Papieren recensie houdt gezag

Amateurrecensies van literatuur op internet zijn geen serieuze bedreiging voor boekbesprekingen in de krant. Dat ontdekte Mark Verboord.

Vroeger was het eenvoudig. Wie van literatuur hield, las de krant of het weekblad om zich te laten gidsen door gerespecteerde recensenten. Maar die wereld is veranderd. Culturele voorkeuren waren lange tijd homogeen en een vrij nauwkeurige afspiegeling van de sociale positie van de mensen die ze hadden. Sterker, voorkeuren functioneerden als manieren om die positie te ‘legitimeren’. Het werk van de Franse socioloog Pierre Bourdieu is met deze benadering verbonden.

Maar dit model vertoont sinds een jaar of tien steeds grotere barsten: de verdeling hoge cultuur-lage cultuur is niet meer zo duidelijk. Mensen die van literatuur houden, luisteren naar popmuziek en lezen ook wel eens strips. Veel cultuurconsumenten zijn in de gevleugelde woorden van de Amerikaanse socioloog Richard Peterson van ‘snob’ tot ‘cultureel omnivoor’ geworden. Daar komt bij dat het podium van de gerespecteerde recensent, de gevestigde krant of het tijdschrift, steeds meer concurrentie ondervindt van internet. En daar zijn ook heel wat recensies te vinden, vaak van amateurs, fans of andere niet-profs.

„Ik dacht dus dat de professionele recensent in krant of tijdschrift wel terrein zou verliezen”, zegt Marc Verboord, socioloog aan de Erasmusuniversiteit en deelnemer aan een groot NWO-project over reputatie- en oordeelsvorming in het culturele domein. „Ik verwachtte dat de mensen zich minder op profs en meer op internetbronnen zouden verlaten.” Hij deed er onderzoek naar, aan de hand van een databestand met gegevens van 1.500 Nederlandse en Vlaamse boekenlezers. Die had hij verzameld voor een onderzoek dat hij in 2005 in opdracht van de Taalunie verrichtte. Een van zijn vragen had betrekking op de waarde die boekenlezers toekennen aan het literaire oordeel van verschillende gidsen: een vriend of kennis, een boekverkoper, een medewerker van een bibliotheek, een literatuurprofessor, een andere lezer die op internet een bespreking had achtergelaten, of een recensent van De Telegraaf, NRC Handelsblad, de Volkskrant en de Libelle. De vriend en de kennis behaalden de hoogste scores (3,1 op een schaal van één tot vier), maar meteen daarna kwamen de experts: de literatuurprofessor (2,6) en de recensenten van de NRC (2,6) en de Volkskrant (2,3). Een andere lezer op internet kreeg een relatief lage score (1,8), net iets hoger dan de recensent van de Libelle (1,1) of de Telegraaf (1,1).

Verboord: „In de literatuur is het expertsysteem nog onomstreden. De amateurrecensies, die je op internet vindt hebben daar nog weinig vat op.”

De relatie tussen geloof in het expertsysteem en het hebben van een brede culturele belangstelling bleek complexer. Verboord: „Culturele omnivoren met een belangstelling voor allerlei culturele uitingen zijn vaker krantenlezers en waarderen het expertsysteem. Die mensen vinden gewoon alle informatie interessant. Maar wie vooral omnivoor is in het leesdomein, wie dus naast literatuur ook detectives, horror en romance leest, die is daar weer veel minder over te spreken en zoekt vaker zijn toevlucht bij recensies van gelijkgestemden, van peers.”

Het interessante is, zegt Verboord, dat amateurrecensies op internet, zoals www.goodreads.com, in taalgebruik en argumentatie veel op professionele recensies lijken. Of dat zo blijft is de vraag. „In mijn onderzoek is de generatie die nu opgroeit wat ondervertegenwoordigd. En die generatie koopt geen cd’s, heeft geen abonnement op een krant. De vraag is: hoe komen zij in de toekomst aan hun oordeel? Netwerksites als Hyves zullen daarin waarschijnlijk een functie gaan vervullen.” Of Amazon, die suggereert: lezers die dit boek hebben gekocht, kochten ook dat boek? „Dat zou kunnen, in feite is dat ook een beoordeling door je peers.”

Lees boekrecensies uit NRC Handelsblad op www.nrc.nl/boeken

    • Warna Oosterbaan