Prinselijk toezicht

Hoe belangrijk is de raad van commissarissen van De Nederlandsche Bank (DNB), het orgaan waarvan kroonprins Willem-Alexander lid is? Volgens minister Wouter Bos (Financiën, PvdA) heeft de raad „geringe” bevoegdheden. Volgens de Rijksvoorlichtingsdienst houdt de raad slechts toezicht op het „beheer binnen de bank”. De bank zelf is minder bescheiden. De raad van commissarissen beschikt over „belangrijke bevoegdheden”, aldus DNB.

Wie heeft gelijk?

DNB is in de buurt. De commissarissen hebben geen invloed op taken die voortvloeien uit de wet in Nederland en het verdrag waarop de Europese Centrale Bank (ECB) is gebaseerd. Maar de raad heeft, aldus artikel 9 van de statuten, wel de bevoegdheid besluiten van de directie „aan zijn voorafgaande goedkeuring te onderwerpen”. Dat ligt ook voor de hand met gelouterde bestuurders als Kist (ING), Kleisterlee (Philips) en Bolkestein (ex-eurocommissaris).

Naarmate de omgeving van de bank turbulenter wordt, wordt die bevoegdheid ook serieuzer. Zeker afgelopen jaren heeft DNB verregaande beslissingen moeten nemen, bijvoorbeeld als de ECB besloot tot een van haar interventies op de financiële markten.

Zou de raad van commissarissen al die beslissingen geheel en al, voor- én achteraf, hebben overgelaten aan Wellink? Het zou een wel heel luchtige interpretatie zijn van zijn statutaire taken. Het is dus niet ondenkbaar dat ook kroonprins Willem-Alexander daarover als commissaris een oordeel heeft moeten vellen.

En daarbij blijft het niet. Het primaire doel van DNB is tot nu toe monetair geweest: het bewaken van de prijsstabiliteit. Die taak kan als apolitiek worden opgevat.

Maar gedwongen door de kredietcrisis schuift dat pakket nu op: naar controle op de integriteit van banken en het stimuleren van de economie, ook als dat gevolgen heeft voor de inflatie. Hierbij komen ook politieke overwegingen om de hoek kijken, waarin de kroonprins zich wellicht zou moeten mengen zonder daarop aanspreekbaar te zijn.

Nog politieker wordt de raad van commissarissen nu de Tweede Kamer een parlementair onderzoek is begonnen naar de kredietcrisis. Ook DNB zal daarbij onder de loep worden genomen. Het is nog te vroeg om op de resultaten vooruit te lopen en nu al een eerste antwoord te geven op een eventuele schuldvraag. Maar het zou hoe dan ook niet goed zijn als de onderzoekscommissie-De Wit, positief of negatief, wordt beïnvloed door het feit dat een onschendbaar lid van het Koninklijk Huis betrokken zou kunnen raken.

De kroonprins is lid van de raad van commissarissen om zich voor te bereiden op zijn komende koningschap. Dat moet inderdaad gebeuren met functies die wat om het lijf hebben. Maar als die maatschappelijke voorbereiding hoe dan ook bij DNB moet plaatsvinden, is er aan het Westeinde in Amsterdam een beter en vooral staatsrechtelijk minder precair orgaan voorhanden: de zogeheten Bankraad. Die sanctioneert geen besluiten, maar fungeert slechts als „klankbord” en adviseur van de centrale bankdirectie.