Biologische sprinkhanen

Die spekjes in de bonensla, die zijn natuurlijk biologisch, zei de vrouw aan mijn tafel, die er niet aan wilde twijfelen maar toch wel zekerheid wilde. Ja natuurlijk zei ik. Wij blij.
’s Avonds kreeg ik een folder van Varkens in Nood onder ogen met daarin een hoofdstukje ‘doorbraak in castratie van biggen’. Verschillende supermarktketens zijn overgestapt op vlees van niet-gecastreerde varkens, onder meer Aldi en Lidl, en per augustus zal ook de Plus stoppen en Jumbo heeft plannen.
Nu de biologische boeren nog.

Ik herinnerde me een gesprekje met een biologische varkensboer die het onderwerp castratie liever helemaal niet behandelde en zeker niet voor de krant. „Ik wil gewoon dat het verboden wordt”, zei hij, „dan ben ik er vanaf”. Hij vond het onaangenaam, dat castreren, maar het eindeloze gedoe dat hij had om zijn vlees af te zetten als hij het niet deed, maakte het hem naar zijn gevoel onmogelijk om ermee te stoppen.

Alles is altijd ingewikkeld.

Want die boer is echt goed voor zijn varkens hoor. Bij hem sterven er niet talloze biggen vlak na de geboorte, zoals in Nederland heel gewoon is geworden (3 miljoen van de 30 miljoen jaarlijks geboren biggen, zegt Varkens in Nood).

Maar nu moeten we sprinkhanen eten van minister Verburg. Dat zal helpen voor en tegen alles. Ach nu ja, die sprinkhanen zijn een aandachttrekkend grapje: we gaan een voorbeeld worden voor de wereld met onze „innovatiekracht” en onze nieuwe duurzame voedselketens.

Zegt de minister.

Verburg gaat de consument verleiden om oog te krijgen voor kwaliteit.
Nu, daar ben ik voor. Mijn oog kijkt overal uit naar kwaliteit, maar om te zeggen dat ik het steeds aantref - nee.

Wilde laatst Hollandse garnalen hebben (die gaan goed, niet overbevist) en trof weer eens zo’n bak gepelde grijze monstertjes. Je ziet het gewoon al aan de kleur dat er geen lol aan te beleven zal zijn: vers gepelde garnalen zijn oranje-bruin, niet roze-grijs.

Alleen garnalen die in verre landen zijn gepeld en dankzij chemicaliën op de been gehouden worden, zijn grijs. En smaken naar niets meer.

Uiteindelijk trof ik wel pelgarnalen aan. Mooi zo. Ze lijken wel wat op sprinkhanen trouwens, dus vervuld van duurzame gevoelens aan het pellen geslagen. Hmm. Ze horen lekker stevig te zijn, dan pellen ze ook makkelijk. Maar deze waren ietsje slapjes - we hadden ze ook, moet ik toegeven, eerst een dag in de ijskast laten liggen (stom), wegens dringend ander eten.

Doe dat niet. Koop ze en pel ze dezelfde dag nog. (Ronde kant naar beneden houden, knakje geven in het midden, staartje eraf trekken, kop eraf trekken. Als ze stevig zijn gaat dat prima.) En dan lekker duurzaam opeten hè, met groenten.

Meloen met garnalen (voor 2 personen)

  • 1 Cantaloupe-meloen
  • 1 pond Hollandse pelgarnalen
  • 1 el roze peperkorrels
  • olijfolie
  • sap van een kleine halve citroen
  • 1 pijpuitje (lenteuitje, bosuitje)
  • fijngehakte platte peterselie

Hol zo’n kleine Cantaloupe-meloen uit, maak balletjes van het vruchtvlees en doe dat in een schaal, met de gepelde garnalen, veel gestampte roze peper, het fijngesneden pijpuitje, citroensap, echt lekkere olijfolie (denk eraan, minister Verburg zegt: oog voor kwaliteit) en fijngesneden peterselie.

Alles terugdoen in de halve meloen.

    • Marjoleine de Vos