Een rechter met levenservaring

Obama droeg gisteren een nieuwe opperrechter voor. Sonia Sotomayor heeft een bijzonder levensverhaal. En Obama kan met haar nominatie politiek scoren.

US President Barack Obama stands alongside his nominee for Supreme Court Justice, Appeals Court Judge Sonia Sotomayor, in the East Room of the White House in Washington, DC, May 26, 2009. Sotomayor if confirmed, will serve as the first Hispanic justice on the Supreme Court. TOPSHOTS / AFP PHOTO / Saul LOEB AFP

Ze houdt van soft rock en mag graag gaan feesten in New Orleans. Ze heeft al sinds zevenjarige leeftijd suikerziekte, en studeerde summa cum laude af op Princeton. En hoewel zij een veelzijdige loopbaan in de magistratuur achter de rug heeft, zal ze de komende tijd vooral worden aangesproken op één vonnis van twee jaar geleden – over brandweermannen.

Sonia Sotomayor (54) werd gisteren door Barack Obama voorgedragen voor het Hooggerechtshof, en uit eerste reacties bleek dat haar kansen op een benoeming groot zijn. Ze zou de eerste latino worden die tot het hoogste rechtscollege van de VS toetreedt.

Het Hof toetst juridische geschillen aan de Grondwet en bestaat uit negen leden. Vier van hen worden tot de progressieve factie gerekend, en Sotomayor zou een van deze vier opvolgen, David Souter, die met pensioen gaat.

Obama vroeg gisteren aandacht voor haar bijzondere levensverhaal. Het laat volgens hem zien dat zij de juridische kwalificaties en het inlevingsvermogen heeft een goede opperrechter te zijn.

Sotomayor is de dochter van Puertoricaanse immigranten uit de Bronx. Haar vader overleed toen ze negen was en haar moeder, een verpleegster, nam twee banen om haar beide kinderen te onderhouden. Van haar laatste centen kocht ze een encyclopedie om ze het belang van kennis bij te brengen. Haar zoon werd arts en Sonia, die amper Engels sprak toen ze acht was, schopte het achtereenvolgens tot aanklager, advocaat, universitair docent en rechter.

Geïnspireerd door televisiedetectives wilde zij als kind rechercheur worden. Toen dat door haar suikerziekte onmogelijk bleek – ze spuit sinds haar zevende dagelijks insuline – zette ze haar zinnen op de magistratuur. Net als Michelle Obama zei ze later over haar jaren op Princeton dat ze zich daar altijd een buitenstaander voelde, hoewel ze de beste van haar lichting was. Als aanklager en later rechter had ze het imago van een crimefighter, die straatschoffies en witteboordencriminelen het liefst maximumstraffen oplegde.

Sotomayor is officieel partijloos, maar zou zeker tot de progressieve factie van het Hof behoren. Obama, zelf voormalig docent staatsrecht, vertelt vaak wat er volgens hem mankeert aan de visie van de vier conservatieve leden van het Hof. Zij zien, zeggen ze, hun werk als een puur technische exercitie: blijf zo dicht mogelijk bij de letter van de wet, ga niet op de stoel van de politicus zitten.

Tegelijk is Obama bijzonder afkerig van het feit dat de conservatieve voorzitter van het Hof, John Roberts, af wil rekenen met de meeste positieve discriminatie. Er blijkt volgens Obama uit dat Roberts een studiekamergeleerde is die geen idee heeft hoe groot de sociale verschillen in zijn land zijn.

Het is de reden dat de zaak van de brandweermannen waarschijnlijk zoveel aandacht zal krijgen. Als lid van een gerechtshof in New York wees Sotomayor in 2008 de claim van zeventien brandweermannen – zestien blanken, een latino – af dat zij waren gediscrimineerd door hun werkgever.

De 17 uit New Haven, Connecticut, kregen een test om te bepalen wie voor promotie in aanmerking kwam. Toen bleek dat zwarte collega’s slechtere resultaten boekten bij de schriftelijke test, schrapte het stadsbestuur de resultaten als norm voor de promotiebeslissing.

Sotomayor oordeelde in 2008 dat het bestuur in zijn recht stond: de bestaande regels maakten het in haar ogen onmogelijk de zwarte brandweerlieden promotiekansen te onthouden op grond van een schriftelijke test. De zaak is vorige maand door het Hooggerechtshof mondeling behandeld, en alles wijst erop dat het Hof onder Roberts’ leiding de brandweermannen alsnog in het gelijk zal stellen.

Het laat zien hoe handig Barack Obama is. Als het Hof de brandweermannen hun zin geeft, dan handelt de conservatieve factie volgens het stramien dat men progressieve collega’s zo vaak verwijt: op de stoel van de politicus gaan zitten. Voor Obama een mooie aanleiding zijn punt te maken. Volgens hem is het onvermijdelijk dat rechters soms wetgeving interpreteren en dus op de stoel van politici gaan zitten. Maar dat moeten dan wel rechters zijn die, anders dan Roberts, kennis hebben van de wereld buiten de wetboeken en, zoals Sotomayor, over de levenservaring beschikken om zulke oordelen te vellen. Dat is voor Obama de inhoudelijke betekenis van Sotomayors voordracht: zij moet de vrouw worden die binnen het Hof de strijd tegen de conservatief-intellectuele dominantie van Roberts aangaat.

De Republikeinen in de Senaat worden met de voordracht klem gezet. Zij zouden Sotomayor het liefst zo agressief mogelijk bestrijden. Maar het is niet waarschijnlijk dat ze de nominatie beletten; de Democraten hebben vermoedelijk genoeg stemmen. Bovendien symboliseert Sotomayor een van de grootste problemen voor de partij. De wegkwijnende aanhang onder latino’s is een de redenen dat Republikeinen electoraal in het slop zitten. En een aanval op Sotomayor, de eerste latino die het Hof kan bereiken, zou dat probleem alleen maar vergroten.

    • Tom-Jan Meeus