Twitterprofiel op groen! En dan?

Het politieke protest van mijn generatie beperkt zich tot een druk op de knop.

Gebruik internet liever om écht demonstraties en verandering te organiseren.

(Illustratie Tomas Schats) Schats, Tomas

Duizenden Nederlandse Twitter-gebruikers gaven uit solidariteit met de Iraanse protesten hun profielfoto een groene kleur. #IranElection is sinds de verkiezingsdag continu één van de meest besproken Twitter-onderwerpen geweest. Elke dag vinden foto’s en geruchten via Twitter de weg naar virtuele demonstranten.

Hoewel ik de acties van groot medeleven vind getuigen, vermoed ik dat president Ahmadinejad er niet van wakker ligt. De Iraanse bevolking heeft nauwelijks toegang tot sociale netwerksites en in het Westen waren ze toch al niet gek op de Iraanse president.

Door de virtuele demonstraties verandert in Iran weinig. De miljoenen mensen die binnen de veilige omgeving van hun sociale netwerk protesteren, lijken dit óf niet te beseffen, óf ze zijn niet bereid verder te gaan dan alleen hun naam aan de ‘goede zaak’ te verbinden. Lid worden van de Mousavi Facebook-groep, de Twitter-profielfoto op groen zetten of een boos twitterbericht posten – daar blijft het bij.

Nu is het niet eenvoudig om de Mousavi-stemmers op welke manier dan ook vanuit Nederland te steunen. Maar ook als het nationale onderwerpen betreft, gaat politiek protest van mijn generatie vaak niet verder dan één druk op de knop. Al 54.266 Hyves-gebruikers klikten op de ‘Lid worden’-knop van de Anti-Wilders-hyve. In het forum maken leden er een sport van bewijzen aan te voeren dat de PVV-leider Hitler imiteert. Ook roept iemand om de tien berichten dat „het nu echt tijd voor actie is”. Op een Amsterdamse anti-Wilders-brainstorm kwamen er onlangs desondanks 25 mensen af. Hoewel 17 procent van de Nederlandse stemmen tijdens de Europese verkiezingen naar Wilders ging, en hoewel de weerstand tegen de politicus groot is, voelt slechts een kleine groep de noodzaak echt in actie te komen. Demonstraties op het Malieveld hebben we nog niet gezien.

Alléén je naam verbinden aan een bepaalde missie of overtuiging is een luie vorm van protest. Een beetje zoals merchandising een luie vorm van adoratie is. Na een bezoek aan het wereldberoemde Museum of Modern Art (MoMA) in New York, viel het me op dat de museumshop gedomineerd werd door shirts, notitieboekjes en portemonnees met afbeeldingen van onder anderen Andy Warhol. Door zo’n product aan te schaffen, uit je op een gemakkelijke manier je bewondering. Het is echter veel interessanter om écht uiting te geven aan je adoratie. Door je in je gedrag, in je keuzes, of in je beroep te laten inspireren door idolen voeg je waarde toe. Je inspireert immers ook weer andere mensen.

Zoals Damien Hirst dat doet. De Britse kunstenaar – die bekend werd met een haai op sterk water en een diamanten schedel – heeft Warhol altijd als grote inspirator gezien. Dat uitte hij echter niet met een T-shirt of portemonnee, maar met kunstwerken die de hele wereld opschudden. De mensen in de straten van Teheran of voor de Iraanse ambassades inspireren andere mensen ook meer dan zij die hun Twitter-foto op groen zetten.

Het protest van mijn generatie beperkt zich voornamelijk tot het groen maken van een profielfoto, lid worden van een anti- hyve of op een andere manier de naam verbinden aan een missie. Om vervolgens twee minuten later op Facebook of Twitter te klagen dat hij of zij „nu echt al tien minuten staat te wachten op een latte to go”. Dat is jammer, want tegelijkertijd weten juist twintigers als geen ander hoe ze online grote groepen moeten mobiliseren.

Internet is daar een effectief middel voor. Dat bewezen duizenden scholieren in november 2007 toen zij door het hele land tegen de 1040-urennorm protesteerden. Via chatprogramma MSN Messenger zette het Landelijk Aktie Komitee Scholieren (LAKS) de actie op. Dagenlang domineerden zij het nieuws. Hun boodschap werd door miljoenen Nederlanders gehoord en ze boekten resultaat.

Wat zou het mooi zijn als wij ons vermogen om online grote groepen bij elkaar te krijgen, gebruiken om de massa te bereiken en echte politieke of maatschappelijke verandering in gang te zetten. Groene Twitter-foto’s lijken groots binnen digitale kringen, maar in het winkelcentrum van Almere Buiten heeft niemand van die actie gehoord. De maatschappij als geheel bereik je als je écht demonstreert. En als het nieuws daarover ook RTL-4 bereikt, niet alleen Twitter.

Met alleen symbolische acties op het web veranderen we de wereld niet. Uiteindelijk moeten we internet tóch gebruiken voor het mobiliseren van grote groepen mensen op het Malieveld, Binnenhof of Museumplein.

Ernst-Jan Pfauth is redacteur van nrc.next