Dit is een artikel uit het NRC-archief
Bekijk hele krant

Politiek

Respect voor de goedlachse advocaat van de verloren zaak

De dalai lama (74) leeft al vijftig jaar in ballingschap.

Zijn macht is niet groot, toch wordt hij overal groots ontvangen. Onderschat zijn politieke gevoel niet.

Sydney, Australie Pro-Tibetan demonstrators pray for human rights in Tibet during a protest outside the Chinese consulate in Sydney on March 18, 2008. About 100 demonstrators chanted "Free Tibet" or "Stop Killing" and protest outside the Camperdown mission against violent unrest in Tibet without arrests. Days of protests over China's rule of Tibet turned into violent rioting in Lhasa last week and subsequently sparked pro-Tibet demonstrations around the world. AFP PHOTO/Anoek DE GROOT
Sydney, Australie Pro-Tibetan demonstrators pray for human rights in Tibet during a protest outside the Chinese consulate in Sydney on March 18, 2008. About 100 demonstrators chanted "Free Tibet" or "Stop Killing" and protest outside the Camperdown mission against violent unrest in Tibet without arrests. Days of protests over China's rule of Tibet turned into violent rioting in Lhasa last week and subsequently sparked pro-Tibet demonstrations around the world. AFP PHOTO/Anoek DE GROOT AFP

Hij noemt zichzelf een „boeddhistische monnik, geen politicus”. Maar hij krijgt belet bij staatshoofden, kroonprinsen en ministers. Overal ter wereld waar goedwillende lieden bij elkaar komen om te praten over wereldvrede, staat hij op de gastenlijst. De dalai lama heeft meer dan honderd internationale onderscheidingen, waaronder de Nobelprijs voor de Vrede (1989) en de Gouden Medaille van het Amerikaanse Congres (2007). Ook is hij ereburger van Canada. Morgen en overmorgen is Nederland aan de beurt om de dalai lama in het zonnetje te zetten. Vrijdag wordt hij ontvangen door minister Verhagen van Buitenlandse Zaken en door de Tweede Kamer. Hoe kan het toch dat voor deze altijd in donkerrood en saffraan gehulde man (bijna) overal de deuren opengaan?

1Zijn geestelijke macht is niet bedreigend.

Bij zijn geboorte (6 juli 1935) gaven zijn ouders hem de naam Lhamo Döndrub, maar zijn officiële naam luidt Tenzin Gyatso. Sinds 17 november 1950 is hij dalai lama, letterlijk: leraar van oceaandiepe wijsheid. Daarmee is hij de veertiende in een lijn van geestelijke leiders van de Gelugpa, ‘de Sekte van de Gele Mutsen’. Dat is de invloedrijkste school van het Tibetaanse boeddhisme.

De Gelugpa beschouwt dalai lama als reïncarnaties van een oude boeddhistische meester, die zich heeft bevrijd van het rad van dood en wedergeboorte maar die, om de missie van de Boeddha te volbrengen, steeds vrijwillig terugkeert. De veertiende dalai lama is kortom de hoogste leraar van het Tibetaanse boeddhisme.

Als we ervan uitgaan dat alle Tibetanen boeddhist zijn, dan is hij geestelijk leider van 6 miljoen zielen: 2,4 miljoen in Tibet, 3,5 miljoen in aangrenzende provincies van China en zo’n 120.000 verspreid over de wereld. Dat is een respectabel aantal, maar het verbleekt bij de aantallen katholieken en moslims (elk ongeveer 1 miljard). De dalai lama is bij lange na geen paus.

2Ook zijn wereldlijke macht is beperkt.

Volgende maand wordt de dalai lama 74 – en hij leeft nu al vijftig jaar als balling in Dharamsala, Noord-India. Toen hij op 17 november 1950, 15 jaar oud, in Lhasa (de hoofdstad van Tibet) werd verheven tot dalai lama, werd hij daarmee de religieuze en politieke leider van het land. Een paar maanden vóór zijn verheffing was het Chinese Volksleger Tibet binnengevallen. Al in 1951 moest de dalai lama de politieke macht overdragen aan China.

In 1959 kwamen de Tibetanen in opstand. Die revolte werd neergeslagen en de dalai lama vluchtte naar India. Daar leidde hij tot voor kort een Tibetaanse regering in ballingschap. Op 17 december 2008 stond hij de wereldlijke macht af aan een gekozen parlement en aan eerste minister Samdhong Rinpoche. Sindsdien is hij naar eigen zeggen „half gepensioneerd”. Nederland ontvangt een man zonder formele macht.

3Zijn machteloosheid maakt hem extra sympathiek.

Sympathie is diplomatentaal voor medelijden, want de dalai lama is advocaat van een verloren zaak. China, zijn tegenspeler, is een supermacht in opkomst. Daarom kan hij al die sympathie niet verzilveren.

