Oud-verslaggevers: wij lieten 'Watergate' lopen

Het was een primeur waar elke journalist van droomt. Een onthulling over grof machtsmisbruik die de machtigste man ter wereld ten val bracht: het Watergate-schandaal. En naar nu blijkt lieten twee journalisten van The New York Times deze scoop van de eeuw mogelijk schieten, waarna twee collega’s van de concurrerende The Washington Post er mee vandoor gingen en eeuwige roem verwierven.

Dat althans stellen twee voormalige Times-verslaggevers, Robert Smith en Robert Phelps. Volgens Smith zat hij enkele maanden na de inbraak in het hoofdkwartier van de Democratische partij (in het Watergate-gebouw) aan bij een lunch met FBI-directeur Patrick Gray. Die zou daarbij hebben laten doorschemeren dat het Witte Huis van Nixon betrokken was bij de inbraak.

Terug op de redactie vertelde Smith zijn verhaal meteen aan zijn chef, Phelps. Die hun gesprek opnam op band. Smith kon het verhaal niet natrekken: hij begon net aan een rechtenstudie. Phelps ging op reportage in Alaska.

Smith komt nu met zijn verhaal naar buiten, omdat Phelps er in zijn binnenkort te verschijnen memoires over schrijft. Phelps zegt niet te weten wat er met de geluidstape is gebeurd, noch waarom geen vervolgonderzoek plaatshad . „Waarom we faalden, blijft voor mij een mysterie.”