Loom protest in land onder hoogspanning

Ondanks de militaire coup lijkt het normale leven in de Hondurese hoofdstad Tegucigalpa gewoon verder te gaan. Protesten tegen de staatsgreep verlopen gemoedelijk.

Politieagenten en militairen bewaken het Congresgebouw in de Hondurese hoofdstad Tegucigalpa terwijl aanhangers van de verdreven president Zelaya demonstreren. Foto AFP Riot policemen and soldiers stand guard at the National Congress building in Tegucigalpa as supporters of ousted Honduran President Manuel Zelaya march against the military coup on July 2, 2009. Coup leaders in Honduras vowed that ousted President Manuel Zelaya will "never return to power" despite mounting international pressure and an ultimatum by the Organization of American States. TOPSHOTS/AFP PHOTO/Yuri CORTEZ AFP

Toen Rufino Mesa Mesa hoorde van de staatsgreep van afgelopen zondag, wist hij, net als zijn dorpsgenoten, meteen wat er moest gebeuren. Ze pakten hun spullen, en gingen op weg naar de hoofdstad. Waarom? Om te demonstreren voor hun held, Manuel Zelaya, de ex-president die het slachtoffer is geworden van een militaire coup.

Rufino Mesa Mesa (58) is een campesino, een landarbeider afkomstig uit een gehucht in de regio Intibuca. Nu is hij in de hoofdstad Tegucigalpa om te blijven totdat zijn president terugkomt. Hij zegt: „Zelaya is de beste president die Honduras ooit heeft gehad. Voor alle klassen, waaronder de armen. Niet alleen voor de elite. Zelfs dorpjes op het platteland heeft hij bezocht.”

Mesa Mesa staat voor een Dunkin Donut-filiaal. Een eindje verderop ligt het kantoor van de Verenigde Naties, waar geprotesteerd wordt. Zes vrouwen met paraplus tegen de zon lopen voorbij de donuttent. Op weg naar de demonstratie van de aanhangers van Zelaya. Even twijfelen de dames of ze niet eerst een donut gaan eten. Dan lopen ze toch maar door.

Zweetdruppels hebben zich op de neus van Mesa Mesa verzameld. Het is broeierig warm op straat. Veel van de aanwezige demonstranten lijken net als Mesa Mesa vooral arme landarbeiders te zijn, herkenbaar aan hun versleten kleren, getekende hoofden en cowboyhoeden.

Zondag zetten Hondurese militairen de inmiddels ex-president Zelaya af. De coup had plaats nadat hij op eigen houtje een volksraadpleging wilden laten doorgaan, ondanks een verbod van het Hooggerechtshof en tegenstand van het parlement.

Via het volksconsult wilde hij peilen of er interesse was bij het volk in een referendum over een grondwetswijzing. Deze herziening moest leiden tot een nieuwe constitutie, naar Boliviaans en Venezolaans model, waarbij de overheid een grotere invloed op de economie en meer zeggenschap over grondstoffen zou moeten krijgen.

Zelaya, van oorsprong een rechtse grootgrondbezitter, is de afgelopen jaren getransformeerd tot een linkse leider en vriend van de Venezolaanse president Hugo Chávez. Internationaal is de militaire coup zonder uitzondering veroordeeld.

Ondank de strijdliederen die af en toe worden gezongen, maakt de protestbijeenkomst een tamme indruk. Politie is er niet. En militairen zijn in geen velden of wegen te zien. De ijscoman boert ondertussen goed. Jongeren verkopen Che Guevara-petjes of -shirtjes. Er lopen cameramannen rond die af en toe mensen bij elkaar roepen voor een bruikbaar shot. Ineens wordt er dan weer even geschreeuwd en worden spandoeken uitgerold.

Maar volgens Rufino Mesa Mesa zijn de mensen overal in het land aan het protesteren. Hij zegt ook: „Het referendum is juist goed. Zelaya wil ons bij de democratie betrekken, maar de zittende elite is bang om haar controle te verliezen. Daarom hebben ze hebben hem verwijderd.”

Voor het gebouw van VN zijn ondertussen enkele honderden mensen aangekomen. Ze staan rond een vrachtwagen. Op de truck zijn enkele luidsprekers, waaruit een krakende vrouwenstem klinkt die de menigte toespreekt. Het is in een taal van kameraden (de supporters van Zelaya) en fascisten (de coupplegers).Na een kwartier roept zij op naar het centrum van de stad te gaan, naar het park voor de kathedraal.

In de stad is weinig te merken van de coup van afgelopen zondag. Hoewel er aanvankelijk ongeregeldheden waren op straat, lijkt het verzet al weer te zijn afgenomen. Na negen uur ’s avonds geldt weliswaar een uitgaansverbod, maar overdag is het vooralsnog rustig.

Voor een land onder hoogspanning, gezien de internationale druk om Zelaya weer als president te benoemen, zijn er weinig militairen op straat. Alsof het niet nodig is. Alleen bij het presidentiële huis, een groot klassiek gebouw met pilaren, staan extra militairen opgesteld, net als voor enkele andere overheidsgebouwen.

Soms zie je op muren graffiti gericht tegen de staatsgreep, met teksten als ‘ga weg Pinochetti’, een combinatie van de naam van de overleden Chileense dictator Pinochet en de achternaam van de nieuwe president van Honduras Roberto Micheletti.

De demonstratie van vandaag krijgt dus een verlenging in het centrum, voor de kathedraal van de stad, op loopafstand van het parlement.

Voor het gebouw van het congres is geen extra bewaking te zien, ondanks de nabijheid van het protest tegen de coupplegers, waartoe een overgrote meerderheid van het congres, die de ingreep steunde, ook behoort.

Op het plein voor de kathedraal heeft de 35-jarige Marco Tinoco zich bij de demonstranten gevoegd. Echt druk is het niet. Tinoco doceert sociologie aan de Nationale Autonome Universiteit van Honduras. Van oorsprong is hij geen Zelaya-stemmer, „want die komt van de rechtse Liberale Partij”. Hij zegt: „Ik ben socialist, maar Zelaya heeft een omslag gemaakt. Hij heeft de minimumlonen verhoogd, sociale projecten op het platteland geïntroduceerd. In dit land is 80 procent van de mensen arm, en voor die mensen doet Zelaya wat. De heersende klasse is bang de macht te verliezen.”

Achter hem staat Jorge Castellanos, met motorhelm op zijn hoofd, instemmend te luisteren en te knikken. Castellanos woont in Buenos Aires, een sloppenwijk in Tegucigalpa. Hij zegt: „Wij armen moeten vechten om te overleven. Zelaya heeft onlangs het minimumsalaris verhoogd met 60 procent – het was oorspronkelijk ongeveer 160 dollar per maand. Hij is de enige president in de geschiedenis die er ook voor de arme Hondurezen is.”