Zo ver als de tank reikt

Europeanen besparen op stedentrips en gaan minder ver weg op vakantie.

De toerismesector gaat de crisis te lijf met stuntprijzen.

„Boek nu en profiteer van fikse kortingen. 50 procent op acht dagen verblijf op het Griekse eiland Rhodos!” Of blijf in Nederland en „kom genieten op één van de bungalowparken van Landal GreenParks, midden in de natuur”. Ook met 40 procent korting. Ze zijn niet uniek voor Nederland, zulke lastminuteaanbiedingen. Ook de Britten bijvoorbeeld kunnen op de website holidayholidayholiday.co.uk voordelig boeken: zeven nachten Diamond Hotel, op nog geen 250 meter afstand van het Bulgaarse Sunny Beach. Inclusief vlucht vanaf Londen Gatwick, voor 379 pond (447 euro).

Van stedentrips tot all inclusive strandvakanties, alles staat in de aanbieding, online en bij reisorganisaties. Dat is ieder jaar zo. Maar dit jaar is anders: de uitverkoop in vakanties begon maanden eerder dan gebruikelijk. De prijzen zijn lager dan voorgaande jaren, en er zijn veel meer aanbiedingen dan normaal.

De Europese toerismesector ondervindt de gevolgen van de Europa-brede recessie, zegt Wicher Meijer, directeur van de internationale opleiding toerisme in Breda. „In Nederland groeide de branche vorig jaar nog, maar dat was een uitzondering in Europa”, aldus Meijer.

Voor dit jaar zijn de voorspellingen donkerder. Een greep: Griekenland verwacht ruim 10 procent minder bezoekers. In Spanje lag het aantal toeristen in het eerste kwartaal van dit jaar al 12 procent lager, terwijl het hoogseizoen nog moet komen. Het Nederlandse Bureau voor Toerisme en Congressen (NBTC) verwacht een „lichte daling” van aankomsten uit het buitenland, rond de 4 procent. Dat komt overeen met het verwachte Europese gemiddelde, een daling van 3,8 procent.

Voor een sector die gewend is alleen maar te groeien, zijn dit alarmerende cijfers. „Zo diep is de branche nog nooit gezonken”, zegt Meijer. En de marges zijn klein, want concurrentie op prijzen is groot, zowel bij reisorganisaties als bij vliegmaatschappijen. Al valt de voorspelde krimp in vergelijking met verliezen in de industriesector nog mee. Dat komt doordat toeristenstromen niet stil komen te liggen. Het totaal aantal overnachtingen neemt af, maar helemaal niet op vakantie, dat is geen optie. Of zoals Meijer het zegt: „Vakantie is inmiddels een eerste levensbehoefte.”

Wel verandert toerisme door de economische teruggang van aard. Consumenten hebben een paar mogelijkheden om op vakantie te bezuinigen: ter plaatse minder geld uitgeven en minder ver weg of korter op vakantie gaan. „We bepalen onze actieradius als volgt: hoe ver kunnen we rijden in onze leaseauto, op één volle tank?”, schetst Meijer. Dichterbij wordt populairder. Die verschuiving is in heel Europa te zien.

Ook blijkt het ene type vakantie gevoeliger voor recessie dan het andere. De ‘hoofdvakantie’ geven consumenten niet snel op. Stedentrips vallen sneller af. „Dat is de derde of vierde vakantie voor mensen, die zij dit jaar dan toch maar aan de kant schuiven”, zegt Hans Dominicus, manager van het Amsterdams Bureau voor Toerisme en Congressen. Amsterdam verwacht 10 procent minder toeristen dan in 2008. Het ABTC wil Amsterdam voor Nederlanders aantrekkelijker maken, maar het lukt minder goed om toeristen uit het binnenland de cijfers te laten compenseren dan bijvoorbeeld in Parijs.

De Parijse toeristensector bestaat inderdaad voor 40 procent uit bezoekers uit eigen land, vertelt Paul Roll, manager van het Parijse toeristenbureau. Door de crisis stijgt het aantal Fransen dat het dichter bij huis zoekt, maar dat compenseert bij lange na niet genoeg. De omzet en het aantal overnachtingen daalt met 17 procent in het eerste half jaar in Parijs zelfs harder dan in Amsterdam.

In Groot-Brittannië vormt de ‘thuismarkt’ een sterkere compensatie voor de wegblijvende bezoekers – dat zijn vooral Amerikanen. Dat zegt Jacqueline French van het Londense toeristenbureau. Het is nog vroeg in het jaar om voorspellingen te doen, maar, zegt zij: „In totaal verwachten we een lichte daling. De binnenlandse markt kan niet helemaal goedmaken dat anderen wegblijven.” Veel Britten zien het niet zitten om de oversteek naar het vasteland van Europa te maken, vanwege het zwakke pond ten opzichte van een sterke euro. „Als ze die wisselkoersen zien, denken ze: het wordt tijd om onze eigen steden eens beter te verkennen.”

De sterke euro maakt de eurozone minder aantrekkelijk vakantiegebied. Het valutanadeel speelt niet alleen Britten en Amerikanen parten, maar ook toeristen uit oostelijke EU-landen zonder euro. Daarbij komt dat voor de nieuwe, Oost-Europese lidstaten een vakantie überhaupt niet vanzelfsprekend is, laat staan een vakantie in het buitenland. In vakantiegedrag zijn de verschillen tussen oost en west groot. Zo gaat 63 procent van de Hongaren niet of waarschijnlijk niet op vakantie, volgens de laatste Eurobarometer van de Europese Commissie. In Letland en Litouwen gaat 48 procent van de inwoners niet weg. Terwijl in Nederland, Luxemburg en Zweden 22 procent erover denkt om niet op vakantie te gaan.

Dat zijn er wel heel wat meer dan voorheen. En dus staat het Bulgaarse Sunny Beach fors goedkoper online. Want voor de hele branche gelden prijsverlagingen als beste optie om überhaupt nog omzet te draaien. Hoe lang zijn reisbureaus bestand tegen de dalingen? De voorspellingen zijn ook voor 2010 negatief. Als lichtpuntje houdt Van der Most aan dat herstel van de economie zich – tot nu toe – altijd direct vertaalde in het opveren van de toerisme-industrie in Europa. Van der Most: „Zodra de koopkracht weer aantrekt, willen mensen een inhaalslag maken.”