Vrouwenelectro van Little Boots is iel en onvolwassen

cd pop * *

Little Boots – Hands

Victoria Hesketh, alias Little Boots, gold dit jaar als een van de nieuwe beloften van de Britse popmuziek. Eerst maakte ze deel uit van de band Dead Disco, vervolgens besloot ze solo muziek te maken, en nu past ze in het onder vrouwen populaire – denk Ladyhawke, La Roux of Kylie Minogue – genre electropop.

Maar ondanks haar ondeugende pseudoniem (Little Boots is de vertaling van Caligula, de bijnaam van de Romeinse keizer die bekend stond om zijn seksuele uitspattingen) klinkt Heskeths stem op de debuut-cd Hands vooral iel en onvolwassen. De begeleiding van de nummers dreunt en echoot van de elektronica, en neigt naar bombast.

Volgens de heersende jaren tachtig-mode wordt in de liedjes volop geciteerd uit het werk van voorbeelden als Depeche Mode en Ultravox, maar zonder hun zo charmante hoekigheid.

Een nummer als ‘New In Town’ zal het wellicht tot discohitje schoppen, maar bij de andere liedjes van Little Boots is alles muziek gladgestreken. Ook ‘Symmetry’, een duet met Human League-zanger Phil Oakey, levert geen magie op.

Ladyhawke geeft haar electropop een ondertoon van melancholie, Little Boots is eendimensionaal.