Orde is uw pakkie-an, zegt de staat

Vergist u niet: met het Handvest verantwoordelijk burgerschap vlucht de overheid weg voor de eigen verantwoordelijkheid, zegt Frank Ankersmit.

Orde is uw pakkie-an, zegt de staat Handvest voor Verantwoordelijk Leiderschap Illustratie Ruben L. Oppenheimer Oppenheimer, Ruben L.

In navolging van andere landen wil ook het kabinet in dialoog met de samenleving een ‘Handvest voor verantwoordelijk burgerschap’ ontwikkelen. Die verantwoordelijke burger is volgens het kabinet de burger die respectvol met anderen omgaat, geen rommel maakt, niet onbeleefd is, geen overlast of onnodig lawaai veroorzaakt, netjes met dieren en het milieu omgaat, geen al te kort lontje heeft, braaf zijn stem uitbrengt en nog zo wat van die dingetjes meer. Het voor het eind van dit jaar verwachte Handvest moet dat allemaal keurig opsommen.

Tsja, wat moeten we daar nu van vinden? Op het eerste gezicht uiteraard een heel loffelijk streven. Het oordeel van het kabinet dat respect, betrokkenheid bij elkaar, gerichtheid op de toekomst en inzet voor de samenleving goed zijn voor een ‘vitale samenleving en een gezonde democratie’, zal velen sympathiek in de oren klinken.

Maar dan beginnen de twijfels. Om te beginnen, men hoeft geen verzuurde cynicus te wezen om te begrijpen dat de hele exercitie uiteindelijk zal resulteren in oeverloos gepraat en een berg bedrukt papier en dat verder alles zo zal blijven als het altijd al was. Immers, onze omgang met elkaar is het resultaat van het socialiseringsproces dat wij in de opvoeding en het onderwijs in de eerste twintig jaar van ons leven ondergingen. Iedere poging om daar later nog iets in te veranderen is als preken tegen een boom, om met Frederik de Grote te spreken. Tenzij men iets quasi totalitairs van plan is.

Vooral, zijn er soms geen veel ergere dingen, zoals onveiligheid, toegenomen geweld, kinderen die op school met messen rondlopen, de beruchte Marokkaanse rotjongetjes et cetera? Maar over dit soort van overlast zwijgt de brief van het kabinet als het graf. Dat is even verrassend als verhelderend. Want het zal nu duidelijk zijn dat het kabinet het in feite heeft over u en mij, dat wil zeggen over de doorgaans brave, gezagsgetrouwe burgers en in wier pekelzonden het kabinet blijkbaar een serieuze bedreiging vermoedt van die ‘vitale samenleving en gezonde democratie’ van daarnet. Zo hoort u maar eens even hoe men in Den Haag over u denkt.

Waar het om draait is dit. Het gaat hier niet echt om een poging de samenleving te verbeteren – hoewel het kabinet dat waarschijnlijk wel zelf oprecht gelooft –, maar om een tactische zet op het schaakbord van de interactie tussen overheid en burger. Die zet is ontegenzeggelijk gewiekst en biedt het kabinet verschillende voordelen. Allereerst, het probleem van de publieke orde wordt nu gedepolitiseerd. De suggestie is immers dat ongerechtigheden in het publieke domein worden veroorzaakt door een gebrekkig norm- en waardenbesef van de gemiddelde hedendaagse burger. Dus van u of mij. De schuld aan die ongerechtigheden kan men onmogelijk de partijen van het politieke establishment aanwrijven. Die hebben daaraan part noch deel – en dus ook niet aan de consequenties ervan. Aldus neemt men de wind weg uit de zeilen van Wilders en Verdonk. Dat is mooi meegenomen. Het politieke establishment kan beiden er nu ook nog van beschuldigen het probleem verkeerd te definiëren. Wilders en Verdonk wijzen alsmaar naar de allochtonen, terwijl ons eigen gebrekkig norm- en waardebesef het werkelijke probleem zou zijn. En het heeft sowieso iets moois en eigentijds om de burger op zijn eigen verantwoordelijkheden te wijzen. De overheid kan nu eenmaal niet alles doen. Toch?

Dat leidt tot de kern van de zaak. Het Handvest zal aan het gedrag van u en mij weinig tot niets veranderen. Zouden degenen die werkelijk overlast in het publieke domein veroorzaken zich eraan gaan houden – ja, dan werd hier waarlijk iets groots verricht. Maar je moet wel heel naïef en dom zijn om zoiets voor mogelijk te houden. Na het Handvest zal er dus niets verbeteren. Maar, zo zal het kabinet dan kunnen zeggen: dat ligt dan ook helemaal aan u, meneer de burger! Wij, het kabinet en de regering, hebben het probleem onderkend en met het Handvest alles gedaan wat in ons vermogen lag om de overlast die we elkaar bezorgen tot een minimum te beperken. En als er dan toch nog geweld, diefstal en lastige Marokkaanse jongetjes zijn – ja, dan moet u daarvoor niet bij ons aankomen. Eigen schuld, dikke bult!

Kortom, door reële overlast subtiel te verschuilen achter het zoveel geringere euvel van de aloude Nederlandse horkerigheid (en waar wij in de Middeleeuwen al bekend om stonden), krijgt de burger nu die overlast op z’n eigen bordje gedumpt. Dat is nu de verantwoordelijkheid van de burger zelf. Anders gezegd, de verantwoordelijkheid voor rust en orde in het publieke domein wordt ‘geprivatiseerd’. Dat verantwoordelijk burgerschap van het kabinet komt er dus in de praktijk op neer dat de overheid haar verantwoordelijkheden voor rust en orde aan de burger overdraagt. Dat is de diepere boodschap achter de plannen en de eigenlijke bedoeling ervan. Dat is ook wat Balkenende, bedoeld of onbedoeld, beoogt met heel dat normen- en waardenoffensief van hem.

Wat politici expliciet zeggen en misschien ook zelf oprecht geloven, is vaak maar een klein deel van de werkelijke betekenis van hun doen en laten. Het is de taak van historici om het verschil tussen beide op het spoor te komen.

Die plannen sluiten overigens naadloos aan bij het streven van de overheid om de burger bij de publieke besluitvorming te betrekken. Ook dat klinkt erg mooi en verheven, maar ook daar is de realiteit een heel andere. Wanneer de burger in burgerfora of referenda om zijn mening gevraagd wordt, dan ligt in feite al vast dat ergens een weg zal komen te liggen, een nieuwe wijk of stadhuis gebouwd gaat worden et cetera. Burgerparticipatie is zelden meer dan een poging om draagvlak te krijgen voor reeds genomen beslissingen. Ook dan krijgt de burger wel de verantwoordelijkheid in de maag gesplitst voor het handelen van de overheid. Hij heeft er toch zijn fiat aan gegeven? Dat is wat je de ‘privatisering van de democratie’ kunt noemen en waar de constante steeds is de burger de verantwoordelijkheid te dragen krijgt voor het doen en laten van het openbaar bestuur. Inderdaad, de vlucht voor de verantwoordelijkheid is het grote bestuurlijke principe van onze tijd.

Frank Ankersmit is hoogleraar intellectuele geschiedenis aan de Rijksuniversiteit Groningen.