O jee een snee in de snijplank

Let op de tungolie die in het hout is getrokken. Rechts snee op plank. Foto Wouter Klootwijk
Let op de tungolie die in het hout is getrokken. Rechts snee op plank. Foto Wouter Klootwijk Klootwijk, Wouter

Op zolder boven De Kookwinkel in Breda is een timmerwerkplaats. Er worden al achttien jaar houten snijplanken gemaakt. Het slagershakblokprincipe. De planken zijn bijeengeplakt uit blokjes esdoornhout, elk blokje met de kopse kant naar boven, zoals een ouderwets hakblok van een slager bestaat uit aan elkaar gelijmde paaltjes. Een mes blijft langer scherp op kops hout.

Karel Elbers, de plankenplakker van Breda, heeft nieuws. „Vanaf 1 juni impregneer ik onze snijplanken met Chinese tungolie. Deze olie is drogend en sluit het oppervlak af tegen indringend vocht. De gebruiker hoeft de plank niet meer met plantaardige olie in te wrijven. Bij slordige gebruikers is dat niet altijd erg hygiënisch.”

Ik ben hartstochtelijk slordig, het spreekt me aan. Maar wat is tungolie? Om te voorkomen dat in deze krant kul wordt afgedrukt waarschuwt Elbers om niet naar inlichtingen over tungolie in het Nederlands te zoeken op het internet, maar tungoil in te tikken. „Bij tungolie staat voornamelijk amateurlijk geklets.”

Toch even kijken bij de Nederlanders.

„Tungolie is de koning der oliën”, zegt een timmerman. En ergens anders schrijft iemand dat de olie, die vreselijk stinkt, uit noten wordt gewonnen waar je dood van gaat als je ze eet. In het Engels leren we dat Breda een beetje laat is met de olie.

Al in 400 voor Christus had Confucius het over de kwaliteiten van de olie uit de noten van de Tungboom. Chinezen maakten er zeilen op schepen mee waterdicht. Dat is de vaakst genoemde en geroemde eigenschap van de olie. Hij maakt oppervlakken waterdicht.

Maar dat gaat zomaar niet, zegt Elders. Je kunt de olie niet als een laagje op het hout kwasten, je moet het er in laten trekken, er mag geen olie op het hout achterblijven, alles moet er in trekken. Hij heeft een snijplank doorgezaagd die hij net af had en stuurt een blokje. Duidelijk is te zien dat de olie, die niet stinkt maar lekker ruikt, een paar millimeter in het hout getrokken is.

Het is goed nieuws voor mensen met smetvrees, die de gierende zenuwen krijgen, mede door angstaanjagende publicaties over de wonderbaarlijke razendsnelle vermenigvuldiging van bacteriën op de plank, als er even een kip op heeft gelegen. Een getungde plank hoeft alleen maar even afgespoeld met warm water en afgedroogd.

Er zijn er, zegt Elders, die hun plank inoliën met een spijsolie, maar die kan een kleverig laagje vormen dat er na enige tijd afgeschraapt moet worden, vanwege de hygiëne. Tung kleeft niet en blijft.

Nadeeltje. Een snee met een mes laat in het getungoliede hout een wit streepje achter. O jee, een snee. Op de oude planken van Elders zag je zo een sneetje niet. Het kopse hout trok telkens weer dicht. Dat doet het ook als er tungolie ingetrokken is, maar het snijspoor blijft zichtbaar. Het is haast onvoorstelbaar, maar er zijn mensen die dat armoe vinden.

De snijplanken zijn in de winkel in Breda te koop en online te bestellen: www.dekookwinkel.com. Een plankje van 27 x 33 centimeter kost 65 euro. Een grotere van 33 x 40 centimeter kost 89 euro.

Nou zijn er veel meer planken van aan elkaar geplakte blokjes hout. Van Ikea tot in de rare winkel Action en in Action vind ik er een voor 5 euro, gemaakt van hout van de rubberboom, ecologisch hoogst verantwoord. Niet doen, zegt Elders te Breda, rubberwood is te zacht om op te snijden. Maar op het internet, in het Engels doen ze er niet zo laatdunkend over.

Wouter Klootwijk