Chinezen zitten zichzelf in de weg

Als er iets is wat China goed doet, dan is het het verkopen van spullen aan buitenlanders. Dus waarom slaagt het land er niet in even makkelijk zaken te kopen? Chinalco, een metaalconcern in handen van de overheid, is de laatste in een lange rij Chinese bieders die een mondiale transactie in rook zag opgaan, nadat mijnbouwer Rio Tinto een fusie ter waarde van 19,5 miljard dollar afwees. Qua mislukking is dit een nog grotere sof dan het ongelukkige bod van 18,5 miljard dollar dat staatsoliemaatschappij CNOOC uitbracht op het Amerikaanse olieconcern Unocal. De Chinezen zitten vooral zichzelf in de weg.

Niettemin gebiedt de eerlijkheid te zeggen dat de markten ook een aantal Chinese firma’s hebben laten struikelen. Een scherpe stijging van de beurskoers van Rio Tinto voorzag dat concern van nieuwe alternatieven. Even scherpe koersdalingen zorgden ervoor dat de beleggingen van verzekeraar Ping An in Fortis en van het staatsfonds CIC in bedrijvenopkoper Blackstone snel aan waarde inboetten. Maar marktbewegingen kunnen niet alles verklaren.

Naïviteit en slechte communicatie speelden ook een rol. Na de middernachtelijke overval van Chinalco in februari 2008, waarbij het concern voor 14 miljard dollar aan Rio Tinto-aandelen verwierf, bood een hele reeks pijnlijke persconferenties geen enkel inzicht in wat Chinalco hoopte te bereiken met zijn belang van 9 procent. Achteraf gezien wist het concern dat misschien zelf ook niet. De motieven voor de beleggingen in Fortis en Blackstone waren even vaag.

Nu China zijn status van nouveau riche is ontgroeid, zouden deze problemen moeten verdwijnen. Maar de politieke zorgen laten zich moeilijker wegmasseren. Buitenlandse beleggers bespeuren terecht de hand van Peking in de grensoverschrijdende transacties van Chinese bedrijven – en zijn vaak niet erg blij met wat ze zien.

De angst voor een Chinees complot voor wereldoverheersing is overdreven, China blijft immers een arm land. Maar hoe minder welkom de Chinezen zich voelen, des te vastberadener ze zullen zijn om de hand te leggen op natuurlijke hulpbronnen en technische expertise. En de Chinese regering is té zeer verknocht aan groei, veiligheid en controle over gevoelige delen van de economie om zijn opstelling jegens buitenlanders radicaal te herzien.

Maar niet alle Chinese transacties zijn op niets uitgelopen. Computerproducent Lenovo verwierf in 2005 de pc-divisie van IBM. Staalbedrijf Sinosteel kocht in 2008 het Australische Midwest. Dat zijn de uitzonderingen die de regel bevestigen. En er is nog iets om over na te denken: onderzoeksbureau Dealogic meldt dat China dit jaar meer mislukte transacties heeft gekend dan enig ander land.

John Foley

Vertaling Menno Grootveld

Voor meer commentaaruit Londen:www.breakingviews.com