'NieuwZwart' dendert voort als tijdloze trance

Met Nieuw Zwart, de openingsvoorstelling van Julidans, wil Wim Vandekeybus helemaal opnieuw beginnen: „Ik was mijn werk vaak al beu voor het première ging.”

In het begin van de dansvoorstelling ‘Nieuw Zwart’ komen de dansers tevoorschijn vanonder een zee van glinsterend folie, als de ongewervelden die miljoenen jaren geleden uit de oceanen zijn gekropen. Foto Josep Aznar

NieuwZwart is een toepasselijk openingsvoorstelling van het festival Julidans in Amsterdam. Na zijn jubileumvoorstelling Spiegel, een collage van fragmenten uit eerder werk, wil Vlaamse choreograaf Wim Vandekeybus eens niets herkenbaars zien in zijn nieuwe stuk. Hij wil bij nul beginnen, bij het lichaam, zonder theatrale of cinematografische afleiding.

Het is gelukt, zegt hij daags na de Parijse première, terwijl hij in de hotellobby in zijn stoel wegzakt. „In het verleden was ik mijn eigen werk vaak bijna beu tegen de tijd dat het in première ging, maar nu zit ik vol verbazing te kijken. Ik snap er nog niets van, het is science fiction. Nog onbegrijpelijker vind ik het dat al die mensen er meer dan een uur naar blijven kijken.”

Zijn verbazing is voorstelbaar, want NieuwZwart is een curieuze voorstelling. Het begint met een prachtige scène die het begin van de evolutie lijkt te verbeelden: in het schemerduister komen de dansers tevoorschijn vanonder een zee van glinsterend folie, als de ongewervelden die miljoenen jaren geleden uit de oceanen zijn gekropen. Langzaam richten ze zich op, om naakt en verdoold rond te lopen. Al snel barst de energie los en dendert de voorstelling op een vrijwel constant spanningsniveau voort, met de zeven jonge dansers steeds op het toneel, vaak als een kolkende, worstelende kluwen. De muziek van dEUS-gitarist Mauro Pawlowski lijkt geen begin of eind te hebben, de woorden van oudgediende Gavin Webber borrelen op uit de striemende klanken of zinken er juist in weg, Dat gaat zo tot kort voor het einde door, veranderlijk, maar zonder duidelijke lijn.

„Het is meer een toestand”, betoogt Vandekeybus. „Er zijn geen afzonderlijke scènes. Toen ik met Mauro Pawlowski begon te praten, wist ik alleen dat het een primitief ritueel zou moeten worden, een tijdloze trance. Van daaruit ben ik intuïtief gaan werken. Zonder aantekeningen – sinds een jaar of vijf gebruik ik die niet meer.”

Hij wilde dat zijn dansers net zo ‘blanco’ aan deze nieuwe voorstelling zouden beginnen als hij. Daarom stelde hij een geheel nieuwe, jonge dansersploeg samen. „Ik wilde niet dat er iemand bij zou zijn die de anderen zou gaan vertellen hoe het moet. De titel Nieuw Zwart staat dus voor het onbekende, het onbewuste. Niet voor zwart in de betekenis: kijk eens hoe slecht het gaat met de wereld.” Toch heeft Vandekeybus’ jongste werk een zwartgallige sfeer. De dansers razen over het toneel alsof ze door de ander heen willen, de duetten zijn ruw en gewelddadig. Geweld lijkt zelfs het enige waar de mannen plezier aan beleven.

Op zichzelf is de overweldigende dynamiek van de voorstelling niet nieuw. Vandekeybus brak twintig jaar geleden internationaal door met dansvoorstellingen die Amerikanen treffend als ‘Euro-crash’ betitelden. Niet alleen stortten de dansers zich door de ruimte en tegen de vloer, ook objecten als pallets of bakstenen werden overgegooid en opgevangen. Pas later werd Wim Vandekeybus, choreografisch autodidact die van oorsprong fotograaf is, bekend met zijn danstheater waarin film en tekst een belangrijke rol spelen.

De tekst van NieuwZwart komt uit de poëziebundel Nieuwe Sterrenbeelden van Peter Verhelst, en is niet speciaal voor de voorstelling geschreven. Maar de dichtregels blijken wonderwel te passen bij het idee van een staat van voortdurend opnieuw beginnen, telkens weer stuiten op nieuwe bergen en wouden die bedwongen moeten worden. De choreograaf vindt het niet noodzakelijk dat alle woorden verstaanbaar zijn: „Je mist toch ook bewegingen van de choreografie of noten van de muziek?”

Ratio uit, intuïtie aan, is dus het devies. Bijna was NieuwZwart totaal regieloos geworden, zegt Vandekeybus. „Maar dat doe ik toch liever niet. Als je daarvoor kiest, is slechts een klein deel van de voorstellingen echt goed. Nu zijn er wel delen waarin de dansers alle vrijheid hebben, die langer of korter kunnen. De muzikanten passen zich aan. Het is wel een wens van mij om ooit nog eens een geheel onbepaalde voorstelling te maken. Dat lijkt mij schoon.”

Julidans 1 t/m 11 juli te Amsterdam. Inl: 020-5242311 of www.julidans.nl.