Een kleurrijke, vibrerende ode aan het leven

Tentoonstelling: Cuba! t/m 20 september in het Groninger Museum, Museumeiland 1, Groningen. Di-zo 10-17u, vr 10-22u. Inlichtingen 050-3666555 of www.groningermuseum.nl ****

In mei 1967 kwamen honderd kunstenaars bijeen om samen een ode aan de Cubaanse Revolutie te schilderen. Ze hadden een stuk canvas netjes in vakjes verdeeld waarin ieder zijn ding kon doen. Het werd een spetterend feest van moderne stijlen – surrealisme, pop art, abstracties, folk art – plaatjes van vrouwen, muziek, slogans als ‘Viva la Revolución’ en Franse teksten. Alles kon. Want al is Cuba een eiland, en sinds 1959 een communistisch eiland, van isolement heeft de kunst er weinig last gehad. „Onze vijanden zijn het kapitalisme en het imperialisme,” zei Castro. „Niet de abstracte kunst.”

Het schilderij vat de Cubaanse kunst goed samen: een kleurrijke, vibrerende ode aan het leven en aan alles wat er wereldwijd in de kunst gebeurde. Onlangs is het gerestaureerd, op tijd voor Cuba!: een museale tournee van Cubaanse kunst, die nu bijna bij toeval in het Groninger Museum te zien is. De geplande tentoonstelling over Hanzesteden ging niet door. Cuba! was een welkom alternatief. Nooit eerder was buiten Cuba zo’n groot overzicht Cubaanse kunst te zien. Driehonderd schilderijen, posters, en historische foto’s vanaf 1868 zijn samengebracht in een poging een politiek verhaal te vertellen. De kunst moet illustreren hoe Cuba na een onafhankelijkheidsstrijd uitgroeit tot een volwassen en zelfbewuste natie.

Toen in 1868 een Spaanse herenboer in Cuba de onafhankelijkheid uitriep en een oorlog begon, schilderden de Cubaanse kunstenaars nog Europees academisch – landschappen, meisjes met bloemen in het haar, soms een neerbuigende karikatuur van zwarte slaven. In de loop van vorige eeuw deden Parijse modes als surrealisme en kubisme hun intrede en dat kosmopolitisme zou blijven. Daardoor werd Cuba het meest swingende communistische land ter wereld. Staatsaffiches van rond 1970 toonden geen tuttige Sovjetboerinnen maar volksheld Che, badend in hippie-regenboogkleuren. Een postercampagne met spetterende Pop Art cijfers zweepten het volk op om de gehoopte tien miljoen ton suikerrietoogst te halen – VS, eat your heart out.

Ook de schilderkunst was internationaal. Alfredo Sosabravo schilderde in de ruwe verfhuid van de abstracte ‘art brut’ stijl een man in rulle, bruine verf – een huid die minder abstract wordt door de titel: Napalmman. Maar net zo lief schilderden Cubanen het gewone leven – het fotorealistische All you need is love van Flavio Garciandía, naar de in Cuba verboden Beatlessong, toont een vrouw die je gelukzalig toelacht.

De zaalteksten vertellen steeds over de mate van ‘Cubaansheid’ waar de kunst in zou verkeren, maar de geëxposeerde kunst trekt zich daar weinig van aan. Die waaiert vrolijk en eigenwijs alle kanten uit. Alleen de recente kunst illustreert het politieke tentoonstellingsverhaal, met persoonlijke visies op een onzekere politieke toekomst. Zoals de ‘ideologiedetector’ van Lázaro Saavreda. De naald van dit apparaatje slaat, zoals te verwachten, uit op ‘problematisch’.

Het politieke verhaal van de curatoren is te dwingend en eenzijdig om de kunst recht te doen. Het is een mooi verhaal, vooral vanuit Amerikaans perspectief – en daar zit hem dan ook de crux. De Canadese en Amerikaanse samenstellers hebben hun eigen ideaalbeeld van een onafhankelijk en zelfbewust land geprojecteerd op de kunstgeschiedenis van Cuba. Dat is niet zomaar. Deze tentoonstelling is geen doel, het is een politiek middel.

Sinds de Amerikaanse president Barack Obama aankondigde het in Cuba gelegen gevangeniskamp Guantanamo Bay te sluiten, gloort in Noord-Amerika hoop op nieuwe bondgenootschappen. De Cubaanse economie is hersteld van de val van de Sovjetunie maar zoekt nieuwe allianties, en voor de Verenigde Staten is een nieuwe partner welkom nu Azië zo snel groeit. Het woord ‘vriendschap’ keert alvast terug in elke slotzin van de zaalteksten, folders, catalogus.

Kunst – in onze tijd symbool van weelde en vrijheid – past in een PR-campagne om Cuba internationaal te profileren als vakantieland en handelspartner. Het zal de Castro’s deugd doen dat vakantiemuziek in Groningen door het museumrestaurant trompettert en Cubaanse lekkernijen op de lunchkaart staan. Zo bezien is Cuba! toch een uitermate politieke tentoonstelling.

    • Sandra Smets