Commissaris DNB gaat niet over bank zelf

Willem-Alexander is als commissaris betrokken bij De Nederlandsche Bank. Hij gaat niet over het werk van de bank zelf. Toch vindt de Tweede Kamer het een ongelukkige constructie.

Het is geen halszaak, maar toch lijkt het de meerderheid van de Tweede Kamer verstandig als prins Willem-Alexander zich terugtrekt als lid van de raad van commissarissen van De Nederlandsche Bank (DNB). Volksvertegenwoordigers maken zich zorgen over de aanzwellende kritiek op de rol van toezichthouder in de kredietcrisis. Moet een minister, wellicht de minister-president, straks namens de kroonprins verantwoording gaan afleggen voor een parlementaire onderzoekscommissie?

Discussies over de nevenfuncties van leden van het Koninklijk Huis zijn bijna een vast onderdeel van het parlementaire seizoen. Voorafgaand aan de Olympische Spelen in Peking kwam de vraag op of Willem-Alexander wel als lid van het Internationaal Olympisch Comité (IOC) aanwezig kon zijn bij de openingsceremonie als de regering zou besluiten níet te gaan vanwege kritiek op de situatie in Tibet. Eerder leidde corruptie binnen het IOC tot een debat over de risico’s van nevenactiviteiten.

Maar volgens de Rijksvoorlichtingsdienst (RVD) zijn zulke nationale en internationale functies van belang ter voorbereiding van zijn toekomstige taak als koning. De prins is niet van plan zijn nevenfunctie bij DNB op te geven, maar het probleem zou vanzelf kunnen oplossen. Willem-Alexander stopt met deze en de meeste andere nevenfuncties als hij koning wordt. De benoemingstermijn bij de centrale bank loopt volgend jaar af.

De rijksvoorlichtingsdienst benadrukt de beperkte rol van een commissaris bij De Nederlandsche Bank: die gaat niet over toezicht, maar ziet toe op het bedrijf DNB. Hij stelt de jaarrekening vast en keurt de begroting goed. Een activiteit die volgens Tweede Kamerlid Ewout Irrgang van de SP overigens direct raakt aan het toezicht op het functioneren van de directie van de centrale bank. Volgens hem heeft de commissaris dus ook iets uit te leggen als die directie heeft gefaald.

Zeker is dat een commissariaat bij De Nederlandsche Bank niet zomaar een commissariaat is. Hier commissaris zijn, zoals prins Willem-Alexander en voor hem prins Claus, is werk met een ongewone inhoud. De Nederlandsche Bank is een bank met een exclusieve klantenkring, het is een grote belegger (40 miljard euro), het is een aanzienlijke werkgever (bijna 1.500 voltijdbanen), maar het is bovenal de toezichthouder op banken, verzekeraars en pensioenfondsen en nauw betrokken bij de hoogte van de rente in Europa.

Hier commissaris zijn geldt als een functie met prestige. De voorzitter van de raad is Fokko van Duyne, voormalig bestuursvoorzitter van staalbedrijf Hoogovens (nu Corus). Secretaris is Els Swaab, advocaat en voorzitter van de stichting die grootaandeelhouder is van de eigenaar van onder meer NRC Handelsblad. Onder de commissarissen is ook Frits Bolkestein, voormalig VVD-leider en Philips-topman Gerard Kleisterlee. Zij vergaderden vorig jaar zeven keer en kregen voor hun werk minimaal 23.000 euro. Volgens de RVD is de kroonprins vrijwel altijd aanwezig bij deze vergaderingen.

Commissarissen moeten toezicht houden op de gang van zaken in een organisatie, maar deze commissarissen werken met een handicap. Voor de kerntaken van de centrale bank, zoals de rente en het financiële toezicht, zijn zij niet verantwoordelijk. Dat is politiek. Daar werkt de directie van De Nederlandsche Bank onder toezicht van de minister van Financiën, die op zijn beurt verantwoording moet afleggen aan de Kamer.

De commissarissen zitten erbij, kijken er naar, maar praten in een aparte vergadering „onder de vigerende geheimhoudingsbepalingen” met president Nout Wellink en de andere directieleden over ontwikkelingen bij de Europese Centrale Bank, in het toezicht en in het betalingsverkeer.

Veel kamerleden wisten niet dat Willem-Alexander lid is van de raad van commissarissen, al staat dat op zijn openbare lijst van nevenfuncties. SP’er Irrgang zegt nu evenwel dat de kroonprins deze functie nooit had mogen hebben.

Als Willem-Alexander zou worden opgeroepen te getuigen bij de parlementaire onderzoekscommissie Kredietcrisis, hoeft hij niet te komen. Een onderzoekscommissie kan dat, in tegenstelling tot een enquêtecommissie, niet afdwingen. Maar dat zal voor commissievoorzitter Jan de Wit (SP) een reden zijn om te pleiten voor een enquête waar getuigen moeten komen en onder ede kunnen worden gehoord.

Hoogleraar staatsrecht Paul Bovend’Eert van de Radboud Universiteit Nijmegen noemt de kwestie „nutteloos Haags tijdverdrijf”. „De prins is toch zeker geen lid van de Wassenaarse afdeling van de Hells Angels. Als dit al niet kan, moet hij dan achter de geraniums gaan zitten tot hij koning wordt?”

Bovend’Eert vindt dat de ministeriële verantwoordelijkheid in dit geval te ruim wordt geïnterpreteerd. „Het kabinet is verantwoordelijk voor het handelen van de koning(in) en als het handelen van leden van het Koninklijk Huis het openbaar belang raakt.” Wat hem betreft is dat niet aan de orde.

Bekijk alle functies van de prins via nrc.nl/binnenland