Wie debatteerden er deze week en waarover?

Foto AFP Close-up of megaphone. AFP

Europa. Best belangrijk of ver van mijn bed? Door o.a. VNO-NCW en DwarsDiep. In Huize Maas, Groningen, 25 mei.

Rozen en spruitjesteelt

Waarom moeten Nederlanders op 4 juni gaan stemmen voor het Europees Parlement? Voor een antwoord op die vraag had de organisatie zes kandidaat-Europarlementariërs uitgenodigd. Zij zouden het toch moeten weten.

Er waren veel mensen op het debat afgekomen, de zaal zat vol. Buiten stonden flyerende SP-jongeren, een auto met het lachende gezicht van een CDA’er en binnen lagen folders. Een echt verkiezingsdebat. En alsjeblieft niet weer over het „nut van Europa” verzuchtte inleider Lambert Zwiers van VNO-NCW.

De SP mocht beginnen. SP’er Jongerius vond dat Europa „veel kwaad had gedaan” en dat „Europa gedomineerd werd door bedrijfsbelangen”. Problemen kunnen we beter lokaal en regionaal oplossen, vond Jongerius. Daar heb je geen Europa voor nodig. Ging het dan toch weer over meer of minder Europa?

De VVD en D66 gingen graag op de uitnodiging van de SP in en benadrukten voor meer Europa te zijn. VVD’er Mulder hield een pleidooi voor de vrije markt, D66’er Gerbrandy voor Europees toezicht op banken. Verschillen tussen de twee partijen waren er nauwelijks. Gelukkig maar, want in het Europees Parlement gaan ze op in dezelfde fractie.

Een vrouw vroeg de twee liberale partijen naar hun standpunt over de grensproblemen, wegens het Nederlandse drugsbeleid. Grensoverschrijdend probleem, dus typisch een Europese aangelegenheid, dacht ze. Mulder kon zich niet herinneren dat de Commissie ooit een voorstel had gedaan om deze problematiek te behandelen en het Parlement bezat die bevoegdheid niet. Dus nee, hij zou die kwestie gewoon nationaal regelen. En D66? „Geef grensregio’s de ruimte voor eigen beleid.” 

Waar gaat Europa dan wel over? Wat zijn de belangrijke thema’s? Afgaande op de emotie in het debat moet dat de spruitjesteelt zijn. Die was bijna verloren gegaan door een initiatief van GroenLinks om een aantal pesticiden te verbieden. En het CDA had het voorstel jammer genoeg getorpedeerd, meende de nieuwe PvdA-kandidaat Cuperus te weten. Niet waar, corrigeerde CDA’er De Lange, juist de sociaal-democraten hadden het CDA geholpen om de Nederlandse rozen en spruitjes te redden. Volgens GroenLinks was de spruitjesteelt nooit in gevaar geweest.

In het verlengde van de spruitjesteelt werd het Europese landbouwbeleid besproken. „Het enige beleid dat puur Europees is”, volgens CDA’er De Lange. Landbouworganisatie LTO was bang dat de bestaande Europese subsidies voor boeren na 2013 op de tocht stonden. De veel bekritiseerde subsidiemaatregel was echter geen twistpunt bij deze kandidaat-Europarlementariërs. Het CDA wilde het budget ongewijzigd laten, de SP zei een grote bondgenoot van LTO te zijn en ook VVD’er Mulder zegde de agrarische sector zijn steun toe. Dit in tegenstelling tot zijn eigen lijsttrekker Van Baalen die de landbouwsubsidies het liefst zo snel mogelijk ziet verdwijnen. Alleen D66 dacht dat liberalisering de landbouwsector veel goeds zou brengen.

Drie keer werd er enthousiast geapplaudisseerd. En telkens was het applaus voor een inhoudelijk betoog van GroenLinkser Van den Berge. Voor een Europese participatietop, voor een Europese groene economie en voor een eerlijke prijs voor boeren die aan dierenwelzijn en duurzaamheid denken. Je zou er twee dingen uit kunnen afleiden: of het publiek in Groningen bestond voornamelijk uit aanhangers van GroenLinks en klapte daarom enthousiast mee, of GroenLinks was de enige partij die duidelijk kon maken waarom kiezers op 4 juni naar de stembus kunnen gaan. Dat was namelijk best een applaus waard.

Huib Modderkolk