Een coup volgens het boekje - bijna

Het leger van Honduras heeft de linkse president Manuel Zelaya afgezet en verjaagd. Reconstructie van een staatsgreep.

De verdreven Hondurese president Zelaya (links), vannacht in Nicaragua met zijn belangrijkste bondgenoten, de presidenten Ortega (Nicaragua, midden) en Chávez (Venezuela). (Foto AP) Nicaragua's President, Daniel Ortega, speaks as Hugo Chavez, right, and Honduras President, Manuel Zelaya, left, looks on during a emergency meeting of the Boliviarian Alternative of the Americas (ALBA) in Managua, late night Sunday, June 28, 2009. (AP Photo/Arnulfo Franco) Associated Press

Het was alweer zestien jaar geleden voor Midden-Amerika: een klassieke militaire staatsgreep. In de vorige eeuw volgden legercoups elkaar in hoog tempo op in de ‘achtertuin van Washington’, maar sinds een putsch in 1993 in Guatemala bleef het rustig in de regio.

Tot gisteren. In het 7,7 miljoen inwoners tellende Honduras werd de al dagen wankelende president Manuel Zelaya door militairen het land uitgezet. Het leger kwam in actie nadat was gebleken dat Zelaya bleef vasthouden aan zijn voornemen een omstreden referendum te houden, dat hem meer macht zou kunnen bezorgen. Militairen namen in alle vroegte strategische plekken in de hoofdstad Tegucigalpa in. Ze omsingelden het presidentiële paleis en legden het land plat: tv- en radiozenders gingen uit de lucht en de stroomvoorziening en het openbaar vervoer werden tijdelijk gestaakt.

Dat verliep goed voorbereid. Een eenheid van gemaskerde commando’s drong de residentie van Zelaya binnen, lichtte hem van zijn bed en zette hem op een militair vliegtuig naar Costa Rica. Daaraan ging een vuurgevecht van twintig minuten vooraf, vertelde Zelaya later in San José. De president zei wakker te zijn geworden door schoten en geschreeuw van zijn beveiligers, waarna hij zich achter een airconditioner had verscholen voor rondvliegende kogels. Over doden of gewonden is niets bekendgemaakt.

Voor Zelaya kwam de coup niet als verrassing. Toen het Spaanse dagblad El País hem vrijdagavond laat kwam interviewen in zijn ambtswoning, had hij zich omringd met burgers. „Types die wat op een gitaar zitten te spelen, moeders die hun baby de borst geven op de trap, stelletjes die elkaar zoeken en tegenkomen in de plooien van de gordijnen. [...] Zij vormen zijn bodyguards”, aldus de krant. Op de vraag of hij nog controle had over het land, antwoordde hij: „Ja, ja, voor een groot deel”. En over het leger? „Op dit moment wel.”

Zelaya had toen al alle steun verloren van justitie, leger, politie en de volksvertegenwoordiging. Meteen na de coup waren zij het eens over een interim-leider: voorzitter van het congres Roberto Micheletti. Hij verklaarde „dat 80 tot 90 procent van de bevolking gelukkig is met wat er vandaag is gebeurd”.

Maar geen enkel ander land in de regio heeft zijn bewind tot nu toe willen erkennen. Vannacht waren er protesten en moest Micheletti een avondklok instellen.

Nieuwsanalyse: pagina 5