Het is vooral een kwestie van aura

Madonna ruimt toch geen radioactief afval op, en de liefde van Sharon Stone voor malarialijders bekoelde rap.

Welkom in de ‘celebocracy’.

Actrice Angelina Jolie tijdens een bezoek aan een vluchtelingenkamp in de Zuid-Russische deelrepubliek Ingoesjetië, in augustus 2003. (Foto Reuters) Hollywood actress Angelina Jolie takes notes during a visit to Bella refugee camp in Ingushetia, near the border with Chechnya, August 22, 2003. Jolie, who is in Russia as a goodwill ambassador for the UN High Commissioner for Refugees, on Friday visited refugee camps near Chechnya. REUTERS/UNHCR Pool/Tanya Makeyeva CVI REUTERS

Veelzeggend aan de breuk tussen Jan Smit en Yolanthe Cabau van Kasbergen was allereerst dat de minister-president van Nederland zich hoogstpersoonlijk geroepen voelde het gefnuikte koppel zijn steun te betuigen. Dat gaf de huidige verhoudingen goed weer: de politiek die zich in bochten wringt om aansluiting te vinden bij de populaire cultuur, in de hoop daardoor ook zelf populair te worden. Ik heb noch Jan Smit noch zijn Yolanthe ooit steun horen betuigen aan de premier.

Beroemdheden leggen zelfgenoegzaam hun alledaagse beslommeringen over het voetlicht, maar op gedachten over de wereld zijn ze niet te betrappen. Ze ontsporen nooit spectaculair, en hun liefdadigheid beperkt zich tot borstkanker en aidsbaby’s.

Volgens de Britse Marina Hyde, columniste voor de krant The Guardian, is het niet de leegte van het moderne sterrendom dat ons bedreigt, maar juist de mateloze pretentie. Haar boek Celebrity. How Entertainers Took Over the World and Why We Need an Exit Strategy is een komische aanklacht tegen het onheilige verbond tussen sterrendom en zaken die er echt toe doen. Volgens haar leven we in een ‘celebocracy’, een wereld waarin sterren zich steeds vaker bemoeien met dingen waar ze geen verstand van hebben. Tom Cruise die psychiatrie afdoet als ‘pseudowetenschap’, Charlie Sheen die oppert dat de aanslagen van 11 september 2001 een ‘inside job’ moeten zijn geweest, Angelina Jolie als lid van een belangrijke commissie voor buitenlandse zaken – Hyde maakt er een hilarische parade van. Maar tussen de honende uitweidingen over de relatief onschuldige verschrikkingen van het hedendaagse sterrendom klinkt oprechte kritiek door.

Een van de vele voorbeelden die Hyde geeft vat treffend haar kritiek samen: het optreden van Sharon Stone tijdens het World Economic Forum te Davos in 2005. De president van Tanzania sprak daar over een effectief en relatief goedkoop middel tegen malaria: muskietennetten die met insecticiden zijn geïmpregneerd. Op dat moment sprong Stone op, zegde een bedrag van 10.000 dollar toe en begon zwaaiend met haar armen een spontane inzamelingsactie onder de genodigden. Er werd in totaal een miljoen dollar toegezegd.

Toen het jaar daarop nog geen kwart daarvan werkelijk was betaald, voelde Unicef zich gedwongen de rest bij te passen, waardoor andere projecten erbij inschoten. ‘Jaren van nauwgezette Sophie’s Choice-achtige dilemma’s over hoe het beschikbare geld verdeeld moest worden over verschillende hulpverleningsprojecten waren ongedaan gemaakt door de plotselinge opwelling van mevrouw Sharon Stone.’

Wanneer sterren zich met hulpverlening gaan bemoeien, stelt Hyde, zijn het altijd de ‘populaire’ goede doelen die gesteund worden – ‘op dit moment Afrika en aids’ – en geen ‘afzichtelijke huidaandoeningen’ of ‘mentale stoornissen die tot gewelddadigheid kunnen leiden’. Bovendien is het niet waar dat de inzet van sterren tot meer vrijgevigheid leidt. Cijfers laten zien dat Amerikanen de afgelopen veertig jaar zo’n beetje hetzelfde percentage van hun netto-inkomen aan goede doelen hebben gegeven: rond de 2,2 procent. Toch overheerst bij hulpverleningsorganisaties de notie dat er eigenlijk niets meer mogelijk is zonder dat een beroemdheid zich ervoor inzet.

