Eén ei is geen ei

Crisis, welke crisis? ’t Lijkt eerder een sanering van de windbuilen die luchtsommetjes hebben neergeteld voor lekkemandenkunst. De markt stort niet in, de markt komt tot bezinning. Lang zal dat niet duren, daar staan de begrippen markt en bezinning garant voor.

Heel even wordt het ons vergund een opklaring te zien in het wolkendek van voorthollende gekte. Er zit de klad in de idiote bedragen die voor kunstidioterieën werden betaald.

De markt is dood voor plastic mannenkonten die van muzieknoten zijn voorzien en voor tijgerhaaien in een aquarium met formaldehyde.

De kunstmarkt zelf spreekt tegen dat de kunstmarkt is ingestort. Dat viel te voorspellen. De kunstmarkt is, zo beweert de kunstmark deftig, louter aan het ‘rekalibreren’. ’t Klinkt deftiger dan saneren. Dan vetkwabben wegzuigen. Dan financiële luchtfietsers van de baan duwen.

Sommigen doen ook of er niets aan de hand is. Daniel Loeb, een hedgefondsmanager, heeft zijn Baroque Egg with Bow van Jeff Koons in allerijl verkocht, lees ik in de International Herald Tribune. De koper was Larry Gagosian. Toch telde die nog vijf-en-een-half miljoen neer voor het bovenmaatse ei.

Opluchting in de veilingzaal van Sotheby’s.

„Kopers hebben hun greep op de markt nog niet verloren”, verklaarde Larry Gagosian met een stalen gezicht. „Ze hebben de touwtjes stevig in handen.”

Maar Larry Gagosian is de kunsthandelaar uit Manhattan die Jeff Koons vertegenwoordigt.

Zo iemand zal zich nog uitkleden en zijn moeder verkopen om de prijzen van Jeff Koons boven de nulgrens te houden.

Geld en kunst, je raakt er niet over uitgepraat. Voor het mooiste gedicht hoef je geen cent te betalen. Het geniaalste concert valt gratis te beluisteren. Maar een roestvrijstalen ei kost, in volste crisistijd, vijf-en-een-half miljoen.

Voor kunstwonderen gaan met gemak tien miljoen, vijftig miljoen, tachtig miljoen over de toonbank.

Speciale dingetjes voor speciale mensen. Tot kunst gebombardeerde geintjes als ruilmiddel voor beurstypes.

Er zijn minstens vijf versies van het barokke ei in omloop. U vraagt, wij bakken.

Daniel Loeb betaalde vijf jaar geleden drie miljoen voor zijn ei. Hij speelt nu misschien net quitte, als we de opcenten van toen en de veilingkosten van nu incalculeren. Slechte investering.

Toch bleef sommige kunst het nog behoorlijk doen op de veiling waar de mannenkont en de tijgerhaai jammerlijk ten onder gingen.

Van die dingetjes, weet je wel, met een lijst eromheen en, verdomd als het niet waar is, met een spijker om ze op te hangen.