Blind wordt 'rechter- en linkerhand' van Jol

Gisteren presenteerde Ajax Martin Jol als nieuwe coach. Hij ziet een belangrijke rol weggelegd voor oud-speler Danny Blind. ‘Binnen twee jaar moet hier weer een topteam staan.’

Martin Jol tijdens zijn eerste persconferentie als hoofdcoach van Ajax. Foto Roger Cremers Nederland, Amsterdam, 28-05-2009 Presentatie van Martin Jol bij Ajax in Amsterdam. PHOTO AND COPYRIGHT ROGER CREMERS Cremers, Roger

Danny Blind wordt de ‘meesterknecht’ van Martin Jol, de nieuwe trainer van Ajax. De huidige technisch manager blijft die functie bekleden, maar keert als assistent ook terug op het veld nadat hij in 2005 en 2006 al eens hoofdtrainer was bij de Amsterdamse club. Destijds werd hij door het bestuur onder leiding van voorzitter John Jaakke weggestuurd wegens de magere resultaten, en opgevolgd door Henk ten Cate. In het seizoen 2007-2008 was Blind technisch directeur bij Sparta. Algemeen directeur Rik van den Boog sluit niet uit dat de Zeeuw over een aantal jaren Jol opvolgt als hoofdtrainer.

Bij de presentatie van Jol werd gisteren duidelijk dat de Scheveninger drastische wijzigingen heeft afgedwongen in de technische staf van Ajax. Hij noemt Blind zijn „rechter- en linkerhand”. Jol hecht er veel waarde aan dat de voormalige verdediger toetreedt tot zijn staf. „Want hij kent de club van de E-pupillen tot de beloften.” Daarnaast zal Jol net als bij zijn vorige club HSV worden geassisteerd door zijn broer Cock. Deze zegt de jeugdopleiding en de scouting tegen het licht te gaan houden. Cock Jol wordt de schakel tussen die afdelingen en zijn broer Martin.

Ook de Amsterdamse conditietrainer Michael Lindeman verhuist uit Hamburg mee naar Ajax. Hij speelde ooit in de jeugd en bij de zaterdagamateurs van de club uit de Arena. Zijn vader is directeur van het Ajax-museum.

Zelf heeft Martin Jol het etiket manager-coach opgeplakt gekregen. Hij gaat functioneren zoals Alex Ferguson bij Manchester United. Zowel de jeugdopleiding als het aan- en verkoopbeleid valt onder zijn takenpakket. „Ik ga alles delegeren en dan achterover leunen”, grapte Jol. Maar dan serieus: „Er zijn genoeg mensen die werkzaamheden van mij over kunnen nemen, zodat ik me toch hoofdzakelijk met het eerste elftal kan bezighouden.”

Wat dit alles betekent voor de voormalige assistenten van Marco van Basten, John van ’t Schip en Rob Witschge, is nog onduidelijk. Volgens Lindeman kan de al aanwezige looptrainer René Wormhoudt gewoon deel uit blijven maken van de technische staf. „Want voor een groep van 22 spelers is er werk genoeg.”

Volgens Van den Boog past Jol perfect in de profielschets die voor de opvolger van Marco van Basten is samengesteld. Hij was verrast dat de oud-voetballer open stond voor een overgang van een Duitse Bundesligaclub naar Ajax.

En ook Jol verklaarde dat hij twee weken geleden niet had verwacht dat het zo zou lopen. Hij erkent dat er een verschil van inzicht bestond tussen hem en de leiding van HSV. „Want er was voor veertig miljoen euro aan spelers verkocht en ik had pas voor anderhalf miljoen mogen herinvesteren. Er is door HSV naar redenen gezocht om mijn vertrek te verklaren. De waarheid is dat ik in Hamburg nog een contract had voor een jaar en geen zekerheid voor de periode daarna. Die kon Ajax me wel bieden. Meer dan dat zelfs, want ik had voor vijf jaar kunnen tekenen. Maar als het minder gaat, weet je hoe het werkt met de kritiek. Daarom vond ik drie seizoenen genoeg.”

Jol heeft bovendien de toezegging dat hij in enkele nieuwe spelers mag investeren „om het elftal te versterken daar waar nodig is. Verder bezit Ajax genoeg jeugdig talent dat zich nog kan ontwikkelen.” Hij wil zich niet vastleggen op een speelwijze. „Maar Ajax heeft ook afgelopen seizoen met het huidige driespitsensysteem weer de meeste doelpunten in de competitie gemaakt. Het eerste elftal zal onder mijn hoede aanvallend blijven voetballen. Ik heb altijd gekscherend gezegd dat het geen kunst is om met Ajax om de twee jaar kampioen te worden. Daar leg ik me nu niet op vast. Maar binnen twee jaar moet hier wel weer een topteam staan.”