Met gevoel voor motor naar de 100

Motorcoureur Valentino Rossi heeft geschiedenis geschreven bij de TT Assen met zijn honderdste GP-zege.

Nu op jacht naar het record, 122 zeges, van Agostini.

Op het circuit van de TT Assen viert de Italiaanse motorcoureur Valentino Rossi zijn honderdste overwinning in een grand prix. (Foto Bas Czerwinski) Op het circuit van de TT Assen viert de Italiaanse motorcoureur Valentino Rossi zijn honderdste overwinning in een grand prix. Foto Bas Czerwinski 27-06-2009, Assen. Valentino Rossi na afloop van zijn 100 ste GP overwinning. Rossi won de MotoGP van Assen. Foto Bas Czerwinski Czerwinski, Bas

Hoe groot is motorcoureur Valentino Rossi? Heel groot, daarover bestaat geen misverstand. Maar is hij de grootste, nadat de dertigjarige Italiaan zaterdag bij de TT Assen zijn honderdste overwinning in een grand prix had behaald? Motorsportkenners zeggen van wel, maar de cijfers staven die kwalificatie vooralsnog niet. Er is nog één wegracer die meer zeges op zijn naam heeft staan: Rossi’s landgenoot Giacomo Agostini, die 122 keer won.

Gesteld dat Rossi de beste van alle tijden is, wat doet hem dan uitstijgen boven de rest? In algemene zin: zijn symbiose met de motor. Rossi heeft zoveel gevoel voor de motor, dat hij net iets meer snelheid uit het motorblok kan peuren, net iets langer zijn banden kan gebruiken, net iets vloeiender de ideale lijnen kan rijden, net iets meer durft, maar vooral tijdens een race net iets beter kan anticiperen op de omstandigheden. Of zoals de Nederlandse oud-wegracer Jurgen van den Goorbergh het uitdrukt: „Zijn hersencellen werken net iets beter dan die van zijn concurrenten.”

Maar Rossi is meer. Hij is bovenal een sympathiek mens. Door zijn openheid en zijn gulle lach creëert de Italiaan een aangename omgeving. En dat is geen pose, zeggen de mensen die hem goed kennen. Het bewijs levert het team technici, onder leiding van de Australiër Jeremy Burgess, dat hij al jaren in vrijwel ongewijzigde samenstelling aan zich weet te binden.

Rossi heeft een speciale band met de motorsportliefhebbers opgebouwd. Voor een wegracer is zijn populariteit ongeëvenaard; hij heeft fanclubs over de gehele wereld. In Assen was op de Stekkenwal speciaal een Rossi-vak ingericht. En daar stonden niet louter Italianen.

Rossi wordt het succes ook gegund, wat in de afgunstige sportwereld allerminst vanzelfsprekend is. Vraag het de voormalige Formule 1-coureur Michael Schumacher. Waar de Duitser tussen 2001 en 2004 met zijn dominantie steeds meer weerstand bij het publiek opriep, stijgt Rossi’s populariteit per overwinning.

Wat Rossi ook bijzonder maakt, zijn de acht wereldtitels in drie verschillende klassen (125cc, 250cc en 500cc/MotoGP) met drie verschillende motormerken: achtereenvolgens Aprilia, Honda en Yamaha. De overstap van Honda naar Yamaha in 2004 wordt gezien als hét bewijs van Rossi’s vakmanschap. Want het ongeloof was destijds groot. De heersende opvatting: wat bezielt Rossi om een succesmotor in te ruilen voor een merk dat in ontwikkeling was blijven stilstaan? Het besluit werd gezien als het moedigste ooit genomen in de geschiedenis van het grand-prixracen. Maar Rossi was bereid het risico te nemen. Naar zijn zeggen omdat hij een nieuwe motivatie zocht en vond dat zijn werk bij Honda erop zat.

Rossi reageerde emotioneler op zijn honderdste overwinning dan hij had verwacht. Hij sprak na afloop over „het belangrijkste moment in mijn carrière”. Met de nodige pathetiek: „Ik had nooit gedacht dat ik de honderd zou halen. Het is speciaal dat het in Assen gebeurde, omdat ik het circuit beschouw als de universiteit van de motorsport.”

In dat geval mocht Rossi zich zaterdag de professor noemen, want zijn jubileumzege kwam in stijl tot stand. Vanaf de tweede ronde nam hij de koppositie over van Stoner om die niet meer af te staan. Zijn 22-jarige Spaanse teamgenoot Jorge Lorenzo kwam nog het dichtstbij, maar verklaarde na afloop de tweede plaats te hebben geconsolideerd, omdat hij steeds meer grip verloor door temperatuurverhoging van zijn voorband. Maar was dat de werkelijke reden of volgde Lorenzo stalorders om het feestje van Rossi niet te verstoren? „Om de donder niet”, verzekert Van den Goorbergh, een van de weinige Nederlandse ervaringsdeskundigen in de MotoGP. „In de MotoGP worden geen cadeautjes uitgedeeld.”

Zijn presentje kreeg Rossi pas in de uitloopronde, waar leden van zijn Italiaanse fanclub hem tot stoppen dwongen om een groot spandoek met foto’s van zijn 99 voorgaande overwinningen te ontrollen. Een hele klus gezien de lengte van het doek. Wat Rossi niet zal hebben verrast, want de voorzitter van de fanclub had hem al gesmeekt in Assen te winnen, omdat hij geen zin had het enorme gevaarte over te vliegen naar het Amerikaanse Laguna Seca, waar de eerstvolgende grand prix wordt gehouden.

Een vergelijking met de inmiddels 67-jarige Agostini, die tussen 1965 en 1976 zijn succesjaren kende, wilde Rossi niet maken. „Hij heeft 122 keer gewonnen, ik honderd keer. Dan is het simpel: hij is de grootste.”

Van den Goorbergh was minder terughoudend: „Rossi is echt groter dan Agostini, die per grand prix twee starts had, want hij reed in de 350cc en 500cc. Bovendien was zijn motor, een MV Augusta, zoveel beter dan de rest, dat hij eigenlijk niet kon verliezen.”

Maar heeft Agostini nu 122 of 123 overwinningen op zijn naam staan? Daarover verschillen de meningen. Volgens Rossi telt hij ten onrechte een zege in de Superbike-klasse mee. Lachend: „Het zijn er 122, punt uit. Agostini zegt ook steeds dat hij nog 54 jaar is. Dat klopt evenmin.”

De vraag is nu: gaat Rossi het record aanvallen? Het ziet ernaar uit. Hoewel hij ooit heeft aangegeven zo rond 2010 te willen stoppen, was de Italiaanse coureur daar gisteren niet meer zo zeker van. Vrij stellig: „Het moet mogelijk zijn er na afloop van mijn contact in 2010 nog drie of vier jaar aan vast te koppelen.”

Kijk voor volledige uitslagen van de races op tt-assen.com