De koe wordt duur betaald - maar niet overdrijven

Er wordt van alles geroepen in de campagne voor de Europese verkiezingen. Wat moet de kiezer geloven? Zes mythes en feiten tegen het licht gehouden.

Nederland, Ubbergen, 22-10-2008 Jonge koe in een wei. Foto: Flip Franssen

De EU heeft 170.000 ambtenaren. En: een Nederlands gezin betaalt jaarlijks 1100 euro aan de Unie. Of: tachtig procent van de wetgeving komt uit Brussel. Ieder debat rond de Europese verkiezingen kent wel uitlatingen die de wenkbrauwen doen fronsen. Wat is waar en wat niet?

1„Een gemiddeld Nederlands gezin betaalt 1100 euro per jaar aan Brussel.” (PVV-lijsttrekker Barry Madlener in radioprogramma Tros Kamerbreed, 2 mei)

Wat de voorbije jaren betreft zit Madlener er niet ver naast. In 2007 betaalde Nederland volgens gegevens van het ministerie van Buitenlandse Zaken netto per inwoner 268 euro aan de EU-begroting. Voor een gezin van vier personen komt dit neer op 1072 euro per jaar.

Met ingang van dit jaar verandert dit. Bij de onderhandelingen over de Europese begroting voor de periode 2007-2013 bedong Nederland een jaarlijkse korting op de afdracht van één miljard euro. Deze is dit jaar in werking getreden; het te veel betaalde in 2007 en 2008 wordt teruggestort. Hierdoor daalt de netto-afdracht per hoofd van de bevolking naar zo’n 160 euro. Samen met Duitsland en Zweden blijft Nederland de grootste nettobetaler. Daar staat tegenover dat Nederland in de periode 1981-1990 netto-ontvanger was.

2„Europa verschaft ons elk jaar een dertiende maand.” (PvdA-lijsttrekker Thijs Berman, 28 april in de Volkskrant)

Het Centraal Planbureau (CPB) berekende in september 2008 inderdaad dat deelname aan de Europese interne markt iedere Nederlander jaarlijks een extra inkomen oplevert van 1500 tot 2200 euro. Daarmee profiteert Nederland van alle lidstaten het meest. Het CPB verwacht dat de Nederlandse baten de komende decennia ruimschoots verdubbelen tot 15 procent van het bruto binnenlands product (nu 6 procent). Dit komt doordat de EU-dienstenrichtlijn van kracht wordt. Hiermee krijgen onder anderen architecten en ict’ers makkelijker toegang tot markten in andere lidstaten.

3,,Tachtig procent van de regelgeving die door de Tweede Kamer op tafel wordt gelegd, komt rechtstreeks uit Brussel.” (Eline van den Broek, lijsttrekker van de pan-Europese partij Libertas, in het tv-programma Goedemorgen Nederland, 6 mei)

Hier is sprake van een euromythe. In 1985 zei Jacques Delors, toenmalig voorzitter van de Europese Commissie, dat tachtig procent van de economische wetgeving van een EU-lidstaat een Europese oorsprong had. Die uitspraak is een eigen leven gaan leiden.

Zo hield staatssecretaris Atzo Nicolaï van Europese Zaken het er in 2004 op dat zestig procent van alle Nederlandse wetgeving uit Europa kwam. Maar in datzelfde jaar kwamen twee verschillende Nederlandse wetenschappelijke onderzoeken op veel lagere percentages uit (16 en 23 procent). Duitse en Amerikaanse bevindingen over Duitse wetgeving noteerden eenderde en eenvijfde van de nationale wetgeving.

Sindsdien is in Nederland geen breed onderzoek gedaan. Het T.M.C. Asser Instituut voor internationaal en Europees recht waarschuwde in 2007 voor algemene uitspraken over de Brusselse invloed, omdat die per beleidsterrein enorm verschilt. Het Asser Instituut onderzocht zelf twee terreinen: milieu en onderwijs. Bij milieu bleek tenminste 66 procent van de nationale regelgeving een Brusselse oorsprong te hebben, bij onderwijs was dat tenminste zes procent.

