De spaarteckel

De spaarteckel Rintje illustratie Sieb Posthuma Posthuma, Sieb

Henriette en Rintje zijn bij Tobias. „Wat is je allermooiste speelgoed?” vraagt Henriette als ze op de kamer van Tobias zijn.

„Deze brandweerauto van hout”, zegt Tobias. „Of nee, misschien toch dit opwindbare helikoptertje. Die kan echt vliegen, kijk maar!”

Met een kleine sleutel windt Tobias de helikopter op. Dan laat hij hem los.

„Wat mooi”, zuchten Rintje en Henriette.

„Ik koop later een echte”, zegt Tobias. „Of misschien wel drie, want ik word heel rijk.”

„Pffft”, zegt Henriette. „Hoe weet je dat nou? Dat weet niemand van tevoren.”

„En ik koop ook een brandweerauto, alleen voor mijzelf”, zegt Tobias. „En heel misschien als jullie mijn vrienden blijven, mogen jullie meerijden!”

„Wat een opschepper ben jij”, zegt Rintje. „Nou, ik weet niet of we dan nog vrienden zijn, want opscheppers vind ik niet leuk.”

„Je bent gewoon jaloers”, zegt Tobias. „Ik kan het me wel voorstellen want het is ook heel erg fijn om de allerrijkste te zijn! En ik ben eigenlijk al best rijk, want ik heb gespaard!”

„Je bedoelt het geld dat je voor je rapport hebt gekregen van je oma”, zegt Rintje. „Nou, dat hebben wij ook hoor!”

„En waar bewaar je al dat gespaarde geld dan?” vraagt Henriette.

„In een spaarteckel”, zegt Tobias.

„Een spaarteckel?” Rintje en Henriette moeten nu heel hard lachen. „Je bedoelt een spaarvarken!”

„Nee”, zegt Tobias. Ik bedoel een spaarteckel, daar kan veel meer in dan in een varken. Kijk maar!”

Nu graait Tobias onder de deken in zijn mand. „Kijk eens!”

Rintje en Henriette zien een heel lange teckel van steen met een gleufje in zijn rug.

Als Tobias de teckel schudt klinkt er gerinkel.

„Hoor maar hoe rijk ik al ben! Ik zal zo vertellen wat ik er verder allemaal van ga kopen, maar ik ga nu eerst even wat koekjes en drinken halen.”

„Zou er echt zoveel geld in zitten?” zegt Rintje als Tobias weg is.

Henriette pakt de spaarteckel en kijkt er eens goed naar. „Je kan er wel geld in stoppen maar er niet uithalen,” zegt ze. „Wat gek!”

„Dan moet hij dus kapot als je wilt weten hoeveel je hebt gespaard,” zegt Rintje.

„Mag ik eens voelen hoe zwaar hij is?”

Ongeduldig wil hij de teckel van Henriete af pakken maar dan....PATS!

De spaarteckel ligt in duizend stukjes over de hele vloer. En ook de muntjes liggen door de hele kamer.

Rintje en Henriette zijn erg geschrokken, en als Tobias de kamer weer binnen komt moet hij zelfs huilen.

„Het spijt me”, zegt Rintje. „Maar ik was te nieuwsgierig. En je bent inderdaad al heel rijk. Morgen gaan we naar de winkel en koop ik van mijn spaargeld een nieuwe spaarteckel.”

Nu moet Tobias door zijn tranen heen wel weer lachen.

„Dan mogen jullie later in mijn eigen brandweerauto meerijden”, zegt hij. „De hele wereld rond!”