Opel in handen van Canadese Magna

De Duitse autofabrikant Opel komt in handen van de Canadese onderdelenleverancier Magna. Dat maakte de Duitse minister van Financiën Peer Steinbrück vannacht om half 3 bekend. „We hebben een oplossing gevonden”, aldus Steinbrück tegen televisiezender ARD.

Het akkoord tussen de Duitse regering, Magna en het noodlijdende Amerikaanse autoconcern General Motors (eigenaar van Opel) werd bereikt na urenlang koortsachtig overleg op het kantoor van bondskanselier Angela Merkel. Magna wordt bij de overname gesteund door de Russische staatsbank Sberbank.

Naar verwachting vraagt General Motors (GM), met wereldwijd een kwart miljoen werknemers, voor maandag faillissement aan. Dat zou neerkomen op het grootste industriële bankroet ooit.

Duitsland biedt volgens het vannacht bereikte akkoord een ruimhartig overbruggingskrediet van 1,5 miljard euro voor zes maanden. „Ondanks de aanstaande verkiezingen voor de Bondsdag zal de regering daar niets meer bij doen”, aldus Steinbrück. Na het mislukken van de onderhandelingen woensdagnacht was partijen er alles aan gelegen de gesprekken voor het Pinksterweekend tot een goede einde te brengen.

Grootste struikelblok waren de extra financiële eisen die GM stelde. Naast het al door Duitsland toegezegde overbruggingskrediet wilde GM nog eens 300 miljoen euro extra. Het Italiaanse concern Fiat trok zich daarop terug als overnamekandidaat voor Opel.

Vervolg opel: pagina 13

Bonden stemmen in met sanering GM

De overheidssteun aan Opel moet nog goedkeuring krijgen van de Europese Commissie. In Brussel kwamen gisteren bezorgde EU-ministers van Economische Zaken bijeen om samen met de Eurocommissarissen Neelie Kroes (mededinging) en Günter Verheugen (industrie) te overleggen over de steun aan Opel. Landen als België, Polen en Groot-Brittannië, met belangrijke Opelvestigingen, dringen bij Duitsland aan op een Europese aanpak.

Na afloop zei de Vlaamse minister Patricia Ceysens dat de Antwerpse Opel-vestiging voorlopig open kan blijven, omdat de Duitse steun voor heel Opel geldt. „Dus ook voor de buitenlandse vestigingen”, aldus Ceysens.

Leden van de Amerikaanse autovakbond United Auto Workers hebben gisteren ingestemd met voorstellen die een kleiner GM mogelijk moeten maken. Hierbij zullen nog eens 21.000 ontslagen vallen en veertien fabrieken worden gesloten.

GM heeft de laatste vier jaar meer dan 90 miljard dollar verloren. Per dag geeft het inmiddels 113 miljoen dollar meer uit dan het aan autoverkopen binnenkrijgt. De Amerikaanse overheid houdt ’s werelds grootste en door de recessie getroffen autobedrijf al maanden overeind met miljarden aan noodkredieten. Als tegenprestatie moet het bedrijf voor maandag laten zien op eigen kracht verder te kunnen. Daarvoor moesten de vakbond en tienduizenden schuldeisers instemmen met saneringsoperaties. De schuldeisers zijn nog niet akkoord, zij verwachten financieel beter te worden van een faillissement.

Zelfs al zouden de schuldeisers instemmen, dan nog wordt daarmee een faillissementsaanvraag voor of op maandag niet definitief voorkomen. Eerder zei GM-topman Fritz Henderson al dat een gang naar de faillissementsrechtbank „waarschijnlijk” was. Maandag zal hij hierover in New York nadere mededelingen doen. In die stad wordt de mogelijke aanvraag ingediend.

Intussen viel in Zweden een belangrijk besluit voor een andere, noodlijdende dochter van GM, Saab. De rechtbank in Stockholm bepaalde dat het Zweedse automerk tot eind augustus de tijd krijgt om een geschikte overnamekandidaat te vinden. Het Italiaanse Fiat, dat dus afviel voor Opel, zou belangstelling hebben, evenals de Britse autofabriek Vauxhall.