Bijna altijd voelt hij zich verraden

Vlak voor vertrek naar de Tour wordt hij uit de ploeg gezet wegens epogebruik.

Urinemonster uit december 2007 blijkt een verboden stof te bevatten.

Thomas Dekker: "Als ik win, roep ik: grazie Cecchini!" (Foto Bas Czerwinski) Lido di Camaiore, mei 2006 Thomas Dekker in Italie FOTO: Bas Czerwinski Czerwinski, Bas

Op meer dan een half uur van de winnaar was Thomas Dekker gefinisht in de eerste etappe van de Ronde van Zwitserland, eind juni 2008. Hoe was het mogelijk; hij gold op dat moment toch als Nederlands hoop voor de Tour? „Ik kan niets zeggen”, ontweek hij de vraag, een paar uur later in het hotel van de Raboploeg in Sumiswald. „Er is zoveel gezeik”, begon hij even later toch, met de blik gericht op zijn leeftijdgenoten Wesley Sneijder, Robin van Persie en Rafael van der Vaart, die op het televisiescherm voor duizenden uitzinnige Oranjefans schitterden tijdens het EK voetbal in Zwitserland. „Heb ik toch de verkeerde sport gekozen.”

Gisteren werd bekend dat Dekker (24) bij een dopingcontrole aan de vooravond van Kerst 2007, toen het wielerseizoen stil lag, is betrapt op het gebruik van het voor sporters verboden eiwithormoon epo. Zijn ploeg Silence-Lotto trok Dekker direct terug als deelnemer aan de Ronde van Frankrijk, die zaterdag start in Monaco. De internationale wielerunie UCI wil een schorsing van twee jaar.

Vorig jaar in Zwitserland draaide Dekker er al niet omheen. Dat voorjaar was hij doorgebroken in de klassiekers, maar tussen hem en de Raboploeg kwam het nooit meer goed. Hij zou fysiek ongemak voorwenden omdat hij niet mocht starten in de Tour. Geen greintje respect had hij voor de beslissing van de nieuwe directeur Harold Knebel, een bankier. Wat erger was: hij voelde zich verraden door de mensen die hij vertrouwde, zoals ploegleider Erik Dekker. Waarom wilde hij dat niet vertellen in een interview? „Misschien vertellen zij dan wel iets over mij.”

In den beginne was er een uniek talent. Achter de brommer van vader Bart over de Noord-Hollandse wegen, samen met vriend Bas Giling naar de koers. Geweldige erelijst als junior, internationale topper bij de beloften. „Het grootste talent dat ik ooit heb gezien”, zegt Adrie van Diemen, toen trainer van de Rabo-jeugd.

Eind 2005 stapte Dekker over naar de profploeg van Rabo. Jonge talenten hadden in die tijd de grootste moeite om zich staande te houden bij de profs, „de haaienvijver”, zoals toenmalig directeur Theo de Rooij ooit omschreef. Sinds de jaren negentig was er een praktijk gegroeid van epogebruik. Eerst gecontroleerd door de ploegen, later door renners op eigen houtje. Routiniers vonden hun weg, de meeste jongeren wachtten jaren op een doorbraak, als die al kwam. Dekker wachtte niet. Wat Sven Kramer kon als schaatser of Theo Bos als baanrenner kon hij ook, vertelde hij in zijn ouderlijk huis in Dirkshorn. Vader, moeder en zus keken trots toe, plakboeken in de hand.

Dekker vond zijn weg, al moest hij ervoor verhuizen naar het Italiaanse Lucca. Hij werkte met de omstreden trainer en arts Luigi Cecchini, die eerder toppers als Bjarne Riis, Jan Ullrich en Ivan Basso begeleidde. Opnieuw een veilige omgeving, zoals hij die eerder had bij de in 2004 overleden bondscoach Gerrie Knetemann. La dolce vita, het leven van een ster, met Porsche en al. Maar wel een ster met volop zweetdruppels op de Monte Serra, zijn vaste trainingsberg. „Hij scoort de beste klimtijden van allemaal”, zegt Cecchini.

Er kwamen successen, zoals de eindzege in de prestigieuze rittenkoers Tirreno-Adriatico. Verwachtingen; kon hij ooit de Tour winnen? En zoals bij alle wielertoppers: geruchten. Waarom ging hij in 2006 niet mee naar de Tour, een maand nadat in Spanje het bloeddopingschandaal Operacion Puerto was blootgelegd? Pat McQuaid, voorzitter van de UCI, verbood hem om nog langer met Cecchini te werken. Dekker boos. „Als ik win, roep ik ‘Grazie Ceccho’!”

In 2007 trok hij steeds intensiever op met routinier Michael Boogerd. Opnieuw een veilige omgeving. En succes: winst in de Ronde van Romandië, hoofdrol in de Tour, in dienst van geletruidrager Michael Rasmussen. Tot de Deense kopman aan het einde van de Tour door zijn eigen sponsor uit de wedstrijd werd gehaald omdat hij had gelogen over zijn verblijfplaats in de voorbereiding. Van alle Rabo’s had een boze Dekker de meeste moeite om de Tour te vervolgen.

Directeur De Rooij vertrok, Boogerd stopte. De Raboploeg stapte over op een streng intern controlesysteem. Dekker was zijn veilige omgeving kwijt, toen op 24 december 2007 de dopingcontroleurs voor de deur stonden.

Toch reed hij een geweldig voorjaar 2008, met topklasseringen in grote klassiekers. Vreemd, op de slotdag van de Ronde van Romandië stapte hij plotseling af, met een topklassering in handen. Twee maanden later bleek een breuk met zijn ploeg onafwendbaar.

Maar dan het eindspel. Vlak voor de Tour 2008 vertelde de inmiddels voor twee jaar geschorste Rasmussen aan deze krant dat Dekker voorkwam op een lijst van 23 renners die verdachte bloedwaarden hadden in hun biologisch paspoort, het nieuwste controlemiddel van de UCI. De Raboploegleiding ontkende bij hoog en bij laag, net als de UCI. Toch meldde de Volkskrant direct na de Tour ‘verdachte bloedwaarden’ bij Dekker. De renner counterde door zijn bloedwaarden openbaar te maken. „Niets aan de hand”, concludeerde hij. Wat de UCI bevestigde.

Dekker vertrok naar het Belgische Silence-Lotto. Als reactie op kritische volgers overdreef hij soms zijn luxueuze levensstijl. Grote resultaten bleven uit. De UCI hield hem klaarblijkelijk goed in de gaten en zag in zijn bloedwaarden aanleiding om een urinemonster uit 2007 uit de koelkast te halen. Dekker presteerde pas onlangs weer echt goed, met een derde plaats in de slottijdrit van de Ronde van Zwitserland. Om vlak voor vertrek naar Frankrijk te horen dat zijn ploeg hem terugtrekt wegens epogebruik.