Berlijn boos over nieuwe eisen GM Schuldeisers GM werken niet mee

Duitsland heeft geïrriteerd gereageerd op nieuwe financiële eisen die de noodlijdende Amerikaanse autoproducent General Motors gisteren heeft gesteld aan de overname van de Duitse GM-dochter Opel. Volgens de Duitse minister van Financiën Steinbrück gaat het om een onverwachte tegenvaller van „ongeveer 300 miljoen euro”.

De Duitse regering heeft gisteren en vannacht elf uur onderhandeld met GM en de Amerikaanse overheid, maar nog geen voorkeur uitgesproken voor één van de twee overgebleven kandidaat-redders van Opel: het Italiaanse Fiat of de Canadese fabrikant van auto-onderdelen Magna. De Duitse overheid wil nu eerst meer informatie van GM en de Amerikaanse overheid. De in België beursgenoteerde investeerder RHJ is wel definitief uit beeld als koper. De positie van de Chinese autofabrikant Beijing Automotive Industry, die zich ook heeft gemeld, is onduidelijk.

Tegelijkertijd hebben gisteren in de Verenigde Staten de schuldeisers van GM geweigerd hun miljardenvorderingen op de grootste autofabrikant ter wereld op te geven in ruil voor aandelen in het bedrijf. Zowel de Amerikaanse overheid als GM zelf had dit als voorwaarde gesteld om een faillissementsaanvraag te voorkomen. Een faillissement van GM is daarmee dichterbij dan ooit.

Als GM omvalt, is dat het grootste industriële bankroet ooit in de Verenigde Staten. Vanwege GM’s omvang en internationale vertakkingen vrezen economen en politici voor een effect dat wereldwijd kan doorwerken.

Vervolg GM: pagina 15

Schuldeisers GM werken niet mee

General Motors, de eigenaar van onder meer Opel, Saab en GMC, wordt al maanden overeind gehouden door de Amerikaanse overheid. Die heeft voor 19,4 miljard dollar aan noodkredieten verstrekt, maar wil in ruil daarvoor uiterlijk maandag uitgewerkte plannen en afspraken zien waaruit blijkt dat een afgeslankt GM op eigen kracht kan voortbestaan.

In onder meer Duitsland, Italië, China en Japan doen overheden en autobedrijven nu pogingen om voor het verstrijken van de deadline op maandag delen van GM te behouden of aan te kopen.

De wereldwijde autosector zet per jaar meer om dan de totale economie van Frankrijk groot is en biedt werk aan negen miljoen mensen. Elke baan in de autosector zou minstens vijf anderen aan het werk houden; in de VS wordt dat aantal zelfs op tien banen per autobaan geschat.

De tienduizenden Amerikaanse schuldeisers – van financiële instellingen tot individuen – hadden voor 27 miljard dollar aan vorderingen bij het bedrijf uitstaan. GM bood aan die om te zetten in aandelen, zodat de schuldeisers samen 10 procent van een mogelijk ‘nieuw’ en uitgekleed GM in handen zouden krijgen.

Het bedrijf stelde als eis dat 90 procent van de schuldeisers zou instemmen, maar liet gisteren alleen weten dat „aanzienlijk minder dan het vereiste aantal” heeft ingestemd.

Het voornaamste bezwaar van de schuldeisers is dat hun aandeel in een nieuw bedrijf kleiner is dan dat van de overheid en autovakbond UAW, terwijl deze partijen minder in GM hebben geïnvesteerd. De Amerikaanse overheid zou een belang van 70 procent krijgen en het vakbondsfonds dat de ziektekostenverzekeringen van GM-werknemers en -gepensioneerden beheert zou minimaal 17,5 procent krijgen. Eerder kwam Chrysler al met een vergelijkbare reddingsactie in handen van autovakbond UAW. Ook Fiat verwierf daarbij een belang in Chrysler.

Meer over General Motors op nrc.nl/economie