Faust in Barcelona

Miljoenen exemplaren verkocht Carlos Ruiz Zafón van De schaduw van de wind.

Nu is er een nieuwe Zafón. Deze heeft veel weg van een verkapt spookverhaal.

Carlos Ruiz Zafón werd met De schaduw van de wind vanuit het niets een wereldberoemde schrijver. Miljoenen exemplaren verkocht hij, maar helemaal serieus werd het boek in literaire kringen niet genomen. Met zijn mysterieuze sfeer vol cloak-and-dagger-achtige effecten, leek het boek nog het meest op een feuilleton uit de school van vader en zoon Dumas. Het stond ongetwijfeld garant voor een aantal uren spanning en leesplezier, maar grote literatuur was het niet.

Dat oordeel was niet helemaal rechtvaardig, want Zafón betoonde zich in De schaduw van de wind een even vaardig als fantasievol auteur, die op indringende wijze sferen en scènes kon oproepen. In de afwikkeling van het plot betoonde Zafón bovendien zijn kundigheid, door alle lijnen vlekkeloos met elkaar te verknopen.

Na zo’n succes is de volgende roman een hachelijke zaak. In Het spel van de engel heeft Zafón ervoor gekozen voort te borduren op zijn wereldhit, waarnaar hij expliciet verwijst. En opnieuw vormt het betoverende Barcelona van het modernisme, Gaudí en de heimelijke verrotting van huurkazernes en sloppenwijken het decor van het boek, maar de handeling heeft één generatie eerder plaats: niet in de sombere jaren vijftig maar in de turbulente en gewelddadige jaren twintig. Méér nog dan voorheen doet Zafóns Barcelona denken aan de ‘stad der wonderen’ van Eduardo Mendoza, met zijn fabelachtige fortuinen, geforceerde modernisatie, kommervolle armoede en bewogen levensgeschiedenissen op de rand van de geloofwaardigheid. Het grootste verschil is dat Zafón in Het spel van de engel over die laatste is heen getuimeld. Vermoedelijk is zijn literaire inspiratiebron daarvoor indirect verantwoordelijk. In Het spel van de engel heeft Zafón een modern, Barcelonees Faust-verhaal willen schrijven dat zelfs in zijn vorm (het boek is als toneelstuk opgebouwd) naar zijn oorsprong verwijst.

David Martín is de moderne Faust, die niet alleen als schrijver wil slagen, maar ook genezen wordt van een dodelijke kwaal die zijn carrière plotsklaps dreigt te kortwieken. Zijn weldoener is een zekere Corelli, getooid met een engelvormige speld op de smetteloze revers en eigenaar van de Éditions de la lumière, de incarnatie is van Lucifer, zoals Zafón niet nalaat de lezer uit te leggen.

Hoe cultureel-correct ook (net als in De schaduw van de wind zit dit boek vol literaire verwijzingen), die keuze voor het Faust-gegeven pakt in Het spel van de engel ongelukkig uit. Want David Martín mag aan Corelli dan zijn ziel verkopen, in de vorm van een door hem te schrijven boek waarin hij een alternatieve godsdienst van het kwaad moet ontwerpen, de bovennatuurlijke dimensie die daarmee de plot binnensluipt bederft gaandeweg de hele roman. Waar duivels en engelen eraan te pas komen, is een natuurlijke verklaring van de wendingen van het lot niet meer van node.

Precies op dat punt vliegt Het spel van de engel uit de bocht. Niet alleen doet het grand guignol van bloed en verrotting dat Zafón de lezer voorschotelt, steeds minder aan Goethe en steeds meer aan Sarah Bernhardt denken, maar vooral lijdt de spanning van het verhaal merkbaar onder deze aaneenschakeling van onverklaarde en daarmee nogal willekeurige plotwendingen. Tot een hecht geheel wordt Het spel van de engel nergens en daarmee gaat onwillekeurig ook je aandacht verslappen.

Wat het lezen in De schaduw van de wind gaande hield met zijn belofte van een uiteindelijke logica, laat het in dit nieuwe boek steeds verder afweten. Vooral in het tweede deel rijgen de scènes zich futloos aaneen, in een steeds monotoner wordend ritme van dood en verdoeming waaronder – zoals de Spaanse uitdrukking luidt – op het toneel zelfs de souffleur het leven laat. Dat is spijtig, want in het oproepen van intrigerende decors betoont Zafón zich in dit boek nog altijd een meester. Onder zijn hand verandert Barcelona in een wonderstad vol schittering en bederf, die een betere roman verdiend had dan dit verkapte spookverhaal.

Carlos Ruiz Zafón: Het spel van de engel Vertaald door Nelleke Geel. Signatuur, 554 blz. € 25,-