Spotlijsters en tweebeners

ILLUSTRATIE IRENE GOEDE Goede, Irene

Laatst vroeg iemand een vliegtuigspotter bij Schiphol wat leuker was: vliegtuigen kijken of vogels spotten. Hij zei: “Vliegtuigen van hetzelfde type hebben serienummers, een soort nummerborden, dus die zijn allemaal verschillend. Vogels van dezelfde soort hebben geen serienummers, dus die zijn allemaal hetzelfde.”

Je zou zeggen dat spotlijsters naar mensen kijken, zoals die spotmensen naar vogels: die tweebeners zijn allemaal hetzelfde. Maar Amerikaanse onderzoekers hebben nu bewezen dat spotlijsters mensen helemaal niet zien als één pot nat. Ze herkennen mensen aan hun gezicht – ook een soort nummerbord. En die spotlijsters vertrouwen sommige mensen wel en andere niet.

De onderzoekers hebben dat als volgt uitgezocht: ze lieten een biologiestudent naar een spotlijsternest toelopen. Dat nest was gewoon vlak voor de deur van de universiteit. Daar maakte de student wat dreigende gebaren, waarop de broedende spotlijster wegvloog. Wanneer de student de volgende dag het nest wéér naderde, vloog de nestelende spotlijster eerder op. Wanneer een andere student het nest naderde – een student die de vogel dus nog niet ‘kende’ – dan bleef de nestvogel net zolang zitten als bij de kennismaking met die eerste lastpak. Die studenten zagen er precies eender uit, behalve hun gezicht dan, natuurlijk. Conclusie: spotlijsters herkennen mensen aan hun neus of oren of oogopslag.

Maar waarom kunnen die vogels dat? Je zou zeggen dat het in de vrije natuur voor spotlijsters wel zin heeft om gevaarlijke soorten te kunnen onderscheiden van de ongevaarlijke. Dus: eekhoorns, ongevaarlijk. Boommarters: oppassen geblazen. Maar mensen? De onderzoekers denken dat spotlijsters gewoon heel opmerkzame beestjes zijn die het verschil tussen goedwillende mensen en snoodaards kunnen zien.

    • Menno Steketee