Op alle fronten rekent Hyde in Celebrity af met het berekenende engagement van beroemdheden. Dat de Scientology Kerk handig gebruikmaakt van de faam van Tom Cruise is bekend, maar ik wist niet dat achter het dwepen met de kabbala van Madonna een gewiekste commerciële organisatie schuilgaat, die onder meer ingestraald water voor bijna 5 dollar per flesje op de markt brengt.

De breed verkondigde betrokkenheid van beroemdheden is meestal onbenullig, vaak hypocriet – er moet iets goed gemaakt worden met het publiek na een pijnlijke ontsporing – en soms bedenkelijk. Organisaties en ook overheden proberen positieve publiciteit te krijgen door aan te haken bij de populaire cultuur: Pino uit Sesamstraat en een van de zangers van de boyband The Backstreet Boys werd van officiële zijde om adviezen gevraagd voor respectievelijk jeugdbeleid en de toekomst van kolenindustrie, president Peres van Israël luisterde geduldig naar de ongeïnformeerde stelligheden van Madonna, Sharon Stone en Leonardo DiCaprio, die allemaal een recept hadden voor vrede in het Midden-Oosten.

Wel jammer dat de enige toonsoort van Hyde bijtend sarcasme is. Het is ongetwijfeld waar dat de celebrity-cultuur overheersend is en alomtegenwoordig maar nergens verschaft Hyde een verklaring van hoe dat zo heeft kunnen gebeuren. Ze had dieper in moeten gaan op het sterk gewortelde geloof van serieuze organisaties dat hun werk alleen aandacht kan krijgen wanneer het door een beroemdheid als ‘ambassadeur’ gesteund wordt. Traditionele instituten verhouden zich moeizaam tot de moderne mediacultuur waarin alles persoonlijk, of quasi-persoonlijk, is gemaakt. De hedendaagse beroemdheid, die een product van de mediacultuur is, voelt steeds sterker de behoefte om zich als betrokken te profileren en gebruikt daarvoor de serieuze uitstraling van die instituten. De ene partij wil dus dat de goede zaak een menselijk gezicht krijgt, de andere partij heeft bij haar al te menselijke gezicht een goede zaak nodig. Men denkt elkaar te kunnen gebruiken: de ster wordt geloofwaardig door de associatie met een goede zaak, de organisaties denken populair te worden door de uitstraling van de ster. Het is dus vooral een kwestie van aura. Dat de werkelijkheid minder belangrijk wordt – Madonna bijvoorbeeld verloor al weer snel haar belangstelling voor het verwerken van radioactief afval met behulp van de kabbala – is een logisch gevolg. Het gaat beide partijen om de schijn van betrokkenheid.

Dat is nauwelijks nieuws. Het grote raadsel is waarom een steeds groter deel van de mensheid daar genoegen mee neemt, of er zelfs in zwelgt. Misschien omdat surrogaatbetrokkenheid ook voor het publiek uiteindelijk aantrekkelijker is dan echte betrokkenheid, die denkkracht en inspanning vereist. Het is zoveel aantrekkelijker om mee te gaan met de ‘spontane’ emotie van Sharon Stone tijdens het World Economic Forum dan rapporten over malariabestrijding te bestuderen.

In die zin is de hedendaagse celebrity-cultuur gewoon een exponent van de globalisering: complexe, wereldwijde problemen schreeuwen om persoonlijke, simplistische gebaren, anders haakt iedereen af. Waar het de politiek betreft wordt de burger steeds wantrouwiger, maar waar het de sterrencultuur betreft, lijkt de waarheid er nauwelijks toe te doen. De politicus die het waagt een zonnebril te declareren, roept de volkswoede over zichzelf af, terwijl de eindeloze commerciële manipulaties van sponsors en sterren alleen maar applaus oogsten. Dat komt doordat politici zelden sterren zijn. Met sterren leef je mee, in hun emoties en hun leugens.

Marina Hyde denkt een dodelijk punt te maken wanneer ze stelt dat het engagement van onze sterren meestal loos en zonder daadwerkelijk resultaat is. Ze ziet over het hoofd hoe aantrekkelijk dat voor het publiek kan zijn. Onze sterren verplichten ons tot niets.

Marina Hyde: Celebrity. How Entertainers Took Over the World and Why We Need an Exit Strategy. Harvill Secker, 239 blz. € 16,99

    • Bas Heijne