Zelaya: ik reis donderdag naar Honduras

De internationale gemeenschap heeft gisteren de druk op de militaire coupplegers in Honduras opgevoerd door zich verder achter de zondag verdreven president Manuel Zelaya te scharen. Hij zei dat hij donderdag zal pogen terug te keren naar zijn land.

Na overleg met de secretaris-generaal van de Organisatie van Amerikaanse Staten (OAS), de Chileen José Miguel Insulza, vertelde Zelaya vannacht dat hij ingaat op diens aanbod om donderdag met hem mee af te reizen naar Honduras. De OAS heeft de coup de afgelopen dagen scherp veroordeeld, net als verscheidene buitenlandse regeringsleiders en andere regionale samenwerkingsverbanden.

Eerst reist Zelaya nog naar de Verenigde Staten. Daar zou hij vandaag in New York de Algemene Vergadering van de Verenigde Naties toespreken. Dit platform wordt hem geboden door de tijdelijke voorzitter van de vergadering, de Nicaraguaan Miguel D’Escoto. Nicaragua, een links geregeerd buurland van Honduras, vormde gisteren het ontmoetingspunt voor het regionale crisisoverleg.

Morgen zou Zelaya Washington aandoen, waar het hoofdkwartier van de OAS zit. Het is onbekend of hij nog ontvangen zal worden door hoge Amerikaanse regeringsfunctionarissen.

De Amerikaanse president Barack Obama ging gisteren volledig achter Zelaya staan. „Wij vinden dat de coup illegaal was en dat president Zelaya de democratisch gekozen president blijft”, zei Obama. „Het zou een afschuwelijk precedent scheppen als we terugkeren naar de tijd dat we militaire staatsgrepen eerder zagen als een middel van politieke transitie dan democratische verkiezingen.”

Veel landen in de regio herhaalden dat de coup in hun ogen illegaal is. De Midden-Amerikaanse landengroep SICA, waarvan ook het rechts-conservatief geregeerde Mexico lid is, besloot tijdelijk haar ambassadeurs uit Tegucigalpa terug te roepen. De door president Chávez van Venezuela opgerichte links-nationalistische landenclub Alba deed hetzelfde. Regionale grootmacht Brazilië besloot om zijn ambassadeur, die al in het buitenland verkeerde, voorlopig niet terug te sturen.

De politie en het leger zetten waterkannonen en traangas in tegen betogers die zich onder meer verzamelden bij het presidentieel paleis en de ambtswoning. Daarbij vielen volgens ooggetuigen enkele tientallen gewonden en werden zo’n twintig mensen opgepakt.

Daarnaast werden zeven buitenlandse verslaggevers kortstondig opgepakt. De journalisten van het Amerikaanse persbureau AP en Telesur, een door Venezuela en andere linkse regeringen gefinancierde nieuwszender, kregen te verstaan dat ze niet over de demonstraties vóór Zelaya mogen berichten. (AP, AFP, Reuters, BBC)