4„Als mensen zeggen dat hier zo ontzettend veel ambtenaren werken, dan is dat allemaal gelogen.” (Eurocommissaris Neelie Kroes op een lijsttrekkersdebat in Brussel, 9 mei)

Volgens Kroes zijn er 32.000 EU-ambtenaren. SP-lijsttrekker Dennis de Jong telt er 170.000. Vanwaar dit verschil? Kroes telt alleen ambtenaren die voor de Europese Commissie werken. In 2008 waren dit er volgens ‘Brussel’ 22.281 in vaste dienst. Verder waren er 1.542 tijdelijke krachten en 5.512 door de lidstaten gedetacheerde ambtenaren die door de nationale overheden worden betaald. Maar de EU is meer dan de Commissie. Bij het parlement en de Europese Raad, waarin de lidstaten samenwerken, zijn ook zo’n 10.000 ambtenaren in dienst. Samen met de duizenden ambtenaren die werken voor EU-agentschappen als Europol (de Europese politiediensten) in Den Haag, het Hof van Justitie en de Europese Rekenkamer heeft de EU zo’n vijftig- tot zestigduizend ambtenaren.

De SP baseert zich op onderzoek van de Britse eurosceptische denktank Open Europe. Daarin worden tot de Europese ambtenaren ook nationale ambtenaren gerekend die betrokken zijn bij het opstellen van Europese wetsvoorstellen en invullen van details van EU-wetgeving. Zij staan op de loonlijst van nationale overheden.

5„Een EU-ambtenaar verdient netto het twee- tot drievoudige van een Nederlandse ambtenaar op hetzelfde functieniveau.” (CDA-lijsttrekker Wim van de Camp op 27 april tegenover De Telegraaf)

Verdienen EU-ambtenaren inderdaad veel meer dan hun Haagse collega’s? Ja. Het basissalaris bij de Europese Commissie varieert van 2.300 euro per maand voor de laagste ambtenaar tot 16.000 euro voor een topambtenaar. Daarnaast zijn er toelagen. Zo hebben Commissie-ambtenaren die hun vaderland hebben verlaten, recht op een ‘ontheemdingstoelage’ van 16 procent van het basissalaris. De meerderheid van de Nederlandse rijksambtenaren verdient tussen de 1.500 en 3.000 euro. Een kleine 40 procent verdient tussen de 3.000 en 5.000 euro. In 2007 telde de rijksoverheid 33 ambtenaren die meer verdienden dan de 169.000 die een minister kreeg. De toelatingseisen voor EU-ambtenaren zijn strenger dan voor Nederlandse rijksambtenaren.

6„Iedere koe in de EU krijgt anderhalve euro subsidie per dag.” (Natasja Oerlemans, lijsttrekker voor de Partij voor de Dieren, in het tv-programma Pauw en Witteman, 7 mei)

Bij navraag blijkt Oerlemans zich te baseren op een rapport van ontwikkelingsorganisatie Oxfam uit 2002. Daarin stond dat iedere koe in de EU met twee dollar per dag werd gesubsidieerd. Of dat klopte, kunnen wetenschappers van de Wageningen Universiteit niet bevestigen. Jack Peerlings, universitair hoofddocent agrarische economie en plattelandsbeleid, meent dat de stelling nu niet meer klopt. De subsidies zijn de voorbije jaren verminderd. Peerlings komt voor 2005 uit op zo’n 30 eurocent per koe per dag. Daarbij rekent hij de in 2005 verstrekte exportsubsidies mee, evenals de bedrijfstoeslagen. Andere subsidies niet, zoals op diervoeders, maar die zijn volgens hem beperkt.

Oerlemans erkent dat het bedrag van anderhalve euro niet klopt. Ze houdt het nu op één euro. Volgens Peerlings is dit nog steeds veel te hoog. Volgens Arie Oskam, hoogleraar agrarische economie en plattelandsbeleid, is het door de manier waarop na 2005 subsidies worden verstrekt onmogelijk een bedrag per koe te berekenen. Dit komt doordat een hectaretoeslag is ingevoerd: een vaste uitbetaling onafhankelijk van de hoeveelheid melk die een boer produceert. Het EU-landbouwbudget beslaat 42 miljard euro.

Rectificatie / Gerectificeerd

Correcties en aanvullingen

EU-ambtenaren

In De koe wordt duur betaald – maar niet overdrijven (28 mei, pagina 7) staat dat in 2008 bij de Europese Commissie 5.512 ambtenaren werkten die door de nationale overheden worden betaald. Begin 2009 waren het echter 1.106 ambtenaren. Begin 2009 werkten er wereldwijd 35.840 werknemers voor de Europese Commissie.

    • Wilmer Heck