Kamer worstelt met complexe staatssteun aan banken

De rol van de Tweede Kamer en de Nederlandse staat in het bankwezen leidt tot groeiend ongemak, met name bij leden van de Tweede Kamer.

Het was even goed opletten voor de volksvertegenwoordigers gisteren. Welke pet had Wouter Bos nu eigenlijk op als hij aan het woord was tijdens het debat over 2,5 miljard steun aan ABN Amro?

Nadat de minister van Financiën (PvdA) met veel overtuiging had uitgelegd waarom de overheid met relatief beperkte risico’s een grote financiële instelling te hulp kan schieten, voelde CDA-Kamerlid Frans de Nerée tot Babberich zich toch wat ongemakkelijk. „Kunnen andere ondernemingen dan ook niet om zulke hulp gaan vragen?”

Nee, zei Bos. Want wij doen dit niet als staat, niet als beleidsmaker of overheid, maar „duidelijk als aandeelhouder”. De steun aan de bank valt in de ogen van Bos onder het hoofdstuk ‘staatsdeelnemingen’. Ofwel, net als bijvoorbeeld Holland Casino of de NS om extra geld zouden vragen.

Maar Frans Weekers van de VVD ging niet akkoord voor de rol die Bos koos. De minister had zojuist uitgelegd dat de overheid ABN Amro steunt omdat andere partijen in de markt dit niet kunnen of willen doen. Wie kan er garant gaan staan voor een hypotheekportefeuille van 34,5 miljard euro, zoals bij de jongste steun aan ABN Amro gebeurt? En wie wil dat doen voor een bank die middenin een ontvlechting en samenvoeging zit, voor een bank die nog niet bestaat? „Wij kunnen dingen doen die private partijen niet mogen”, zei Bos.

Omdat ABN Amro de huidige steun niet zelf op de markt kan regelen, zo redeneerde Weekers, moeten wij als overheid iets doen. Ofwel, dan draagt Bos niet de pet van een aandeelhouder, maar die van een overheid die een bank steunt. Dat brengt dan dus andere verplichtingen, verantwoordelijkheden en afwegingen met zich mee.

„Volgende keer voeren we zo’n discussie niet meer”, verzuchtte Bos. Want dan zal er een aparte beheerorganisatie tussen het ministerie van Financiën en de banken staan, zo schetste de minister de toekomst.

Daarop ontstond beroering onder de Kamerleden, ook onder de afgevaardigden van coalitiepartijen CDA en PvdA.

„Een valse voorstelling van zaken”, zei Weekers. Zo had de Kamer het nooit gezegd. Het parlement dringt al een tijd bij de minister aan op een agentschap voor alle deelnemingen in de financiële sector, onder meer om verhoudingen zuiver te houden. De overheid is nu tegelijk toezichthouder, beleidsmaker en aandeelhouder in het bankwezen. Het kabinet wil daar sinds kort aan tegemoet komen.

„Als er in de toekomst 2,5 miljard euro steun voor een bank nodig is, wil de Kamer er net zo veel over te zeggen hebben als nu”, betoogde de VVD’er. Het is tenslotte een uitgave, het raakt de fundamenten van het budgetrecht, het moet altijd eerst door het parlement worden gefiatteerd.

Een belangrijke reden voor de steun aan ABN Amro zijn de kosten die gemoeid zijn met het bouwen van een nieuwe bank. Daarbij hoort de naheffing uit de onverdeelde boedel van ABN Amro Holding, de internationale bank die in drieën wordt gedeeld door de Spaanse bank Santander , de Britse bank Royal Bank of Scotland en de Nederlandse staat [zie grafiek]. Daarin zitten onderdelen die niemand wil hebben en andere onaantrekkelijke zaken waarover nog geen overeenstemming bestaat. De tragiek wil dat het grootste deel van het gat van 2,2 miljard euro in deze boedel veroorzaakt wordt door een afschrijving op het inmiddels verkochte Antonveneta. Anders gezegd, de ‘geslaagde’ overname van ABN Amro in Italië, waar president Wellink van De Nederlandsche Bank zich destijds zo sterk voor heeft gemaakt, resulteert nu in een naheffing voor de Nederlandse schatkist.

Waarom had Wouter Bos niet verteld dat er bij ABN Amro een gat was van 2,2 miljard euro, als dat bij de overname van de bank door de staat in oktober al bekend was? Antwoord van de minister: dat heb ik wél verteld. Hij had het nog nagezocht. In een ‘technische briefing’ was het parlement geïnformeerd. Maar van die spoedbijeenkomst herinnerde Ewout Irrgang zich vooral dat hij niets mocht meenemen. En Weekers weet alleen nog dat enkele Engelstalige sheets in moordend tempo werden gepresenteerd, terwijl buiten banken omvielen.

Minister Bos spreekt consequent van het ‘Z-aandeel’ van de bank als het om deze onverdeelde boedel gaat. Is dat soms de Z van Zooitje, vroeg partijgenoot Paul Tang aan Bos. . „We zitten met in stukken gescheurde banken. Het is lastig voor de Tweede Kamer om zo’n complexe deal te beoordelen.” Weekers sprak de zorg uit dat hij niet kan vaststellen of de overheid nu een miskoop gedaan heeft of niet met de redding van Fortis en ABN Amro. Dat is pijnlijk, want een parlementariër moet toch het beleid van het kabinet kunnen controleren. De Kamer wil nu gebruik gaan maken van het aparte budget dat het heeft gekregen om advies in te winnen bij technische zaken. Het potje van 100.000 euro dat op verzoek van Ewout Irrgang (SP) en Paul Tang (PvdA) is gereserveerd wordt binnen twee weken al voor het eerst aangesproken.