnen gebeuren met behulp van de door het Moskouse ministerie van Binnenlandse Zaken in beslag genomen documenten.

Functionarissen van dat ministerie vielen het huis van Magnitski binnen en arresteerden hem. Hij is overgebracht naar de gevangenis en zijn zaak is niet voor de rechter gebracht. Magnitski is is eenvoudigweg door het ministerie in gijzeling genomen.

Eduard Chairetdinov heeft meer dan dertig klachten ingediend over de diefstal van de bedrijven van het Hermitage Fonds. Kort nadien werd er een strafzaak tegen hem geopend, waarin hij ervan wordt beticht gebruik te hebben gemaakt van valse bevoegdheden.

Deze intimidatiemethoden tegenover onze advocaten laten zien hoezeer een juridisch nihilisme nu de laatste sporen van de rechtsstaat in Rusland heeft uitgewist. Advocaten in Rusland vrezen nu voor hun persoonlijke veiligheid. De Russische advocatuur is een van de gevaarlijkste bedrijfstakken ter wereld geworden.

Hoewel dit verhaal over officiële corruptie volkomen ongeloofwaardig mag klinken, is het helaas maar al te zeer de dagelijkse praktijk in Rusland. De diefstal van bedrijven is zó algemeen geworden, dat degenen die zich van deze frauduleuze technieken bedienen in het Russische spraakgebruik nu bekend staan als ‘rovers’. Iedere dag zijn kleine zakenmensen, landeigenaren en zelfs grote Russische bedrijven het doelwit van deze ‘rovers’ en het probleem is zo algemeen geworden dat president Medvedev er specifiek naar verwees in een toespraak in februari 2008, waarin hij opriep tot het nemen van „echte maatregelen om de activiteiten van rovers een halt toe te roepen.”

De Verenigde Staten moeten inzien dat Rusland geen staat is die net zo functioneert als wij hier in het Westen gewend zijn. Maar al te vaak berust de macht in Rusland bij individuen die een uniform dragen of een publieke titel hebben, maar in feite een persoonlijk belang najagen met criminele middelen. Als gevolg daarvan zijn de besluiten van de Russische regering niet onderhevig aan dezelfde overwegingen als die van de Amerikaanse. De VS mogen bij hun omgang met Rusland niet vertrouwen op de goodwill van de Russische regering, of in de diplomatie zoals die tussen beschaafde landen wordt bedreven.

Amerika zou Russische bewindslieden of zakenmensen die het verdenkt van corruptie of georganiseerde misdaad de toegang tot ons land moeten ontzeggen. Rusland moet zich committeren aan de bestrijding van corruptie alvorens de betrekkingen met de VS worden genormaliseerd. Amerika moet voortdurend gevallen als Hermitage aan de orde stellen. Terwijl er veel naars gebeurt in het Russische rechtsysteem dat niet wordt opgemerkt, zijn de Russische autoriteiten veel gevoeliger als de kritische blik van hun westerse partners op hen rust.

William Browder is uitvoerend directeur van Hermitage Capital Management Limited. Deze tekst sprak hij uit als getuigenis voor de Amerikaanse Helsinki Commissie, een afdeling van de Organisatie voor Veiligheid en Samenwerking in Europa (OVSE).

Rectificatie / Gerectificeerd

Correcties en aanvullingen

Helsinki Commissie

In Hoe het Russische ministerie van Binnenlandse Zaken mijn bedrijf heeft leeggeroofd (4 juli, pagina 6/7) stond dat de Amerikaanse Helsinki Commissie een afdeling is van de Organisatie voor Veiligheid en Samenwerking in Europa (OVSE). Dit is onjuist. Het is een onafhankelijk Amerikaans overheidsorgaan en komt voort uit de Conferentie voor Veiligheid en Samenwerking in Europa, de voorloper van de OVSE.

    • William Browder