Een kommervol bestaan tussen vochtig sierstucwerk

Sarah Waters: De kleine vreemdeling. Vertaald door Nico Groen, Richard Kwakkel en Lucie van Rooijen. Nijgh & Van Ditmar, 496 blz. € 19,90 Sarah Waters: De kleine vreemdeling. Vertaald door Nico Groen, Richard Kwakkel en Lucie van Rooijen. Nijgh & Van Ditmar, 496 blz. € 19,90
Sarah Waters: De kleine vreemdeling. Vertaald door Nico Groen, Richard Kwakkel en Lucie van Rooijen. Nijgh & Van Ditmar, 496 blz. € 19,90 Sarah Waters: De kleine vreemdeling. Vertaald door Nico Groen, Richard Kwakkel en Lucie van Rooijen. Nijgh & Van Ditmar, 496 blz. € 19,90

Sarah Waters: De kleine vreemdeling. Vertaald door Nico Groen, Richard Kwakkel en Lucie van Rooijen. Nijgh & Van Ditmar, 496 blz. € 19,90

Kunnen ruimte en tijd zich wreken op mensen? In De kleine vreemdeling van Sarah Waters nemen het wegrottende landgoed Hundreds Hall en de wegstervende echo’s van de Victoriaanse tijd onbarmhartig wraak op de familie Ayers.

De Ayers: overblijfselen van een landadel die ooit een voorbeeldrol meende te vervullen voor aapachtige arbeiders maar nu, vlak na WO II, van de hand in de tand moet leven terwijl diezelfde arbeider onstuitbaar emancipeert. Kolonel Ayers is dood, Mrs. Ayers droomt van het Britse rijk vóór het begon te kapseizen, zoon Roderick is als wrak afgezwaaid bij de RAF en dochter Caroline is vooral… nu ja, vooral heel erg lelijk, met haar ‘hoekige, enigszins kleurloze profieltje’. Dit laatste volgens plattelandsdokter Faraday, een kruidenierszoon met een minderwaardigheidscomplex die opziet tegen de Ayers en hun landgoed.

Vanaf het begin van het boek, als het verval toeslaat, werpt ik-persoon Faraday zich op om Hundreds Hall en haar bewoners te redden van financiële, lichamelijke en geestelijke malheur. Wat de lezer wel doorziet maar Faraday nauwelijks, is dat hij middels deze spilfunctie zijn eigen kleine klassenstrijd wil winnen. Dokter Faraday geeft het grif toe: voor hem is Hundreds Hall de echte hoofdpersoon in dit drama. Het landgoed is literaire familie van Poes House of Usher, Du Mauriers Manderley en Waughs Brideshead. In het enorme huis, waarvan hele vleugels en talloze kamers inmiddels zijn ‘afgesloten’, leiden de drie vrouwelijke Ayers gelijk de zusjes Brontë een kommervol bestaan te midden van vochtig sierstucwerk en kilometers eikenhouten lambrisering met het weer erin.

Waters neemt haar tijd, maar de subtiele beschrijving van Hundreds Hall, het verval en de kleine dagelijkse bezigheden van de kleine cast in het echoënde huis werken cumulatief op de zenuwen. De ambivalente dokter en de stuurse Caroline zijn memorabele karakters, het schichtige dienstertje Betty is zo uit Dickens weggejat en de schrijfster houdt het spookachtige aspect van Hundreds precies waar het hoort: hangend in de lucht.

De wraak van hun verledens en van het huis – het kostbare onderhoud wordt zelfs door de lezer als probleem ervaren – wordt erg koud opgediend. Waters neemt wel héél veel tijd en bladzijden, maar op het eind van De kleine vreemdeling is er een bijzonder sinistere wolk voor de zon getrokken. Dit is een onderdompel- thriller die, net als Hundreds Hall, op den duur ongezond aanvoelt.