Geconfronteerd met een meelevende, maar passieve internationale gemeenschap koos de dalai lama voor een middenweg tussen onafhankelijkheid en onderwerping. Dat is in overeenstemming met een grondbeginsel van het boeddhisme: Boeddha kwam tot de slotsom dat noch een leven van overvloed, noch een ascetisch bestaan goed was. De beste weg is die van het midden, een evenwicht tussen uitersten.

De middenweg in de kwestie-Tibet is vergaande regionale autonomie. China beschouwt dit als een propagandistisch rookgordijn. Het blijft de dalai lama beschouwen als de verpersoonlijking van een onafhankelijk Tibet – en laat voortdurend weten dat hij moet ophouden met zijn ‘separatistische gestook’.

Intussen zien jongeren in en buiten Tibet dat de middenweg doodloopt. Zij gingen vorig jaar de straat op om onafhankelijkheid te eisen. Maar ze werden keihard tot de orde geroepen: het einde van de ‘dialoog’ tussen Dharamsala en Beijing.

De dalai lama repte van ‘terreur’ en draaide het geschut om: hij maakte van medeleven schaamte en schuldgevoel. Hij zegt nu dat hij voor zijn bezoek aan Nederland geen politieke agenda heeft en „niemand in verlegenheid wil brengen”. Maar dát hij wordt ontvangen, heeft alles te maken met schuldgevoel.

4Behalve sympathie geniet de dalai lama respect.

Hij is al bijgezet in de galerij van groten als Mahatma Ghandi en Nelson Mandela, mensen die grootmoedig bleven onder al het leed dat hun werd aangedaan. Volgelingen en bewonderaars zijn onder de indruk van de warmte, vriendelijkheid en humor van deze door tegenslag gekwelde, maar altijd goed gehumeurde leraar.

Je kunt het ook sociale intelligentie noemen. De dalai lama is goedlachs, raakt zijn gesprekspartners graag aan en barst na iedere stemverheffing uit in relativerend gelach. Hij gaat aanvaringen uit de weg en grossiert in beginselen waar niemand tegen kán zijn: waarheid, gerechtigheid, mededogen. „Dat zijn onze enige wapens”, zegt hij graag, en dat is meer dan een boeddhistische geloofsbelijdenis. Want een dergelijk credo werkt letterlijk ontwapenend.

5De veertiende dalai lama is niet naïef, hij is pragmatisch.

Naïef zijn westerlingen die, in hun bewondering voor ‘oosterse spiritualiteit’, een wat al te zachtgekookt beeld hebben van het boeddhisme. Het is een gewone religie, met een hooggestemde moraal, maar ook één van macht en geweld.

De Britse boeddhismekenner Edward Conze schreef een halve eeuw geleden: „Veel westerse schrijvers hebben uit afkeer van het christendom de geschiedenis van het boeddhisme veel te mooi voorgesteld. De boeddhisten hebben zich net zo gedragen als de christenen. Rond 850 had Tibet een koning die monniken vervolgde, waarop hij door een boeddhistische kloosterling werd vermoord. De officiële Tibetaanse geschiedschrijving prees de monnik vanwege zijn ‘medelijden met de koning die de ene zonde op de andere stapelde door vervolging van het boeddhisme’. Later is de monnik heilig verklaard. Bijna alle Europese geschiedschrijvers prijzen Gelugpa, ‘de Gele Kerk’, die de laatste 500 jaar over Tibet heeft geheerst, om zijn strenge moraal. Maar een deel van haar succes was het gevolg van de militaire hulp der Mongolen, die in de zeventiende eeuw steeds opnieuw de kloosters van andere sekten verwoestten en het hoofd van de Gele Kerk openlijk steunden. Pas na een bloedige burgeroorlog vestigde de dalai lama een politiek-religieus monopolie in Tibet.”

Maar dat is allemaal lang geleden. En de veertiende dalai lama wil het alleen nog over de toekomst hebben: ,,Er zijn te veel verschillende versies van de geschiedenis.”

Hij zegt dat Tibet nooit meer zal terugkeren naar het oude, theocratische systeem en altijd bij China zal blijven, mits als autonoom gebied. Sterven wil hij alleen waar hij gelukkig kan zijn: in een autonoom Tibet óf in een ballingsoord waar hij in vrijheid kan leven.

China heeft al laten weten dat de aanwijzing van zijn reïncarnatie – de vijftiende dalai lama – de goedkeuring van Beijing behoeft. Waarop de oude heer antwoordde dat hij alleen kan reïncarneren in een vrij land, lees: buiten Tibet.

Een boeddhistische monnik, zeker, maar ook een geslepen politicus.