grote bruine envelop

Bruine envelop

Goed, we gaan even het plan doornemen. Vanaf zaterdag zal ik een week lang een tentje opslaan in het Friese terpdorpje Hogebeintum.

Een week zonder contact met de buitenwereld. Dat betekent: geen telefoon en geen internet. Omdat ik toch stukjes voor de krant moet schrijven, heb ik een mooi bruin schriftje gekocht. Daarin kan ik dan, als ik een tekst geschreven heb, eindeloos woorden gaan tellen om te zien of het er niet te veel zijn. Het schriftje geef ik vervolgens aan Jaap (mijn gastouder op de terp) die de teksten naar de krant zal mailen.

Op internet schreef ene ikbestanietecht (ik vermoed dat dit een internetpseudoniem is, of nou ja, waarom ook niet, noem je kind ikbestanietecht, als het maar van de drugs afblijft, goed, ik drijf af) dat mijn bewegingsvrijheid zou moeten worden beperkt tot één vierkante kilometer. Dat vind ik een goed idee. Dat is dus ook afgesproken. Ik heb al met een merkstift een vierkant op een landkaart gezet.

Wat zal ik gaan doen? Zelf denk ik: wandelingetjes maken, mensen bezoeken, veel foto’s maken, geluiden opnemen (ik ben per slot van rekening radiomaker), ’s nachts in mijn tentje huilen omdat ik met mezelf in de knoop zit (je zondert je natuurlijk niet voor niets af), klusjes doen, of gewoon onthaasten voor mijn tent. Ik red me wel. Hoop ik.