Britten eisen vrijlating personeel

Groot-Brittannië heeft de vrijlating geëist van acht Iraanse medewerkers van de Britse ambassade in Teheran. Gisteren werd bekend dat Iran die gevangennam.

De arrestaties onderstrepen dat het regime in Teheran de onrust na de presidentsverkiezingen van 12 juni aan de internationale gemeenschap wil toeschrijven, voornamelijk aan Groot-Brittannië en de Verenigde Staten. De Iraanse minister van Inlichtingen zei gisteren op de staatstelevisie dat er niet geknoeid is met de verkiezingen, en dat Groot-Brittannië en de VS als doel hebben Iran te destabiliseren. De Britse minister van Buitenlandse Zaken, David Miliband, zei in een reactie dat de aanname dat Londen achter de demonstraties en protesten zou zitten, „compleet niet gefundeerd” is.

De Europese ministers van Buitenlandse Zaken stelden zich achter Miliband en eisten ook onmiddellijke vrijlating van het ambassadepersoneel. In een verklaring zeiden zij „gezamenlijk en met kracht” te zullen reageren als de Iraanse intimidatie van Europese diplomaten niet stopt. De ministers kwamen met de unanieme uitspraak na een ingelaste vergadering op het Griekse eiland Korfoe. De Nederlandse minister Verhagen zei: „Onze boodschap aan Iran is dat de Europese Unie zich niet uit elkaar laat spelen.”

Gisteren waren er, na enkele dagen van relatieve rust, opnieuw rellen in de Iraanse hoofdstad. Volgens ooggetuigen kwamen ongeveer drieduizend demonstranten in Noord-Teheran in aanraking met de Baseej, de pro-regeringsmilitie. Sommigen vochten terug tegen de Baseej, terwijl ze leuzen riepen als: ‘Waar is mijn stem?’

Oppositieleider Mir Hossein Mousavi eiste gisteren opnieuw dat de verkiezingen ongeldig worden verklaard. Vandaag verwacht Iran de officiële uitspraak van de Raad van Hoeders van de Grondwet, die toeziet op de verkiezingen. Eerder al verklaarde die Raad dat er geen belangrijke fraude was ontdekt. (AP, ANP, BBC, Reuters)

Updates en achtergronden vind je op nrc.nl/iran