Polen verkoopt twee scheepswerven

Polen heeft twee van zijn drie scheepswerven, die een historische rol speelden in de val van het communisme, verkocht. De werven, in Gdynia en Szczecin, aan de Poolse noordkust, hebben 364 miljoen zloty (82 miljoen euro) opgeleverd.

De verkoop is de uitkomst van een jarenlang strijd met de Europese Commissie over oneerlijke staatssteun. Met de opbrengst moeten schuldeisers worden afbetaald en verkregen overheidssubsidies worden terugbetaald.

De koper is United International Trust, aldus de Poolse overheid. Gdynia is verkocht voor 270 miljoen zloty, Szczecin voor 94 miljoen zloty. Over de derde en meest legendarische werf, in Gdansk, bestaat nog geen duidelijkheid. Over het herstructureringsplan van die werf buigt de Europese Commissie zich nog.

Tegen de verkoop bestond veel verzet van havenarbeiders, vooral omdat de nieuwe eigenaar niet verplicht is verder te gaan met scheepsbouw op het werfterrein. Met de twee werven zijn ongeveer negenduizend arbeidsplaatsen gemoeid. Volgens de overheid wil United International Trust zowel scheepsbouw als „andere economische activiteiten” gaan ontplooien.

De Poolse overheid laat weinig los over de koper en zegt ook weinig te weten. De verkoop werd gesloten via een intermediair, Stichting Particulier Fonds Greenrights, een stichting die net als United International Trust geregistreerd is op Curaçao.

In november besloot de Europese Commissie dat Polen zijn scheepswerven moest verkopen, omdat de door Warschau voorgestelde herstructureringsplannen ondermaats waren.

Er zijn al problemen met de scheepsbouw sinds de val van het communisme. Door de historische plek van de werven in de Poolse geschiedenis durfden opeenvolgende regeringen hervormingen niet aan.

De werven gelden als de wieg van Solidariteit, de vrije vakbond van Lech Walesa, die begin jaren tachtig de communisten tot onderhandelingen dwong na massale stakingen in het hele land.

Reportage en achtergrond op nrc.nl/economie