Hè, lekker informeel

Gisteren nam Zweden het Europese voorzittersstokje over van Tsjechië.

Het land wil iets betekenen op vertrouwde terreinen: het klimaat en de economie.

In Brussel wordt het interieur van een Zweeds tintje voorzien. Zweden is het komende half jaar EU-voorzitter. (Foto AFP) Workers prepare decorations on June 30, 2009 in the main hall of EU headquarters in Brussels, on the last day of the EU Czech presidency. Sweden will take over the six-month, rotating EU presidency on July 1. AFP PHOTO/ JOHN THYS AFP

Anders Borg heeft een paardenstaart en een ringetje door zijn oor. Hij is minister van Financiën van Zweden. De Zweden, sinds gisteren voor een half jaar voorzitter van de Europese Unie, pakken het informeel aan. Net als Fredrik Reinfeldt, hun premier die pas 43 is. Hij staat zelf bij de ingang van een restaurant in Stockholm om journalisten uit Brussel te ontvangen. Hij heeft zin om tijdelijk leiding te geven aan een club met 500 miljoen inwoners.

Parlementariër Susanne Eberstein van de Zweedse sociaal-democraten, die in de oppositie zitten, weet wel waarom. Reinfeldts voorganger deed het goed in de opiniepeilingen na het vorige Zweedse EU-voorzitterschap. Zes maanden vol fotomomenten met wereldleiders: wie wil dat niet, een jaar voordat er verkiezingen zijn.

Zoals zoveel sociaal-democraten in Europa beleeft Eberstein weinig lol aan de economische crisis. Zweden, waar de sociaal-democraten tot voor kort meestal aan de macht waren, wordt sinds 2006 geregeerd door een coalitie van vier centrum-rechtse partijen. Die stegen in de peilingen sinds de crisis.

Er zijn goede en slechte voorzitterschappen. De Tsjechen kregen het afgelopen half jaar nauwelijks iets voor elkaar. En ze spraken ook nog eens slecht Engels, werd in Brussel geklaagd. Verder hielp het niet dat de Tsjechische regering in maart viel. Daarvoor was er Frankrijk, dat zoveel topontmoetingen organiseerde dat diplomaten en ambtenaren er moe van werden. Maar er gebeurde wel wat in Brussel. En de Franse president Sarkozy bemiddelde met succes namens de EU toen er oorlog uitbrak tussen Rusland en Georgië.

„Grote landen hebben overduidelijke voordelen”, zegt minister van Buitenlandse Zaken Carl Bildt. Ze hebben meer diplomaten. Meer aanzien. Daardoor komen ze makkelijker binnen in het Kremlin of het Witte Huis. „Kleine landen hebben die voordelen niet. Maar ik geloof dat ik wel durf te zeggen dat Zweden een middelgroot land is.” Zweden heeft ruim 9 miljoen inwoners.

De Zweden hebben in ieder geval het voordeel dat ze Engels spreken. En ze hebben een paar politici met veel internationale ervaring. Carl Bildt was in de jaren 90 zelf premier en zat dus al bij heel wat toppen. Cecilia Malmström, de minister voor Europese Zaken, was Europarlementariër en kent ook de weg in Brussel.

De Zweden hebben twee voor de handliggende prioriteiten: het klimaat en de economie. Met beide hebben ze ook collectief ervaring. Ze zien zichzelf graag als voorbeeldland voor milieubeleid. „Sinds 1990 hebben we de uitstoot van CO2 gereduceerd met 10 procent. In dezelfde tijd groeide de economie met ongeveer 50 procent”, zegt premier Reinfeldt. Milieubeleid hoeft de economie niet te schaden, wil hij andere landen voorhouden.

Zweden heeft al sinds 1991 een CO2-belasting op fossiele brandstoffen, voor particulieren en bedrijven. De Zweedse regering zou graag zien dat de EU dat voorbeeld volgt. Maar de komende maanden zal het vooral gaan over Kopenhagen, waar de wereld in december onderhandelt over een klimaatverdrag. Dat kan er alleen komen als de rijke landen betalen voor milieumaatregelen in arme landen. Zweden moet er voor zorgen dat de EU-landen het eens worden over de vraag hoeveel ze bijdragen. En vooral: hoe moeten die kosten binnen de Europese Unie worden verdeeld?

Verder zullen de Zweden werken aan verscherpt toezicht op banken. Ook hier hebben ze expertise, benadrukken ze. Zweden had in de jaren negentig zelf al een bankencrisis en maakte toen het nationale toezicht op financiële instellingen strenger. „We hebben in die tijd veel dingen gedaan waar Europa en de wereld nu over praten”, zegt premier Reinfeldt.

Een nadeel voor de Zweden is dat ze zelf de euro niet gebruiken. Ze zijn daarom geen lid van de eurogroep, het overlegorgaan van landen die dat wel doen. In 2003 organiseerde de Zweedse regering een referendum over de euro. Het antwoord van de bevolking was nee. Maar het grootste gevaar voor de Zweden is dat ze veel tijd kwijt zijn aan institutionele problemen. In oktober houden de Ieren een tweede referendum over het Verdrag van Lissabon. Wat als ze opnieuw nee zeggen? „Het officiële antwoord is dat er geen plan B is”, zegt Carl Bildt. „Het echte antwoord is nog erger. Er is géén plan B.” Het nieuwe EU-verdrag moet door alle 27 EU-lidstaten worden goedgekeurd.

    • Jeroen van der Kris